Turkije: tegenstrijdige prioriteiten in de buitenlandse politiek

Demonstrerende arbeiders uit olie-industrie.  

TKP-affiche tegen de Yankees.  

Door E.M.

Weer hebben zich in de afgelopen twee weken veel belangrijke gebeurtenissen voorgedaan in Turkije. Gebeurtenissen die op het eerste gezicht heel verwarrend lijken, waardoor de indruk ontstaat dat de heersende klasse van Turkije op een ontwikkelde manier met de zaken omgaat. De manier waarop Turkije vraagstukken aanpakt is te begrijpen vanuit de prioriteiten die de buitenlandse politiek van Turkije bepalen. In feite een heel beperkt aantal. Als je deze prioriteiten eenmaal begrijpt dan verandert het hele drama in een komedie.

Een van die belangrijke recente gebeurtenissen was het bezoek van Powell aan Turkije op 2 april jongstleden. Tijdens dit bezoek verzekerde Powell zijn Turkse collega, Abdullah Gul, opnieuw dat de Koerden geen toestemming zouden krijgen om Kirkuk binnen te gaan. Gul ging daarbij zelfs zover dat hij beweerde dat hij een rode lijn had getekend op de kaart van Irak, en hij waarschuwde Powell dat als de Koerden voorbij die lijn zouden komen, Turkse troepen Irak binnen zouden vallen. Maar ondanks dat drongen enkele dagen later Noord-Iraakse Koerden, onder begeleiding van troepen van de VS, Kirkuk binnen. Wat daarna exact gebeurde bleef onduidelijk: Turkije sprak zijn onvrede uit, de VS verklaarden dat de Koerden gedwongen zouden worden om zich terug te trekken, Talabani kondigde een Koerdisch bestuur van de stad af en toen kwam tenslotte het bericht dat de Koerden zich hadden teruggetrokken. De heersende krachten in Turkije bekeken dit alles vanaf een afstand, niet wetend wat er precies zou gaan gebeuren, in de hoop dat de VS de Turkse belangen in Irak zouden beschermen.

Ondertussen blijven ze keer op keer herhalen dat zij de vestiging van een Koerdische staat in Noord-Irak zullen zien als aanleiding voor een oorlog. Nu is het de vraag of, als de VS de Koerden helpen om een eigen staat te vestigen in Noord- Irak, Turkije zowel de VS als de Koerden de oorlog zal verklaren. Een tweede vraag in dit verband is: als er daadwerkelijk een plan is om een Koerdische staat te vestigen met hulp van de VS, waarom collaboreerde Turkije dan zo lang met het VS-imperialisme?

Zeer recent is er een nieuw dilemma ontstaan: Bush bedreigt Syrië. Net nu Turkije op het punt staat om de relatie met Syrië te herstellen, op basis van een gezamenlijke angst voor het ontstaan van een Koerdische staat in Noord-Irak. Syrië en Iran hebben zelfs Turkije benaderd met het verzoek om gezamenlijk een alliantie te vormen tegen een dergelijke ontwikkeling. Dit roept weer een volgende vraag op: zal Turkije bij dit dreigende conflict de kant van Syrië kiezen of opnieuw de kant van de VS? Hier kan ongetwijfeld nog een vraag aan worden toegevoegd: "Hoe kan een land, met een fundamentalistische moslimregering, een christelijk-joodse oorlog voeren tegen een ander moslimland?"

De antwoorden op al deze vragen zijn te vinden in de politieke prioriteiten die de heersende krachten in Turkije stellen. Men zou denken dat de economie een van die prioriteiten is, want de bourgeoisie is het resultaat van een politiek-economisch proces. Mensen die zo denken hebben de neiging om het belang van financiële onderhandelingen tussen de VS en Turkije te overdrijven. Voor een land dat maar liefst 200 miljard dollar aan buitenlandse schuld heeft is er geen verschil tussen 1 miljard dollar en 28 miljard dollar (de onderhandelingsruimte tussen Turkije en de VS met betrekking tot de Iraakse oorlog). Turkije is op papier een failliet land, en geen enkele korte-termijnhulp is groot genoeg om het land te redden. De enige kapitalistische oplossing die het land kan redden is dat Turkije haar strategische internationale betekenis terugkrijgt, zodat het imperialisme zal besluiten om Turkije voor de lange termijn te laten overleven. En dat is één van de belangrijkste politieke prioriteiten van de Turkse heersende krachten.

Tegelijkertijd is de angst voor een Koerdische staat de tweede grote prioriteit van Turkije. Met zoveel ongelukkige en ontevreden mensen in Turkije zou een langdurige Koerdische opstand heel Turkije kunnen destabiliseren en uiteen laten vallen.

In feite probeert Turkije tijdens de huidige crisis in het Midden-Oosten de twee genoemde prioriteiten met elkaar te verenigen, en dat wordt steeds moeilijker. De VS, zich zeer bewust van de Turkse angst voor een Koerdistan, spelen deze Koerdische kaart meedogenloos uit. En tegelijkertijd is het Amerikaanse imperialisme er zo op gebrand om geen enkel land in de 'Nieuwe Wereld Orde' de titel 'strategisch belangrijk land' te geven, dat de Turkse heersende klasse misschien beide prioriteiten op moet geven. Waarmee zij linea recta in een ideologische crisis terechtkomt, waardoor de progressieve krachten weer meer kans krijgen om te groeien.

En temidden van deze wanhopige situatie voor de burgerij leidt de strijd om de uitvoerende macht haar eigen kleurrijke leven. Op 11 april verklaarde Ozkok, chefstaf van het leger: "De harmonie tussen het leger en de regering is als een gedicht", een onverwachts eerbetoon aan de fundamentalistische regering. Slechts enkele dagen later ontdekte de regeringspartij dat zij een document had getekend, zonder het goed te lezen, waarmee Milli Gorusö, de geliefde grondlegger van de partij, tot terrorist werd verklaard! Weer een les over de Turkse politiek: als het leger je complimenten geeft, lees dan documenten extra goed voordat je ze tekent!

Vertaling J. Bernaven

©MANIFEST KRANT van de NCPN
Haarlemmerweg 177, 1051 LB, Amsterdam, tel.: 020-6825019