Gerechtshof handhaaft primaire veroordeling van de Miami Vijf

Hof van Beroep verwerpt de conclusie van augustus jl.


 

Redactie buitenland

Een Hof van Beroep heeft de veroordeling gehandhaafd van de vijf Cubanen die vanaf 1998 vastzitten op beschuldiging van vermeende samenzwering en die in 2001 schuldig geoordeeld werden door de federale rechtbank van Miami.

Het 11de circuit van het Hof van Beroep ging maandag 31-10 voorbij aan de uitspraak, die een panel van drie rechters uit dat Hof deed, waarin de veroordelingen verworpen werden. Dat betekent dat de beroepsprocedure helemaal opnieuw start. Nu heeft de meerderheid van het 12 leden tellende Hof van Beroep ingestemd met een nieuwe beoordeling van het aangetekende beroep door de 'Cuban Five'. Dat zal de rechtsgang maanden rekken.

"Wij zijn dankbaar voor deze beslissing van het 11de circuit, dit geeft ons de kans om met respect onze argumenten voor te leggen aan het voltallige Hof", verklaarde Alicia Valle, VS-assistent-procureur gisteren. In september betwistten de federale aanklagers in Miami officieel de opzienbarende conclusie van het panel van de drie rechters, dat de veroordelingen van de vijf beschuldigde spionnen afwees. Het panel vond dat publiciteit vóór de rechtsgang - de anti-Castro gevoelens van de plaatselijke gemeenschap, de overweldigende aandacht in de media en de frustratie over het verloren gevecht om de voogdij over Alián González - het voor de beschuldigden onmogelijk maakte om een eerlijke jurybeoordeling te krijgen. Deze conclusie houdt in dat een nieuwe rechtszaak zou moeten plaatsvinden buiten Miami.

In haar petitie vroeg VS-procureur R. Alexander Acosta aan alle 12 leden van het Hof van Beroep om de uitspraak van de drie opnieuw te bekijken. Dergelijke petities worden zelden ingewilligd. Vooraanstaande juristen zeiden dat het panel zoveel overtuigende bewijzen aanvoerde - waarbij een voorgerechtelijk onderzoek met instemming van het gerechtshof, dat het algemene vooroordeel aantoonde van de lokale gemeenschap tegen de vijf aangeklaagde Cubanen - dat er voor de aanklagers in feite niets te betwisten is. Maar Acosta was het daar niet mee eens, bewerend dat de uitspraak van het panel in tegenspraak is met juridische precedenten bij dat Hof én bij de Hoge Raad.

Als Acosta's uitdaging voor het hele Hof het wint, dan blijven de veroordelingen van de vijf overeind. Als deze onderuit gehaald wordt kan de federale aanklager in beroep gaan bij de Hoge Raad.

Bron: Miami Herald, ATLANTA, 2-11-2005, vertaling Thomas Janssen.

©MANIFEST KRANT van de NCPN
Haarlemmerweg 177, 1051 LB, Amsterdam, tel.: 020-6825019