Dichterschap en politiek

Jannis Ritsos (1909-1990), bekend Grieks dichter, Nobel-prijswinnaar en communist. (Foto: Wikimedia)

Anna Ioannatou

Schrijven over dichters in een politieke krant mag op het eerste gezicht misschien niet zo voor de hand liggen. Als het echter om een dichter gaat die een belangrijke plaats inneemt in het politieke leven van een land, verandert de zaak. En als het dan ook nog om een dichter gaat die onverbloemd communist was, wordt alles nog interessanter. Zeker als een kapitalistische regering zich geheid op zo'n dichter stort.

Dit jaar was het 100 jaar geleden dat Jannis Ritsos geboren werd (op 1 mei 1909!). Zou een geboortedatum dan toch een voorspelling inhouden? De regering kondigde officieel 2009 als 'Jannis Ritsos Jaar' aan. Vanwaar dit eerbetoon aan een dichter-communist? Zou het een eerbetoon worden of juist een subtiele manier om hem alsnog voor het executiepeleton te plaatsen? Nu aan het eind van het jaar kunnen we daar meer over zeggen.

Ontzenuwing van een revolutionaire humanist

De vermoedens van het laatste werden in de loop van het jaar bevestigd. Ook Jannis Ritsos werd het slachtoffer van een wijdere tactiek in de kapitalistische landen om grote schrijvers en denkers, die je niet kunt doodzwijgen zonder je gezicht te verliezen, op een andere manier te ontdoen van hun maatschappelijk bewustmakende werk. Het recept: niet verzwijgen, maar ontdoen van de sociaal bewustmakende, zo al niet maatschappelijk radicaal omvormende kern van hun werk. De 20ste eeuw zit vol met communistische of op z'n minst sociaal denkende schrijvers, regisseurs, intellectuelen, die bij tijd en wijle als 'opruiers', 'gevaarlijke revolutionairen', 'systeemvijandig' enz. hardhandig zijn vervolgd en zelfs geliquideerd ('black list', McCarthy-isme, om niet te spreken van nog duidelijkere vormen van fascisme). In Griekenland was dit in de 20ste eeuw een meerderheid.

Ook Jannis Ritsos was een dichter die moeilijk kan worden vermeden, te invloedrijk om verzwegen te worden. Te bekend, vooral nadat een deel van zijn monumentale werk door Mikis Theodorakis op muziek was gezet. Hij moest dus 'gevierd' worden.

Diverse 'kenners' bogen zich naarstig over zijn werk, waarbij gezocht werd naar het religieuze, het metafysische, het utopische element, dat dan ook uitgesponnen wordt. Sommigen slaagden er zelfs in een antisovjetisme te ontdekken door een volstrekt willekeurige, uit de lucht gegrepen overdrachtelijke interpretatie. Deze werkwijze is een algemeen verschijnsel, dat in de 'ontwikkelde westerse' landen al veel eerder kon inzetten dan in Griekenland met een militaire dictatuur nog vers in het geheugen, en dus met meer realisme en minder psychologische marges voor wereldvreemde dromerijen of voor kunst alleen maar om de kunst.

Meer dan een verschijnsel alleen gaat het om een bewuste tactiek om 'opruiende' en revolutionaire schrijvers, laat staan communisten, die zo bekend waren dat ze niet kunnen worden doodgezwegen, onschadelijk te maken door ze zodanig te ontzenuwen dat ze pijnloos voor het bestaande economische en sociale systeem op vooral de jongere generaties kunnen worden losgelaten. De dichter Ritsos van de sociale strijd wordt weggedrukt. Het in zijn werk aanwezige aspect van rouw, verdriet, slijtage en dood wordt - eenzijdig en uit zijn verband losgerukt - benadrukt in een poging een bewuste communist om te turnen in een existentialist, utopist, aanhanger van de christelijke traditie, alleen met zijn sociale visioenen en wat dies meer zij.

Deze tactiek is in Griekenland, zoals gezegd, van jongere datum. Griekenland heeft zich immers relatief kortgeleden losgemaakt van de militair repressieve versie van de burgerlijke 'democratie' en probeert zich nu 'modern' op te stellen. Niet makkelijk, want om bij ons onderwerp te blijven, de overgrote meerderheid van schrijvers, kunstenaars en intellectuelen had zich in de 20ste eeuw achter de communistische partij van het land geschaard en is dan ook massaal achtervolgd, gevangengezet, verbannen, gemarteld en zelfs gefusilleerd.

Strijdcultuur

We moeten ons in dit land niet zo op het verleden fixeren, vindt de overheid. En waar dus het verleden niet verzwegen kan worden wordt het op zijn kop gezet, vervalst, herschreven. Dit jaar is dus daarom Jannis Ritsos-jaar geworden. Terugkomend op de beginvraag: was het om deze communist die het uitroeiingskamp Makronisos (waarover al eerder in Manifest) - niet zonder kleerscheuren overigens - overleefde, toch nog te eren of om hem te ontzenuwen? Nu aan het eind van dit jaar is het mogelijk een balans op te maken van de talloze manifestaties, evenementen en uitzendingen gewijd aan het werk en de persoon Jannis Ritsos. Deze balans geeft ons het recht te antwoorden: verre van een eerbetoon was het een afbouwproces.

Jannis Ritsos wordt tegen zichzelf beschermd in plaats van te respecteren wat de dichter zelf verklaarde i.v.m. zijn ideologische overtuigingen. Het is nu eenmaal niet mogelijk een schrijver te bestuderen los van zijn ideologie, los van zijn wezen, los van zijn leven, dus los van zichzelf en Jannis Ritsos liet hierover geen twijfel bestaan. Zo verklaarde hij in een interview met de krant 'Rizospastis' (partijkrant KKE) van 27/3/1987 (in 1990 overleed hij): "ik ben communist geworden omdat er onrecht, uitbuiting en onderdrukking is. Waarom ben ik communist gebleven? Vanaf het moment dat je met alles wat in je vermogen lag gewerkt hebt voor een betere wereld, kun je dat ideaal toch niet in de steek laten? Dat zou zijn alsof je het beste van jezelf zou loslaten. Als jullie zeggen dat jullie iets aan mij te danken hebben, dat ik een van degenen ben die vorm heeft gegeven aan het sociale gevoel, dan moet ik op mijn beurt zeggen dat ik veel meer aan jullie te danken heb. Aan jullie steun en kameraadschappelijkheid in de donkere tijden van Makronisos, Jaros, Leros (concentratiekampeilanden, A.I.). Ik kan mezelf niet voorstellen los van jullie. Want ik heb heel veel aan jullie te danken, kameraden."

Ook zijn spotten met ex-revolutionairen, die - zoals hij schreef - hun pantoffels al hadden klaarstaan achter de muur waartegen gefusilleerd werd, is niet voor misinterpretatie vatbaar. Voor het geval dat u denkt dat het om een vuurvreter gaat: Jannis Ritsos was een zeer fijngevoelig mens en veelzijdig kunstenaar (afgezien van het schrijverschap beeldend kunstenaar, kunstschilder, danser, acteur).

Een andere stem

Jannis Ritsos is een van die grootheden die de gevestigde burgerlijke orde probeert af te pakken van de communistische beweging en te ontdoen van de idealen die hem een leven lang inspireerden. Uiteraard wordt zijn lidmaatschap van de KKE stelselmatig verzwegen. De communistische partij wordt verweten te doen alsof Jannis Ritsos haar bezit is en paal en perk zou hebben gesteld aan zijn dichtkunst en aan zijn persoonlijke vrijheid van uitdrukking.

Op 21 en 22 november a.s. zal een door de KKE georganiseerd congres plaatsvinden gewijd aan de dichter en communist Jannis Ritsos met een gezelschap sprekers, dat beslist niet alleen uit communisten en/of aanhangers van deze partij bestaat. Dit is het klapstuk na vele andere lezingen, evenementen,tv- en radiouitzendingen, die de KKE en/of vrienden van de partij het hele jaar door op touw hebben gezet. Dit alles zet nog meer kwaad bloed bij fervente reactionairen, maar ook bij vertegenwoordigers van het 'maatschappelijke middenveld'.

Nu de KKE met deze stap van een duidelijker aanwezigheid aan het culturele strijdfront blijk geeft ernaar te streven haar positie van weleer als cultuurdrager en -schepper terug te winnen, zijn de negatieve commentaren in de burgerlijke pers niet van de lucht. Immers hiermee wordt een wig gedreven in hun 'bezitname' van de dichter en dat is een teken aan de wand. De partij doet een beroep op mensen die gewoon de waarheid respecteren en integer genoeg zijn om een belangrijk stuk geschiedenis heel te laten. Want het gaat uiteindelijk niet alleen maar om een dichter...