Koerdische burgemeesters opgepakt

Door Bert Bakkenes

Het begint er steeds meer op te lijken dat de Turkse staat geen interesse heeft in een vreedzame oplossing van de Koerdische kwestie. Niet alleen is de vredespolitiek van de Arbeiderspartij van Koerdistan (PKK) tot nu toe onbeantwoord gebleven, de staat begon zelfs een offensief om de gekozen vertegenwoordigers van het Koerdische volk te criminaliseren. Op zaterdag 19 februari werden drie burgemeesters van de pro-Koerdische partij Hadep op straat gearresteerd door zwaar bewapende politiefunctionarissen.

De drie mannen werden overgebracht naar een ondervragingscentrum, en na lange verhoren officieel in staat van beschuldiging gesteld. Het gaat om de burgemeester van de Koerdische hoofdstad Diyarbakir, Feridun Celik, de burgemeester van Siirt, M. Selim Özalp en de burgemeester van Bingöl, Fersullah Karaaslan. De burgemeesters werden vorig jaar samen met een groot aantal andere Hadep-leden met een overweldigende meerderheid gekozen. De mannen worden er nu van beschuldigd banden te hebben met de PKK. Op 25 februari werden de burgemeesters, samen met de burgemeester van Agri, uit hun ambt gezet.

Protesten
De arrestatie van de burgemeesters heeft tot woedende protesten geleid in een aantal Koerdische steden. Mensen gingen massaal de straat op om de vrijlating van hun volksvertegenwoordigers te eisen. De demonstraties werden door de politie uit elkaar geslagen en honderden mensen werden gearresteerd. De burgemeesters hadden niet alleen in Koerdistan en Turkije een goede reputatie als volksvertegenwoordiger opgebouwd, ook zijn ze bekend in vele landen van Europa. Kortgeleden waren ze te gast op een conferentie over gemeentelijke problemen in Duitsland.

Uit heel Europa zijn dan ook protestfaxen en brieven naar de Turkse autoriteiten gestuurd, en ook een aantal regeringen bemoeien zich intussen met de zaak. Dit heeft weer tot woede binnen de Turkse regering geleid, omdat men de campagne om de burgemeesters vrij te krijgen als inmenging in interne aangelegenheden ziet. Volgens de Turkse premier Ecevit werkt het Turkse juridische systeem prima en hoeft niemand zich zorgen te maken. Voor een beetje kenner van het Turkse systeem natuurlijk een onzinnige bewering.

Op 28 februari zwichtte de Turkse staat uiteindelijk voor de grote internationale druk en liet de burgemeesters vrij. De mannen werden door 2000 aanhangers bij de gevangenispoort opgewacht. Opnieuw trad de politie hard op tegen de menigte. De burgemeesters zijn intussen ook in hun ambt hersteld, maar de beschuldigingen zijn niet ingetrokken. Wanneer de rechtszaak begint is nog niet bekend.

PKK reactie
De arrestatie van de burgemeesters heeft ook tot een reactie van de Presidentiële Raad van de PKK geleid. In een persverklaring zegt de PKK dat de beschuldigingen tegen de burgemeesters maar een voorwendsel zijn om druk uit te oefenen op de Hadep en haar functionarissen. De beweging roept de Turkse autoriteiten op om de Hadep met rust te laten en actie te ondernemen tegen figuren als ex-premier Tansu Ciller, die zich schuldig hebben gemaakt aan oorlogsmisdaden tegen het Koerdische volk.

Verder waarschuwt de PKK dat "de spanningen zullen toenemen en het democratiserings- en vredesproces in de verdrukking zal raken, als de huidige handelwijze wordt voortgezet." De PKK heeft opgeroepen tot vreedzame protesten tegen de arrestaties en de repressie tegen de Hadep en andere democratische organisaties.

Gevangenisstraf
Overigens zijn niet alleen de Hadep-burgemeesters slachtoffer van de nieuwe repressiecampagne. Ook de voormalig Hadep-leider Murat Bozlak, en de huidige voorzitter Ahmet Turan Demir hebben afgelopen week samen met nog 16 andere leidende kaders van de partij een gevangenisstraf van drie jaar en negen maanden opgelegd gekregen, na een langlopende rechtszaak. De Hadep-kaders werden schuldig bevonden van het deelnemen aan een hongerstaking gericht tegen de arrestatie van PKK-leider Abdullah Öcalan een jaar geleden. Ook loopt er nog een procedure die tot de volledige opheffing van de partij kan leiden.

Hoewel een aantal Europese landen verontwaardigd reageerde op de repressie tegen Hadep, hebben zowel de Britse als Franse regering harde acties tegen Turkije uitgesloten. Dit heeft vooral te maken met nieuwe handelsovereenkomsten onder meer op het gebied van energie.

Media
Zelfs de Turkse media liggen op dit moment onder vuur. Het Turkse CNN-satellietstation mag één dag lang niet uitzenden naar aanleiding van een opmerking in een discussieprogramma. Een presentator stelde de vraag of PKK-leider Abdullah Öcalan ooit een Koerdische Nelson Mandela zou worden. De vraag werd meteen uitgelegd als propaganda voor de PKK en met een zendverbod bestraft.

Uit dit alles kan maar één conclusie worden getrokken. De Turkse autoriteiten, en vooral het leger, willen de ontkennings- en vernietigingspolitiek tegen het Koerdische volk voortzetten. Democratisering van de Turkse samenleving zit er voorlopig niet in. PKK-leider Abdullah Öcalan heeft door middel van zijn advocaten duidelijk gemaakt dat de PKK geen concessies meer zal doen. De Koerdische beweging heeft de nodige stappen gezet. Het is nu aan de Turkse staat om hier iets tegenover te stellen.

Bronnen: verklaringen Hadep, PKK Presidentiële Raad