50 jaar na Moncada

De toestand van de Cubaanse Revolutie

Bij alle speculaties over een snel einde van de Cubaanse revolutie na de dood van Fidel Castro is de wens de vader van de gedachte. Er wordt hard gewerkt om die wens ook te laten uitkomen (zie o.m. elders in Manifest). Nu alle aandacht op Irak is gericht worden die inspanningen aanzienlijk uitgebreid, ook in Nederland.

Door een correspondent

Op 26 juli 1953, dit jaar dus 50 jaar geleden, kwam er een groep Cubanen, bestaande uit 150 studenten, activisten, arbeiders, leraren, artiesten enz., voor het eerst in verzet tegen het dictatoriale bewind van Fulgencio Batista. Hun leider was een 26-jarige advocaat die, vier dagen na de staatsgreep van Batista, bij het Cubaanse Hooggerechtshof erop aandrong dat de dictator gearresteerd zou worden. Zijn naam was Fidel Castro en onder zijn leiding werd de eerste verzetsdaad gepleegd tegen de dictator. Manifest plaatst deze beschrijving in drie delen, geschreven door een 17-jarige vluchteling uit Iran. (deel 2)

Op 12 juni 2002 gaf de Cubaanse bevolking hier gehoor aan en gingen negen miljoen mensen de straat op. Op Cuba wonen er in totaal 11 miljoen mensen, dat betekent dus dat 81,9 procent van de bevolking de straat op ging om zich uit te spreken voor het behoud van de huidige tekst van de Cubaanse grondwet. Of wil men beweren dat deze negen miljoen mensen onder dwang gemobiliseerd zijn?

Waarom zijn de Cubanen dan zo tevreden met hun systeem? Omdat het Cubaanse electorale systeem er een is van directe democratie met sterke inbreng van de bevolking, als aanvulling op de Poder Popular.(11) De bevolking kiest direct haar vertegenwoordigers in de gemeenteraad, provincieraad en de nationale raad. Deze volksvertegenwoordigers kunnen ook op elk moment afgezet worden, iets dat hier in Nederland niet gebeurt. In Nederland kies je en je "volksvertegenwoordiger" mag de komende vier jaar alles voor je beslissen zonder het met jou te bespreken.(12) Maar op Cuba moet de volksvertegenwoordiger om de zes maanden verslag komen uitbrengen. Om in de nationale raad te komen hoef je niet per sé een lid te zijn van de communistische partij. Het argument dat de antisocialisten naar voren brengen over het feit dat "Cuba een communistische één-partij-dictatuur is" is dus ook uit de lucht gegrepen.

In de nationale raad zitten 589 volksvertegenwoordigers. Zij kiezen de uit 30 personen bestaande staatsraad: de president, de eerste vice-president, vijf vice-presidenten, een secretaris en 22 leden. Deze staatsraad kiest op haar beurt de ministerraad en de leden van het hoogste gerechtshof.

Als Castro een dictator was, zou hij dan door een nationale raad gekozen worden die uit 589 burgers bestaat? Of willen de antisocialisten beweren dat ook deze 589 volksvertegenwoordigers onder dwang Castro kiezen? Als de antisocialisten dat beweren moeten zij mij toch uitleggen waarom er bij de verkiezingen op Cuba gemiddeld 97 procent van de kiesgerechtigden komt stemmen.

Deze mensen die een referendum wilden over "politieke en economische hervormingen" op Cuba kunnen eigenlijk wel dissidenten genoemd worden. Niet omdat zij lastiggevallen worden door de regering maar omdat zij geen aanhang hebben onder de bevolking.

De gratis voorzieningen

Naast het democratische politieke systeem kent Cuba ook een van de beste vormen van gezondheidszorg en onderwijs ter wereld, en dat voor een derdewereldland! Het beste van dit alles is dat het tevens gratis en vrij toegankelijk is voor iedereen en dat het niet alleen beperkt blijft tot het eigen land. Er zijn ruim 2000 medici uitgezonden naar het buitenland.(13)

Wat betreft de statistieken op het gebied van gezondheidszorg hoort Cuba niet bij de derdewereld maar bij de eerstewereld thuis. Negen van de tien kinderen onder de 12 maanden zijn ingeënt tegen ziektes als tuberculose,polio en mazelen.(14) In totaal is 98 procent van alle Cubaanse kinderen ingeënt tegen ziektes als meningitis-B en hepatitis-B.(15)

Vandaag de dag is er per 200 bewoners van het eiland één huisarts.(16) Dat is niet iets vanzelfsprekends als je weet dat na de revolutie, in 1959 en 1960, meer dan de helft van de artsen het land verliet. In 1960 telde Cuba nog maar 3000 dokters terwijl de bevolking toen zeven miljoen mensen bedroeg!(17) Dat kwam dus neer op ongeveer één arts per 2000 inwoners. Vandaag de dag telt Cuba meer dan 50.000 dokters wat dus neerkomt, zoals ik al eerder heb aangegeven, op ongeveer één huisarts per 200 inwoners.

Wat betreft de levensverwachting en kindersterfte heeft de Cubaanse revolutie ook haar werk uitmuntend gedaan. In 1959 was de kindersterfte op Cuba 65 per 1000 kinderen. In 1996 stond dat op acht per 1000 kinderen terwijl in andere landen in Latijns-Amerika de kindersterfte gigantisch hoger ligt. In Haïti is het 71 en in Brazilië 51,18 per 1000 kinderen.

Terwijl de kindersterfte gigantisch is gedaald, is de levensverwachting gigantisch gestegen. In 1959 stond de levensverwachting op 63 jaar. Maar ook hier heeft Cuba veel vooruitgang geboekt. In 1996 stond de levensverwachting op 75,5 jaar. Ook dit is veel hoger dan in de andere landen in Latijns-Amerika. In Haïti is de gemiddelde leeftijd 57 en in Brazilië 66,5 jaar. In België, een "vrij westers land", is de gemiddelde leeftijd 76,5. Dat is één jaar meer dan op Cuba, een arm derdewereldland!(19)

Ook op het gebied van onderwijs en huisvesting heeft de Cubaanse revolutie een gigantische vooruitgang geboekt. Na de revolutie werden er in elke uithoek van het land alfabetiseringsprojecten gestart. Dat was zo intensief dat er vanaf die tijd daarover verhalen zijn ontstaan. Elke Cubaan die naar de universiteit wilde moest eerst naar het platteland om drie mensen te leren lezen en schrijven. Vervolgens moesten die drie mensen een brief schrijven aan Fidel Castro waarin duidelijk werd dat ze konden lezen en schrijven. Daarna mocht die betreffende Cubaan gratis naar de universiteit. Of dit verhaal waar is weet ik niet, maar het past mooi bij het romantische revolutionaire beeld van Cuba. Los van de verhalen heeft de revolutie het analfabetisme van 27 procent teruggebracht tot vier procent.(20) Iets ongekends in Latijns-Amerika. Daar komt ook nog bij dat ieder kind gratis naar school gaat op Cuba. In Nederland zijn er te weinig leerkrachten, gemiddeld één op 30 leerlingen en soms zelfs meer. Wat dat betreft zouden we een voorbeeld kunnen nemen aan Cuba, waar er één leerkracht per 12 leerlingen is.

Op het gebied van huisvesting mag de regering ook wel een pluim krijgen. Op Cuba staat een bord waarop met trots staat "Wereldwijd slapen er vandaag 200 miljoen kinderen op straat. Geen van hen is Cubaan."(21) Cuba is een van de weinige landen waar iedereen een dak boven zijn hoofd heeft.(22) Ook dit is iets waar andere landen, met name de VS, iets van kunnen leren. Dat land kent meer dan twee miljoen daklozen.

Geen arbeidersparadijs

Hoewel de cijfers allemaal positief zijn is Cuba geen "arbeidersparadijs." Ook de regering probeert niet door middel van propaganda de bevolking dat soort dingen wijs te maken. Daarom moet men Cuba ook niet vergelijken met industrieel ontwikkelde landen als de VS, Duitsland, Frankrijk of Groot-Brittannië. Wat dat betreft moeten we de woorden van de eerste vice-president, Raúl Castro, goed onthouden: "Men moet vertrekken van het principe dat Cuba een arm land is. Het is absoluut noodzakelijk dat te begrijpen en er rekening mee te houden, in welke analyse dan ook."(23) (wordt vervolgd)


Noten:
10 Katrien Demuynck, "Het hele Cubaanse volk dient meneer W. van antwoord." Het artikel is te lezen op: (http://www.cubanismo.net/c0001/c0001_28.htm)
11 Poder Popular is het Spaanse begrip voor Volksmacht
12 Ik ga er dan vanuit dat het kabinet het langer volhoudt dan 87 dagen
13 Cuba Solidarity Project - Health Care in Cuba
14 Jennifer Hamm, "Health care in Cuba." Het artikel is te lezen op: (http://www.tulane.edu/~rouxbee/kids98/cuba3.html)
15 Hank Roth, "Health care in Cuba." Het artikel is te lezen op: (http://www.sonic.net/~doretk/Issues/0009%20FALL/health.html)
16 Jennifer Hamm, "Health care in Cuba." Het artikel is te lezen op: (http://www.tulane.edu/~rouxbee/kids98/cuba3.html)
17 Cuba Support Group in Ireland (http://homepage.tinet.ie/~csg/infpak04.htm)
18 Marc Vandepitte, "De gok van Fidel: Cuba tussen socialisme en kapitalisme?", Uitgeverij EPO, 1998
19 Idem.
20 Idem.
21 Het bord staat in Havana en is te zien op (http://www.cubasolidarity.net/ninguno.html)
22 Het enige land, naast Cuba, waarvan ik zeker weet dat iedereen een dak boven zijn hoofd heeft is Libië
23 Marc Vandepitte, "De gok van Fidel: Cuba tussen socialisme en kapitalisme?", Uitgeverij EPO, 1998
©MANIFEST KRANT van de NCPN
Haarlemmerweg 177, 1051 LB, Amsterdam, tel.: 020-6825019