Tekst van de handtekeningenactie van het Landelijk Platform tegen de Nieuwe Oorlog

Geen militaire actie tegen Irak

Verklaringen vanuit de Amerikaanse regering laten er geen twijfel over bestaan: op korte termijn zal er militaire actie ondernomen worden tegen het regime van Saddam Hoessein in Irak teneinde dit omver te werpen. Hoe en wanneer deze actie precies plaats zal vinden en wat de Verenigde Staten gaan doen na een eventuele val van Saddam is nog onbekend.

Het Amerikaanse voornemen en de Nederlandse reactie daarop baren ons grote zorgen. Verschillende landen, waaronder Frankrijk, Duitsland en Canada, hebben zich inmiddels uitgesproken tegen militaire actie tegen Irak. Zelfs binnen de Britse regering, in alle opzichten de meest loyale bondgenoot van de Amerikaanse regering, nemen de twijfels steeds meer toe. De Nederlandse regering blijft echter onverkort achter de Amerikaanse regering staan. De Nederlandse regering zou zich naar onze mening alsnog krachtig uit moeten spreken tegen elke vorm van militaire actie tegen Irak en de verzekering moeten geven dat hieraan door Nederland op geen enkele wijze deelgenomen zal worden.

Dubieuze gronden

De redenen voor een aanval tegen Irak die de Amerikaanse regering naar buiten brengt, komen er op neer dat de Iraakse regering niet alleen een gevaar vormt voor de inwoners van dat land en het hele Midden-Oosten, maar vooral ook voor de Verenigde Staten. Daarbij wordt met name gewezen op de vermeende aanwezigheid van massavernietigingswapens in Irak en op de pogingen van Saddam die in bezit te krijgen. Overtuigend bewijs voor deze beweringen ontbreekt echter.

Daar veel meer landen massavernietigingswapens hebben of pogen te krijgen is de Amerikaanse actie gebaseerd op willekeur. Inspecties van de VN dienen breder opgezet te worden, met het oog op wapenbeheersing in het algemeen.

Het conflict met Saddam dient niet door de dreiging met een militaire aanval, maar via diplomatiek overleg en onderhandelingen geregeld te worden. Ook zullen er garanties gegeven moeten worden dat inspecties niet, zoals in het verleden bij Irak het geval was, voor spionagedoeleinden misbruikt zullen worden.

De werkelijke redenen voor een militaire actie tegen Irak hebben meer met economische belangen dan met mensenrechten te maken. De Verenigde Staten willen de wereldolievoorraden controleren door de olieproducerende landen van pro-Amerikaanse regeringen te voorzien.

Bovendien houden de Verenigde Staten veel andere repressieve regimes (zoals Saoedi-Arabië), die haar gunstig gezind zijn, wel in stand. Een Amerikaanse militaire aanval op Irak zou ook een sterke verbreding van de 'oorlog tegen het terrorisme' betekenen. Met de aanslagen van 11 september 2001 heeft het in ieder geval niets meer te maken.

Onwettig

Een Amerikaanse aanval op Irak moet beschouwd worden als een aanvalsoorlog, een daad van agressie in strijd met het internationaal recht. Van zelfverdediging is geen sprake wanneer de VS de aanval openen. Een dergelijke actie schept bovendien een gevaarlijk precedent voor de toekomst.

Mogelijke gevolgen

De gevolgen van een Amerikaanse militaire actie tegen Irak voor het toch al weinig stabiele Midden-Oosten zijn onzeker, maar kunnen in hoge mate desastreus uitpakken. Mede door de onvoorwaardelijke pro-Israëlische politiek van de Verenigde Staten kan zo'n actie ertoe leiden dat een groot deel van de islamitische wereld zich sterk tegen het Westen keert. De Amerikaanse willekeur en arrogantie van de macht versterken de voedingsbodem voor nieuwe terroristische aanslagen en geven staten in de regio een nieuw motief om toegang tot massavernietingswapens proberen te krijgen, waardoor een hernieuwd proces van proliferatie in gang gezet wordt.

De Iraakse reactie zal afhangen van de mogelijkheden die Saddam Hoessein nog ziet om als leider te overleven. In het zicht van zijn val, zal de neiging groot zijn alle beschikbare middelen in te zetten, bijvoorbeeld in een laatste offensief tegen Israël. Het mogelijke gebruik van atoomwapens door de Israëlische regering, kan het conflict enorm uit de hand doen lopen en grote delen van het Midden-Oosten in brand zetten.

De gevolgen van een militaire aanval voor de Iraakse bevolking zullen hoe dan ook enorm zijn. In Afghanistan zijn in het afgelopen jaar duizenden mensen om het leven gekomen die part nog deel hadden aan de strijd. In het meer verstedelijkte Irak zal het slachtofferaantal mogelijk nog veel hoger worden.

Een burgeroorlog is niet ondenkbaar. Daarnaast zal de reeds jarenlang door sancties ontwrichte samenleving nog grotere schade oplopen. Tenslotte is het nog maar helemaal de vraag of een nieuwe, door de Verenigde Staten gesteunde, Iraakse regering zich socialer en humaner tegen de bevolking op zal stellen dan het regime van Saddam.

Op democratiseringsprocessen in de regio, maar ook op democratie en burgerrechten in het Westen, zal een oorlog een ongunstige invloed uitoefenen. Ook zal er in veel landen een verdere militarisering van overheidsuitgaven plaatsvinden en kan vreemdelingenhaat aangewakkerd worden.

Nederlandse opstelling

De Nederlandse regering zou zich wat ons betreft alsnog moeten uitspreken tegen elke vorm van militaire actie tegen Irak en zich moeten onthouden van enigerlei bijdrage hieraan. Dit betekent niet alleen dat er geen Nederlandse militairen aan zo'n actie moeten deelnemen, maar ook dat er geen Amerikaans materieel via Nederland richting het Midden-Oosten verplaatst mag worden, dat Nederlandse militairen geen operaties elders van de Amerikaanse krijgsmacht gaan overnemen, dat er geen NAVO-faciliteiten binnen de Nederlandse grenzen gebruikt mogen worden en dat er geen Amerikaanse militaire vliegtuigen over Nederlands grondgebied mogen vliegen. De regering zou zich daarnaast binnen internationale organisaties sterk moeten maken tegen een aanval op Irak.