Cubaanse Revolutie: verleden, heden en toekomst

Serie interviews met Cubaanse ambassadeur in het 49ste jaar van de Revolutie

Ambassadeur van Cuba in Nederland, Oscar de los Reyes Ramos (Foto Manifest/wvdk)
Cuba maakt steeds meer werk van nieuwe agrarische methoden om een antwoord te hebben op de mondiale voedselschaarste.

In een exclusief interview in Manifest 4 en 5 met Wil van der Klift, hoofdredacteur van Manifest, opgetekend door Guadalupe Verwaaijen, ging Oscar de Los Reyes Ramos, sinds 2006 ambassadeur van Cuba in Nederland, op een inspirerende manier in op de nu al 49 jaar durende succesvolle Revolutie op Cuba. Het interview eindigde met de vaststelling dat Manifest dit jaar eens in de vier weken een interview publiceert. Er is zoveel te vertellen en er worden zoveel leugens rondgestrooid, dat zelfs een heel jaar informatie verspreiden niet genoeg is om een realistisch beeld van de binnenkort 50- jarige Cubaanse Revolutie te schetsen.

Vorige keer startten we met vragen naar de gevolgen van de kapitalistische crisis voor de bevolking op Cuba en in Nederland. In dit interview gaan we er nader op in.

WvdK:

De laatste keer ging het interview over de negatieve gevolgen van de kapitalistische globalisering en de manier hoe Cuba met deze werkelijkheid omgaat. Ook de internationale solidariteit van Cuba kwam aan de orde. We zagen dat Cuba probeert solidariteit te ontwikkelen in plaats van individualisme. In dit interview willen we dit onderwerp verder uitdiepen. We zijn nieuwsgierig naar de (resultaten van) de maatregelen die Cuba nam om meer solidariteit, eenheid en collectiviteit te bewerkstelligen. We begrepen dat het tijdens de Speciale Periode uiterst moeilijk was om de stappen voort te zetten die al vóór 1990 waren gezet. Maar Cuba slaagde er niettemin in de Revolutie te vervolgen en de eenheid van de bevolking te bewaren.

Oscar de los Reyes Ramos:

De crisis aan het begin van de jaren '90 vormde zeker een belemmering voor onze sociaaleconomische ontwikkelingsplannen. Cuba verloor 75 procent van zijn buitenlandse handel en in minder dan achttien maanden halveerde de olie-invoer. Er werd enorm veel gevergd van onze bevolking, maar omdat onze leider Fidel Castro onophoudelijk opriep tot eenheid binnen de Communistische Partij en binnen de bevolking als geheel konden we de druk en de tegenspoed aan, met één fundamenteel ideaal: ons land redden, evenals de Revolutie en de primaire verworvenheden van het socialisme. Er werd geen enkele school gesloten, geen enkel ziekenhuis en er volgde geen ommezwaai in de richting van privatiseringen. In plaats daarvan boden we verzet, er was meer eenheid en er werden collectieve inspanningen gedaan om op te komen voor hen die het meest te lijden hadden: de gepensioneerden, de ouderen en de mensen met lagere inkomens.

WvdK:

We begrijpen dat er ook negatieve ontwikkelingen plaatsvonden als gevolg van de Speciale Periode. Individualisme, individuele belangen en vormen van moreel negativisme ontstonden en werden een reëel gevaar voor de socialistische idealen. Wat werd er gedaan en zal er worden gedaan om de weg naar het socialisme te vervolgen? Wat is de rol van de vakbeweging (CTC) in dit proces?

Oscar de los Reyes Ramos:

Elke periode van materiële en economische crisis brengt het slechtste in sommige mensen naar boven, maar tegelijkertijd het beste in vele anderen. Onze samenleving streefde al 30 jaar naar socialistische idealen en bracht deze al 30 jaar in de praktijk toen het socialistische blok instortte. Ingeen enkel land is er sprake van unanimiteit; vandaar dat sommigen het vertrouwen verloren, defaitistisch werden of ons zelfs in de steek lieten. De dagelijkse en voortdurende activiteiten van de CTC waren onontbeerlijk om naar de arbeiders te luisteren, hun moeilijkheden te leren kennen en te benadrukken dat niets te vergelijken valt met het verlies van de onafhankelijkheid en de soevereiniteit. De overgrote meerderheid van de Cubaanse bevolking bleef erop vertrouwen dat de crisis overwonnen zou worden als we eendrachtig zouden blijven en samen de buikriem aan zouden snoeren. Het leven heeft aangetoond dat we er nog zijn, tegen bijna alle verwachtingen in en op dit moment kunnen we terugkijken op deze moeilijkste jaren.

WvdK:

Veel toeristen die uit Cuba terugkeren, hoewel geen sympathisanten van de Cubaanse politieke koers, zijn zeer positief over het gedrag van de Cubaanse bevolking. Zij prijzen haar warmte en solidariteit. Is dit het resultaat van het zonnige weer, zoals sommigen dit fenomeen verklaren? Of het resultaat van opvoeding?

Oscar de los Reyes Ramos:

Onze bevolking is net zoals ons klimaat, gastvrij, vriendelijk en warm, daar staan we om bekend. Maar natuurlijk vormen zon, strand en muziek geen concepten voor solidariteit, internationalisme en politiek bewustzijn. Alleen door onderwijs en het stellen van ethische en morele doelstellingen en idealen breng je deze concepten tot leven, vanaf de kindertijd tot in de volwassen jaren.

WvdK:

In ons land probeert de heersende klasse de bevolking bij te brengen dat de vrije markt, individuele verantwoordelijkheid en individualisme de beste manier is om verder te komen. We zien echter een groeiend aantal mensen met stress, psychologische problemen en in het algemeen gesproken steeds meer vervreemding (Marx). De enige manier voor een samenleving om zich te ontwikkelen is om te werken en efficënt te werken. Ook Cuba moet zijn productiviteit continue verder opvoeren. Hoe staat het met het arbeidsrecht op Cuba?

Oscar de los Reyes Ramos:

Het kapitalisme kan het individualisme nog zo hardnekkig verdedigen, maar dit leidt slechts tot een grotere vervreemding, meer consumentisme, frustratie en grotere klassenverschillen. Hard werken en productiviteit hebben niets te maken met de vrije markt en felle concurrentie. Op Cuba hebben we vijftig jaar geleden een eind gemaakt aan het privébezit van onze grondstoffen en productiemiddelen en ook wij moeten hard werken. Intussen verhogen we de productie zonder dat er mensen worden ontslagen, de rechten van de werknemers worden niet voortdurend ingeperkt, we betalen fatsoenlijke salarissen, bieden bestaanszekerheid en zo zijn er nog talloze verworvenheden die we in al die jaren bereikt hebben. We laten zien dat het mogelijk is.

WvdK:

In mijn land wordt het steeds moeilijker voor de mensen om werk te combineren met sociale en politieke activiteiten. De mensen zijn moe na een dag van hard (met groeiende werkdruk) werken. Hoe wordt dit vraagstuk op Cuba opgelost?

Oscar de los Reyes Ramos:

Het leven binnen een revolutionair proces zoals het onze creëert een totaal andere situatie. De mensen zijn eraan gewend om hun dagelijkse werk ondanksalle moeilijkheden te combineren met maatschappelijke inzet voor het collectief. Natuurlijk dragen de militanten een nog grotere verantwoordelijkheid op de werkvloer en in hun buurten. Natuurlijk ben je wel eens moe, maar je kunt ook voldoening halen uit je maatschappelijke en politieke taken. Er is geen gemakkelijke oplossing. Er komt altijd inzet en toewijding bij kijken.

WvdK:

Wat zal het effect zijn op de solidariteit onder de mensen op Cuba bij grotere salarisverschillen zoals kortelings werd bekendgemaakt?

Oscar de los Reyes Ramos:

We brengen eenvoudigweg de 'gouden regel' van de socialistische distributie in de praktijk: werken naar vermogen en beloning naar prestatie. Dat is rechtvaardig en eerlijk en er is geen andere weg vooruit als we onze samenleving willen blijven opbouwen. Dit betekent niet dat de zwakkeren, de gepensioneerden, de ouderen en de zieken vergeten worden, integendeel. Onze Nationale Vergadering en onze massa-organisaties onderzoeken en stellen de wetgeving die gunstig is voor de pensioenen, de sociale dienstverlening en speciale programma's voor de gehele bevolking steeds weer bij. We zorgen er altijd voor dat gezondheidszorg en onderwijs gratis zijn voor elke Cubaan en dat ook huisvesting, hoe moeilijk de omstandigheden ook zijn, heel goedkoop of praktisch gratis blijft. Deze drie dingen, die van enorm belang zijn voor iedereen ter wereld, worden in mijn land gegarandeerd.

WvdK:

Op dit moment heeft Fidel Castro geen directe politieke verantwoordelijkheden meer. Zijn broer Raúl Castro werd tot president gekozen. We zien sommige veranderingen in de Cubaanse politiek, zoals collectief leiderschap, veel concrete nieuwe maatregelen, een voortzetting van de 'Rectificacion' uit 1986 en aanvallen op de negatieve gevolgen van de 'Speciale Periode'. Wat zijn de belangrijkste veranderingen?

Oscar de los Reyes Ramos:

Fidel draagt niet meer de dagelijkse regeringsverantwoordelijkheid, maar hij blijft onze onomstreden leider en onze inspiratie. Zijn frequente leerzame en scherpe artikelen over de meest brandende kwesties op onze planeet worden zowel binnen als buiten Cuba zorgvuldig bestudeerd. Je verwijst echter ook naar de belangrijkste beweegredenen voor onze huidige prioriteiten: het collectivisme wordt benadrukt, evenals de dringende noodzaak tot verhoging van de productiviteit, de strijd tegen het individualisme en tegen antisociaal gedrag. Op alle niveaus moet er soepelere besluitvorming plaatsvinden. De maatregelen die we al genomen hebben zullen evenals die nog op stapel staan een stimulerend effect op de bevolking hebben. Natuurlijk zullen onze vijanden dat niet onderkennen maar dat is niets nieuws.

WvdK:

Dank u voor dit interview.

Juni 2008, vertaling Frans Willems.

©MANIFEST KRANT van de NCPN
Haarlemmerweg 177, 1051 LB, Amsterdam, tel.: 020-6825019