Als geen ander land beschermt Cuba zijn bevolking


In Havana was sprake van zeer veel stormschade en wateroverlast.  


Op de Malecon verplaatste de storm enorme brokstukken van de muur van de beroemde boulevard.


 


 

Orfilio Peláez en Haydée Léon

"Toen Cuba zich geconfronteerd zag met de orkaan Wilma heeft het land opnieuw aangetoond uitstekend voorbereid te zijn op natuurrampen. Alle mensen en middelen werden gemobiliseerd om alle inwoners te beschermen, iets waartoe zelfs de rijkste landen niet in staat zijn", zo verklaarde president Fidel Castro gisteravond in het radio- en televisieprogramma 'De Ronde Tafel'.

In het 'primetime' programma, dat gepresenteerd werd door Randy Alonso, werd uitgebreid stilgestaan bij de actuele situatie in de westelijke provincies die getroffen waren door Wilma toen de orkaan vlak langs het eiland raasde op weg naar noorderlijker wateren.

Fidel wees op het contrast tussen de rust, de discipline en de organisatie die de Cubaanse bevolking aan de dag legde tijdens de orkaan en de beelden van plunderingen die plaatsvonden in New Orleans na Katrina en recentelijker in het Mexicaanse Yucatan, waar Wilma met windsnelheden van 200 kilometer per uur overheen trok.

"Dit contrast", zo zei hij, "toont het grote verschil aan tussen een kapitalistisch systeem dat irrationele consumptiedrang, egoïsme en dwaasheid - waarbij de mensen ertoe gebracht worden winkels leeg te roven tijdens natuurrampen - bevordert, en Cuba's socialistische samenleving, waarin gestreefd wordt naar gelijkwaardigheid en rechtvaardigheid voor allen en waar de bevolking gemotiveerd wordt door solidariteit. Deze waarden zullen door Cuba nooit opgegeven worden", benadrukte hij.

De Cubaanse leider riep in herinnering dat Cuba al kort na de overwinning van de Revolutie voor het eerst artsen uitzond naar Algerije en ononderbroken hulp geboden heeft in gebieden die getroffen werden door natuurrampen of andere catastrofes.

Fidel ging ook in op Cuba's aanbod om de Amerikaanse bevolking bij te staan in de nasleep van de tragedie die Katrina veroorzaakt had in Louisiana. Toen het antwoord van de VS-autoriteiten na een aantal dagen uitbleef besloot Cuba tot de oprichting van het internationale medisch contingent Henry Reeve, om hulp te bieden in landen die getroffen worden door natuurrampen.

Kort daarna vonden er twee gigantische catastrofes plaats, in het Centraal-Amerikaanse Guatemala, dat getroffen werd door stortregens als gevolg van de orkaan Stan en de verwoestende aardbeving in Pakistan waarbij naar schatting 50.000 mensen omkwamen en meer dan 60.000 gewond raakten.

"Onmiddellijk en zonder veel publicitaire ophef", zo tekende Fidel Castro aan, "vertrokken vier medische brigades, bij elkaar 400 artsen van het Henry Reeve-contingent naar Guatemala om aan het werk te gaan in geïsoleerde gebieden waar duizenden om het leven gekomen waren als gevolg van modderverschuivingen die veroorzaakt waren door de slagregens."

"Terwijl Cuba uit solidariteit effectieve hulp stuurde boden veel andere landen alleen maar symbolische steun. Dit was ook het geval in Louisiana", zei hij. "Hier werd door andere landen een te verwaarlozen hoeveelheid materieel, een paar helikopters en enkele miljoenen dollars aangeboden."

"Met een paar miljoen dollar begin je echter niks", benadrukte Fidel, en hij liet weten dat er vooral artsen nodig waren om levens te redden en de zieken en gewonden te behandelen. "Zelf kunnen ze niet in de behoefte aan artsen voorzien", zei hij, "omdat dokters daar alleen gemotiveerd worden door geld. Cuba daarentegen is rijk aan menselijk kapitaal dat gecreëerd werd door de Revolutie en de waarden die zij haar bevolking bijgebracht heeft."

Met betrekking tot de ernstige schade die Wilma in Yucatan teweeggebracht heeft en waardoor meer dan een miljoen mensen getroffen werden, maakte Fidel Catro bekend dat Cuba aan de Mexicaanse regering hulp aangeboden heeft in de vorm van onder meer artsen, verpleegkundigen en medicijnen.

Tijdens 'De Ronde Tafel' sprak de Cubaanse president over de telefoon met de onderminister van Buitenlandse Zaken Bruno Rodriguez in Pakistan. Deze maakte details bekend van het werk van de twee Cubaanse medische brigades ter plekke. Rodriguez zei dat de Cubaanse artsen werken in moeilijke omstandigheden vanwege het koude weer in Pakistan, vooral in de hooggelegen berggebieden waar zij aan de slag zijn gegaan. Hij voegde daar echter aan toe dat het afzien van de medische brigades ruimschoots gecompenseerd wordt door de dankbaarheid en het respect dat zij ondervinden van de kant van de bevolking en de Pakistaanse autoriteiten.

Ook via een telefoonverbinding kwam er informatie over de Cubaanse artsen, die momenteel werkzaam zijn in 800 dorpen in de 15 departementen die het hardst getroffen werden door de slagregens die de orkaan Stan met zich meebracht. Yoandra Muro, die leiding geeft aan de medische missie in Guatemala, zei dat de artsen hard en gedreven werken.

Slagregens en overstromingen aan de kust

Dr. Jose Rubiera, het hoofd van de dienst Weersvooruitzichten van het Cubaanse Metereologisch Instituut zei tijdens 'De Ronde Tafel' dat de orkaan Wilma tijdens het passeren van de noordwestelijke kust gepaard ging met hevige slagregens in de provincies Pinar del Rio, Havana en Havana-stad en het Isla de la Juventud, ten zuiden van Cuba gelegen.

Ten gevolge van de krachtige wind aan de zuidkust traden er overstromingen op in verschillende laaggelegen gebieden zoals in Playa Guanimar, waar de zee meer dan een kilometer het land binnendrong, net zoals in Surgidero de Batabano en Playa Cajio.

Zoals het Cubaanse Metereologisch Instituut voorzien had was er ook aan de noordkust sprake van grote overstromingen, vooral in Havana waar een sterke golfslag het water de straten van de stad injoeg. Men verwachtte dat de wateroverlast aan de kust bij Havana nabij de boulevard Malecon in de loop van maandag 24-10 nog heviger zou worden.

Meer dan 600.000 Cubanen in veiligheid gebracht

Ongeveer 603.000 Cubanen uit de westelijke provincies die bedreigd werden door Wilma en uit de oostelijke provincies, die te maken kregen met de tropische storm Alpha, zijn geëvacueerd naar veiliger oorden. Dit werd zondag 23-10 om 20.00 uur bekendgemaakt door de generale staf van Cuba's Nationale Burgerbescherming.

De meerderheid van de evacués bestond uit bewoners van de risicogebieden en bijna 20.000 studenten van internaten en deelnemers aan plattelandsprogramma's van Cubaanse onderwijsinstellingen.

De inspanningen van meer dan 100.000 mensen die gemobiliseerd waren om deel te nemen aan de uitvoer van de noodmaatregelen om de bevolking te beschermen en de economische schade te beperken werd in de uitzending naar voren gehaald door kolonel Luis Angel, de tweede man in rang van de Nationale Burgerbescherming.

Kolonel Macareno wees erop dat de provincies Pinar del Rio, Havana, Havana-stad en het Isla de la Juventud zich in orkaan-alarmfase 1 bevonden, de provincie Matanza in alarmfase 2. In de rest van de centrale provincies met uitzondering van Ciego de Avila heerste de staat van paraatheid en voor de oostelijke provincies Guantánamo, Holguin en Santiago de Cuba gold de waarschuwingsfase.

Cubaanse bevolking biedt massaal onderdak aan evacués

Fidel Castro maakte bekend dat meer dan 80 procent van de evacués uit westelijk en oostelijk Cuba onderdak vond in de huizen van vrienden, buren en familie. Hij wees erop dat dit soort gemeenschappelijke alternatieve oplossingen om door moeilijke tijden heen te komen voortkomt uit de economische crisis die Cuba in de vroege negentiger jaren trof en die bekend werd als de Speciale Periode. Deze oplossingen zijn exemplarisch voor de solidariteit en de kameraadschap onder de Cubaanse bevolking.

De Cubaanse president merkte op dat het de moeite waard zou zijn deze alternatieve oplossingen te bestuderen en manieren te vinden om degenen die hulp bieden op hun beurt bij te staan. De maatschappij moet zich realiseren dat de gezinnen die hun medeburgers uit de brand helpen het land grote besparingen bezorgen.

Volgens cijfers die tijdens de uitzending bekendgemaakt werden verbleven 427.401 van de 643.537 mensen die in de westelijke en centrale provincies geëvacueerd werden bij vrienden en familie, dat is 81,9 procent. Slechts 50.727 mensen zochten hun toevlucht in opvangcentra die door de staat ingericht waren. In het oosten van Cuba verbleef zelfs 94,4 procent van de evacués in het huis van vrienden en familie.

Kolonel Macareno liet ook weten dat de autoriteiten in de provincies Granma en Las Tunas de regenval en de hoogte van het water nauwlettend in de gaten houden en dat de zuidelijke regio's maatregelen nemen tegen overstroming van de kustgebieden. Hij voegde eraan toe dat meer dan 413.800 boerderijdieren in het hele land naar veiliger oorden overgebracht zijn.

Idalma Marenas Banos, een radiojournaliste uit Sandino in de provincie Pinar del Rio, gaf een beschrijving van de situatie aan de Cubaanse westkust en meldde dat 76 procent van de bevolking van Mantua samen met 46 procent van de inwoners van Minas de Matahambre en 1800 mensen uit Santa Lucia, die van de buitenwereld waren afgesneden door het stijgende water van de rivier de Cuyaguateje, in veiligheid waren gebracht.

President Fidel Castro sprak met Marenas Banos over de algemene noodsituatie in deze westelijke en zwaarst getroffen regio van Cuba en in het bijzonder over de voedselvoorziening. De journaliste antwoordde hem met te zeggen dat er in Sandino generatoren waren aangekomen waardoor er noodvoorraden, onder meer van brood, aangelegd konden worden en dat de voorziening in basisbehoeften was gegarandeerd.

Fidel informeerde ook naar de algemene toestand van de opvangcentra en de noodhospitalen in de regio en naar de maatregelen die genomen waren om de economische schade aan bijvoorbeeld de tabaksvelden te beperken.

Spaarzaam omgaan met watervoorraden

Opperbevelhebber Fidel Castro ging ook in op de toestand van de waterreservoirs in de getroffen gebieden en hij benadrukte dat er zorgvuldig gebruik- gemaakt moest worden van het opgeslagen water. Kolonel Macareno wees erop dat er in de 77 stuwbekkens en in 200 kleinere reservoirs in het westen een aanzienlijke hoeveelheid water bijeengebracht was.

Hij zei dat de werking van de aquaducten en het waterdistributienetwerk nog meer verfijnd moest worden om er zeker van te zijn dat er geen druppel kostbaar water verspild zou worden.

Bron: Granma, Havana, 24-10-2005, vertaling Frans Willems.

©MANIFEST KRANT van de NCPN
Haarlemmerweg 177, 1051 LB, Amsterdam, tel.: 020-6825019