Waarde Cubaanse converteerbare peso stijgt met acht procent


 

Anett Rios Jauregui en José a de la Osa

President Fidel Castro maakte kortgeleden bekend dat de Monetaire Beleidscommissie van Cuba's Centrale Bank besloten heeft om de wisselkoers van de converteerbare peso in verhouding tot de Amerikaanse dollar en andere harde valuta te verhogen. Voorlopig zal deze herwaardering 8 procent bedragen.

Daarnaast zal er een wisselkoers voor de aan- en verkoop van Amerikaanse dollars en andere harde valuta worden vastgesteld. Geheel volgens de regels van het beleid van de Revolutie dat de banktegoeden volledig garandeert, houdt de bepaling in dat banktegoeden in Amerikaanse dollars op zowel bestaande rekeningen als op rekeningen die tussen nu en 9 april geopend worden, niet door de maatregel getroffen zullen worden.

Houders van tegoeden in converteerbare peso's zullen vanaf die datum profiteren van de herwaardering van deze munt. Ook de Cubaanse peso - die zijn waarde ten opzichte van de converteerbare peso behoudt - zal in waarde stijgen ten opzichte van de Amerikaanse dollar.

"Vorige week hebben we de peso opgewaardeerd", zei Fidel, "deze week zullen we de converteerbare peso herwaarderen", en hij benadrukte dat de waarde van "onze kleine bescheiden peso" volledig behouden zal blijven.

Hij legde uit dat telkens wanneer de waarde van de converteerbare peso bepaald wordt, of wanneer deze geherwaardeerd wordt, dit ook met de Cubaanse peso gebeurt, maar dat de Cubaanse peso onafhankelijk van de converteerbare peso geherwaardeerd kan worden. "Er zijn twee mechanismen die beide naar hetzelfde leiden: naar een munteenheid die waarde heeft. Mensen wier sociale bijstand, pensioen of salaris verhoogd wordt zullen dit in de opgewaardeerde munt ontvangen.

"We bereiken een nieuw niveau", verklaarde Fidel, "en nu zullen we eens zien wat ze gaan doen, wat ze kunnen doen (de Amerikaanse regering). Het enige wat ik erover ga zeggen is dat we het niet 'voor hun geld' doen, omdat we het zonder hun geld kunnen stellen." Hij benadrukte dat versterking van onze converteerbare peso het doel is van deze nieuwe maatregel en niet het schade toebrengen aan deze of gene.

"De bevelen binnen onze economie komen van de soevereine Cubaanse bevolking", beklemtoonde Fidel. "Wij kunnen het stellen zonder de dollar", herhaalde hij, "zij zijn degenen die hem niet kunnen missen."

"We zullen de weg voortzetten met onze converteerbare peso's en onze Cubaanse peso's; we zullen voortgaan en beide munten zullen elkaar blijven benaderen, dat is hun lot: ze zijn broers, geboren uit dezelfde moeder die Revolutie heet. En op de dag die het wonder van de volmaakte eenheid van de twee laat zien", zo voegde hij eraan toe, "zullen we plaatsnemen op het erepodium bovenaan de weg van de Revolutie, de weg naar de humaanste samenleving ter wereld, de meest socialistische en bijna communistische die de wereld ooit gekend heeft."

"Dit doel dat onze bevolking ooit zal bereiken staat me helder voor ogen", zei Fidel, "en daarom strijden we vandaag en we zullen niet rusten."

Tijdens zijn toespraak in het Internationale Conferentiecentrum gaf hij aan dat hij niet tegen hoge lonen was, maar hij vroeg zich af wat er zou gebeuren met hen die nu minder verdienen. Volgens Fidel zullen, als de formule socialistisch is, diegenen die het meest bijdragen naar vermogen, ontvangen naar verdienste.

"Met het oog op de sociale rechtvaardigheid moeten we deze formule met hand en tand verdedigen en moeten we steun bieden aan hen die deze nodig hebben", benadrukte hij. "Als iemand ergens behoefte aan heeft en hij kan er zelf niet in voorzien mag hij daarom niet van voedsel verstoken blijven; als iemand vanaf zijn geboorte met een probleem kampt, getroffen wordt door een ongeluk of door ziekte, of wanneer hij niet gezegend is met bijzondere kwaliteiten moeten we hem helpen. Precies daarom behoren wij tot de menselijke soort; we beschikken over het vermogen tot nadenken en meevoelen. We kunnen niet vervallen tot dat weerzinwekkende principe van "zoek het zelf maar uit."

"De Revolutie moet streven naar deze gelijkheid", onderstreepte Fidel. "Dat is altijd het doel van het communisme geweest, zelfs op het gebied van de verdeling als de noodzakelijke middelen bestaan om tegemoet te komen aan de behoeften", zo riep hij in herinnering.

Fidel merkte op dat hij zich in toenemende mate aangetrokken voelde tot de ideeën van Marx, Lenin en Engels, omdat zij ons veel kunnen leren, ze hebben de weg tot het nadenken geopend. "Wij zullen niet zeggen dat deze ideeën dood zijn", verduidelijkte hij. "Wij zijn wie wij nu zijn en we zien ons geconfronteerd met uitdagingen en met enorme hindernissen die we met hun ideeën zullen overwinnen; hindernissen die de scheppers van de marxistische en leninistische leer zich misschien niet eens konden voorstellen.

"Dat is wat ons tot hier gebracht heeft", zei hij, "en vanaf nu zullen we zien hoe dit ons nog meer ten goede zal komen, omdat we nu profiteren van alle voordelen en mogelijkheden van een socialistisch regime. Niet gemeten in aantallen auto's, maar in termen van echte mogelijkheden om iets te betekenen voor het welzijn van onze bevolking, in elk opzicht en voor een deel ook voor het welzijn van de mensheid."

"Ons succes is van nut", ging hij verder. "Onze strijd tegen dit machtige en ogenschijnlijk niet te stoppen wereldrijk laat veel bevolkingen zien dat het mogelijk is. "Ze kunnen het!", zoals de slogan van de alfabetiseringscampagne in Venezuela luidt. Ook wij mogen zeggen: "We kunnen het, en we tonen aan dat we het kunnen!"

Fidel kondigde aan dat vanaf april binnen vier maanden alle koelkastdeuren gerepareerd zullen worden. Ook zullen voor 31 december zowat 12,5 miljoen nieuwe huishoudelijke apparaten verdeeld worden onder de Cubaanse gezinnen, waaronder nieuwe snelkookpannen, rijstkokers, en elektrische kookplaten met een variabel vermogen van 1200, 900 en 600 watt.

Hij tekende aan dat alleen een oorlog of een groot internationaal conflict zou kunnen voorkomen dat deze doelen bereikt worden. Ook is het mogelijk dat voor het einde van het jaar vier van elke vijf gezinnen die wel elektriciteit hebben, maar koken met behulp van petroleum, zullen stoppen metdeze dure, inefficiënte en schadelijke brandstof en dat ook 50 procent van de huishoudens die nu gebruikmaken van vloeibaar gas zullen overstappen op elektriciteit.

De president omschreef de reeks stroomstoringen, het slecht functioneren van elektrische apparaten (zoals koelkasten) en mankementen aan elektriciteitscentrales, transformatoren en in de stroomverbindingen als "een zwartelektriciteitsgat". De waarde van de verloren elektriciteit bedraagt 100 miljoen dollar. "We gaan dit gat echter tegen minimumkosten omvormen tot een stroomreserve", verklaarde hij.

"We hebben te weinig dollars om zeep, handdoeken en tandpasta te betalen en zullen dit tekort aanvullen met de spaartegoeden van de regering. Zo pakken we ook dit probleem aan", voegde hij eraantoe.

Aan het begin van zijn toespraak zei Fidel dat hij de beschikking had over een lange lijst van meningen over zijn vorige toespraken. Voor het overgrote deel waren de gevoelens die in deze meningen tot uitdrukking kwamen positief. Desalniettemin liet hij weten dat hij meer behoefte had aan kritische geluiden, los van het feit of ze correct waren of niet.

Hij tekende aan dat het land een enorme inspanning levert met de uitvoering van "een economische en sociale tegencoup van de Cubaanse Revolutie", in de confrontatie met pogingen om ons te wurgen en uit te schakelen. Hij benadrukte eveneens dat het noodzakelijk is om de bevolking informatie te verschaffen om problemen helder te krijgen, om na te denken, tot begrip te komen en om te "vechten, vechten en nog eens vechten!"

De meningen die gehoord worden onder de bevolking over de gunstige gevolgen voor het huishoudboekje en over de goederenverstrekking zijn positief, op voorwaarde dat verzekerd wordt dat iedereen krijgt waar hij recht op heeft.

Er zijn zorgen over problemen die te maken hebben met de droogte die verschillende regio's van het land teistert, waardoor de voedselproductie moeilijker wordt en de prijzen stijgen. Op verzoek van de president verduidelijkten Carlos Lage en Bárbara Castillo, de secretaris van het uitvoerend comité van de ministerraad en de minister van Binnenlandse Handel het overheidsbeleid, waarbij volgens een distributiesysteem al enkele maanden extra voedsel wordt uitgedeeld aan de bevolking in de oostelijke provincies.

Herhaald werd dat het noodzakelijk is om de staatscontrole over de structuur van waterdistributie te verstevigen en de bevolking constant op de hoogte te houden van de manieren waarop het probleem aangepakt wordt en de acties die nog zullen volgen.

Ook werd voorgesteld om de aandacht te concentreren op de controle van de producten en de prijzen op de boerenmarkten, een basisvoorziening van de bevolking, en ook op het gegeven dat sommige levensmiddelen niet voldoen aan de verwachting van de bevolking.

Net zoals de laatste keer waren de partij, de staat, de regering en de Communistische Jeugdliga vertegenwoordigd bij deze derde toespraak van de president, evenals afgevaardigden van volks- en officiële organisaties en strijders van de Revolutionaire Strijdkrachten en het ministerie van Binnenlandse Zaken.

Bron: Granma Daily, 25 maart 2005 (http://www.granma.cu/ingles/index.html), vertaling Frans Willems.

©MANIFEST KRANT van de NCPN
Haarlemmerweg 177, 1051 LB, Amsterdam, tel.: 020-6825019