Schimmige legers, geheime bases en Donald Rumsfeld

VS verlangen terug naar Latijns-Amerikaanse achtertuin


Voormalig stervoetballer Diego Maradonna was duidelijk aanwezig tijdens de protesten in Argentinië tegen Bush en zijn FTAA.  

Conn Hallinan

Het zou gemakkelijk zijn om grapjes te maken over het recente fiasco van president Bush tijdens de vierde Top van de Amerikaanse landen in het Argentijnse Mar del Plata. Zijn grootse plannen voor een vrijhandelszone van de poolcirkel tot aan Vuurland werd weggehoond door de landen die hun buik vol hebben van de economische en sociale chaos waarin het neoliberalisme hen gestort heeft.

Tijdens een persconferentie stelden Zuid-Amerikaanse journalisten aan Bush impertinente vragen over Karl Rove, en de president besloot het debacle met de meest treffende opmerking die hij ooit over Latijns-Amerika gemaakt heeft: "Wauw! Wat is Brazilië groot!"

Er is echter niets lolligs aan een enorme Amerikaanse legerbasis die minder dan 120 mijl van de Boliviaanse grens ligt, of aan de explosieve groei van door de VS gefinancierde huurlingenlegers die zich bezighouden met acties variërend van het geven van militaire trainingen in Paraguay en Ecuador tot het uitvoeren van luchtaanvallen op guerrilla's in Colombia. Het doet inderdaad sterk denken aan de jaren '60 en '70 van de vorige eeuw, toen door Washington gesteunde dictaturen het grootste deel van het continent domineerden en hun schimmige legers 's nachts de bevolking terroriseerden.

Afgelopen zomer namen Amerikaanse Special Forces hun intrek op de luchtmachtbasis van Mariscal Estigarribia, een uitgebreid complex dat in 1982 tijdens het bewind van de dictator Alfredo Stroessner gebouwd werd. Argentijnse journalisten die ter plekke een glimp opvingen zeiden dat het vliegveld zo groot is dat er B-52 bommenwerpers en Galaxy C-5 vrachtvliegtuigen kunnen landen. Het beschikt over een uitgebreid radarsysteem, enorme hangars en er kunnen 16.000 militairen gehuisvest worden. De luchtmachtbasis is groter dan de internationale luchthaven in de hoofdstad Asuncion. Op 1 juli arriveerden er ongeveer 500 Special Forces voor een drie maanden durende antiterrorisme-oefening onder de naam Operation Commando Force 6.

De Paraguayaanse ontkenningen dat Mariscal Estigarribia nu een Amerikaanse basis is worden met scepsis begroet door Brazilië en Argentinië. De Amerikaanse ontkenningen over Mariscal Estigarribia en die van het Pentagon over de luchtmachtbasis Eloy Alfaro in het Ecuadoriaanse Manta vertonen verontrustende overeenkomsten. De Verenigde Staten beweerden dat de basis in Manta aan een stuk onverharde weg lag en dat hij bedoeld was voor meteorologische waarnemingen. Toen lokale journalisten de omvang ervan echter aan het licht brachten gaven de VS toe dat de basis onderdak bood aan duizenden huurlingen en honderden Amerikaanse soldaten en dat Washington een contract met een looptijd van tien jaar met Ecuador had ondertekend voor het gebruik ervan.

De basis Eloy Alfaro wordt gebruikt om Amerikaanse troepen in en uit Colombia te loodsen en voor de huisvesting van een immens netwerk van privébe-drijven, die in Colombia het vuile werk voor het leger opknappen. Volgens de 'Miami Herald' zijn Amerikaanse huurlingen gewapend met M16's in zuidelijk Colombia in vuurgevecht geraakt met guerrilla's, en Amerikaanse burgers die voor Air Scan International werkten verzochten om luchtaanvallen waarbij in de stad Santo Domingo 19 inwoners om het leven kwamen en nog eens 25 gewond raakten.

Op de basis krioelt het van Amerikaans burgerpersoneel, onder wie veel ex-militairen die werken voor Military Professional Resources Inc., Virginia Electronics, DynCorp, Lockheed Martin (de grootste wapenproducent ter wereld), Northrop Grumman, TRW en tientallen andere bedrijven.

Agenten van Amerikaanse inlichtingendiensten die vanuit de basis in Manta opereren verlinkten vorig jaar de Colombiaanse FARC-leider Ricardo Palmera. En verschillende voormannen van de door de VS gesteunde coup tegen de Hatiaanse president Jean-Bertrand Aristide brachten enkele maanden op de basis door voor ze in 2004 de staatsgreep pleegden waarna Aristide de wijk nam naar Zuid-Afrika.

Het 'privatiseren' van de oorlog is niet alleen een logische uitbreiding van Bush' obsessie om alles aan de privésector uit te besteden, ook de activiteiten van het Witte Huis worden op deze manier onttrokken aan de controle van het Congres. "Mijn bezwaar tegen het gebruik van privécontractanten is dat zij onder de radar kunnen vliegen en zo hun aansprakelijkheid ontlopen", verklaarde het Republikeinse congreslid Jan Schakowsy.

Het is de rol van de basis in Manta in het noordelijk deel van het continent die de zuidelijke landen het ergste doet vrezen voor die van Mariscal Estigarribia. "Zodra de Verenigde Staten zich ergens gevestigd hebben", zo zei de Argentijnse Nobelprijswinnaar Adolfo Perez over de basis in Paraguay, "doen ze er erg lang over om weer te vertrekken."

Rond het drielandenpunt

De regering Bush heeft de regio rond het drielandenpunt, waar Brazilië, Paraguay en Argentinië samenkomen, uitgeroepen tot het Zuid-Amerikaanse equivalent van de Soennitische driehoek in Irak. Volgens de Amerikaanse coördinator van het antiterrorismebeleid, William Pope, beschikken de Verenigde Staten over bewijs dat het meesterbrein achter 11 september, Khalid Sheik Mohammed, in 1995 enkele maanden in deze regio verbleef. Ook zegt het Amerikaanse leger dat het in Afghanistan de hand heeft weten te leggen op foto's die genomen waren in Paraguay en brieven van Arabieren uit Cuidad del Este, een stad van 150.000 inwoners in de grensstreek van de drie landen.

Het ministerie van Defensie heeft de inhoud van de gevonden brieven niet bekendgemaakt en de aantijging dat de regio een broeinest is van terroristen uit het Midden-Oosten wordt alom afgedaan als lariekoek. In 'Patterns of Terrorism', een analyse van de regio door het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken, wordt geen bewijs geleverd voor deze bewering en een studie van het Internationaal Monetair Fonds maakt wel melding van grootscheepse geldsmokkel maar niet van terrorisme.

Het feit dat de basis zo dicht bij Bolivia ligt baart de meesten zorgen, vooral gezien de beschuldigingen van de regering Bush dat Cuba en Venezuela de onrust in het Andesland aanwakkeren. Bolivia heeft al lang te kampen met politieke onrust. Deze begon met het verzet tegen de privatisering van de watervoorziening door het Amerikaanse Bechtel en de Franse industriereus Suez de Lyonnaise des Eaux. Het wateroproer begon met de aankondiging van Suez dat het 335 tot 445 dollar in rekening zou gaan brengen voor het aansluiten van een gezinswoning op de waterleiding. Het bruto binnenlands product per hoofd van de bevolking bedraagt jaarlijks 915 dollar. Het wateroproer, en de opstanden tegen de door het IMF afgedwongen belastingen en de privatisering van de gas- en oliereserves dwongen drie presidenten tot aftreden. Het land raakt steeds meer gepolariseerd met een meerderheid van de Indiaanse bevolking aan de ene kant en een elitaire minderheid die hetland honderden jaren gedomineerd heeft aan de andere. Zestig procent van de bevolking leeft beneden de armoedegrens en op het platteland bedraagt dit percentage zelfs negentig procent.

De focus op Bolivia

Volgens de regering Bush draait het in Bolivia echter allemaal om subversieve activiteiten en niet om armoede en onmacht. Toen de Amerikaanse minister van Defensie afgelopen augustus een bezoek bracht aan Paraguay zei hij tegen journalisten dat "er onweerlegbare bewijzen bestaan dat zowel Cuba als Venezuela op een antiproductieve wijze betrokken zijn bij de Boliviaanse ontwikkelingen." Ook volgens één van Rumsfeld's medewerkers was Cuba betrokken bij de onrust. Deze beschuldiging werd zelfs door één van de afgezette Boliviaanse presidenten weerlegd.

Een belangrijk aspect van de onrust in Bolivia is de kwestie wie de controle heeft over de grote gasvoorraden van het land, de op één na grootste op het westelijk halfrond. Onder druk van de Verenigde Staten en het IMF verkocht Bolivia zijn gas in 1995 aan Enron en Shell voor 263,5 miljoen dollar, minder dan één procent van wat de voorraden waard zijn.

Failliete landen en interventie

Met het oog op de te verwachten politieke crisis na de verkiezingen van 18 december en onenigheid over hoe de zetels in het parlement verdeeld moeten worden, hebben de Verenigde Staten verholen dreigementen geuit over 'failliete landen'.

De Amerikaanse generaal Bantz J. Craddock, die aan het hoofd staat van het Zuidelijk Commando, verklaarde tegenover een defensiecommissie van het Huis van Afgevaardigden: "In Bolivia, Ecuador en Peru geven het wantrouwen en het verlies van geloof in de falende instanties voedsel aan anti-Amerikanisme, antiglobalisme en aan demagogen die zich uitspreken tegen de vrije markt. Bolivia is door de Nationale Veiligheidsraad op een lijst van 25 landen gezet waarin de Verenigde Staten mogelijk zullen ingrijpen in geval van 'instabiliteit'."

Dit zijn beangstigende woorden voor de Latijns-Amerikaanse landen. Zouden de Verenigde Staten Bolivia binnenvallen? Gezien de huidige toestand van het Amerikaanse leger is dat onwaarschijnlijk. Zouden de VS het aandurven om de Boliviaanse economie te destabiliseren en mensen te trainen in het gebruik van militair geweld om te verzekeren dat Enron, Shell, British Gas, Total, Repsol én de Verenigde Staten voor een appel en een ei het Boliviaanse gas kunnen blijven kopen? Dat is zeer wel denkbaar. Zou het Witte Huis een dergelijke coup willen gebruiken om een boodschap aan andere landen te sturen? Vanzelfsprekend. President Bush mag dan geen benul hebben van aardrijkskunde, van het omverwerpen van regeringen en het doden van mensen heeft hij des te meer kaas gegeten.

Zal het net zo eenvoudig gaan als vroeger, toen de CIA in Chili vrachtwagenchauffeurs kon omkopen om de hoofdstad lam te leggen en het land zo rijp te maken voor een staatsgreep? Zó eenvoudig is het niet meer in Latijns-Amerika. De Verenigde Staten kunnen dreigen met een handelsoorlog maar de speelruimte voor de VS is kleiner geworden dan destijds. De Mercosur, het handelsblok van Argentinië, Brazilië, Uruguay en Paraguay omvat 250 miljoen mensen, produceert voor een biljoen dollar aan goederen en is de op twee na grootste handelsorganisatie ter wereld. Als de Amerikaanse markt krimpt, zijn de Chinezen meer dan bereid in het gat te springen.

Spaanse summit

Een ontmoeting van Spaanstalige Zuid-Amerikaanse regeringsleiders draaide onlangs uit op een rumoerige aangelegenheid. De verzamelde landen riepen op tot het beëindigen van de 'blokkade' van Cuba. Het woord 'blokkade' verschilt aanzienlijk van het woord 'embargo' dat tot dusver gehanteerd werd. Een 'blokkade' is namelijk een schending van het internationale recht.

Ook werd tijdens de vergadering geëist dat de VS Luis Posada Carrilles aan Venezuela zouden uitleveren vanwege de bomaanslag op een Cubaans lijnvliegtuig in 1976, waarbij 76 mensen om het leven kwamen.

Als de Verenigde Staten iets zouden proberen in Bolivia (of in Venezuela) zouden ze ervaren dat de goede oude tijd waarin regeringen verdreven konden worden met behulp van huurlingenlegers en economische destabilisatie verdwenen is en dat deze landen en hun bevolkingen niet langer buigen voor de reus uit het noorden.

Conn Hallinan is buitenlanddeskundige bij Foreign Policy In Focus (zie www.fpif.org) en docent journalistiek aan de University of California in Santa Cruz.

Bron: Foreign Policy In Focus, Washington, 21 november 2005, vertaling Frans Willems.

©MANIFEST KRANT van de NCPN
Haarlemmerweg 177, 1051 LB, Amsterdam, tel.: 020-6825019