Inleiding Aleka Papariga op de Ontmoeting van Communistische en Arbeiderspartijen in Brussel op 11 en 12 april 2011

Beste vrienden en kameraden,

de KKE was ideologisch en politiek voorbereid op het uitbreken van de kapitalistische economische crisis, want we zijn op tijd begonnen onze standpunten en vooruitzichten uit te werken ook op basis van wetenschappelijk onderzoek met betrekking tot de ontwikkeling van het kapitalisme in Griekenland als onderdeel van de Europese Unie.

Tevens hielden we zowel serieus rekening met de tegenstellingen binnen de Europese Unie, als met de internationale intra-imperialistische tegenstellingen op grond van de ongelijkmatige ontwikkeling en het feit dat nieuwe kapitalistische landen, zoals China, India en Brazilië - ook Rusland speelt een rol in die strijd - met groot elan op de wereldmarkt zijn verschenen en aan de intra-imperialistische concurrentie deelnemen. We hebben van dichtbij de regionale rol gevolgd die Turkije probeert te spelen, vooral sinds dit land deelneemt aan de welbekende G20.

Zodra de eerste crisiswolken aan de horizon verschenen, hebben we de toestand zeer concreet ingeschat en nog sterker gewezen op de noodzaak de arbeidersbeweging te herstructureren. We hebben via collectieve processen binnen de partij die uitmondden in een Panhelleense Conferentie, een gemeenschappelijk actieraamwerk voor de arbeidersbeweging en diens alliantie met de arme kleinburgerlijke bevolkingslagen, de kleine zelfstandigen, de nijverheidssector, handelaren en arme boeren uitgewerkt. Binnen dat gemeenschappelijke actieraamwerk konden we overgaan tot een specifiekere benadering van de jeugd en de vrouwen, van jonge stellen en de rol van studenten- en vrouwenbeweging.

We hebben extra maatregelen getroffen om ons massale partijwerk in de fabrieken en in de industrie in het algemeen te consolideren, want daar wordt uiteindelijk de loop van de klassenstrijd en het perspectief van een maatschappelijke alliantie beoordeeld. Daarom hebben we binnen de partij de partijleden anders over de diverse partijorganisaties verdeeld en zijn we overgegaan tot het aaneensmeden van partijorganisaties, die een gemeenschappelijk actieveld hebben.

Het is geen toeval dat alle burgerlijke, kleinburgerlijke en opportunistische partijen, los van het feit of ze al dan niet voor het Memorandum gestemd hebben, hun voorstellen richten op hoe de schulden te verminderen, hoe kapitaal te concentreren voor investeringen en hoe de koek groter te maken voor een betere verdeling. Hun voorstellen zijn in de letterlijke zin van het woord een vicieuze cirkel. Ze steunen, met een paar verschillen hier en daar, alle factoren die onvermijdelijk naar een crisis leiden na een tijd van een verhoogd groeitempo van het bnp en de opbrengsten.

Strijden voor een voorlopige verlichting voor de werknemers is heel wat anders dan de zogeheten rechtvaardiger verdeling als alternatieve oplossing te beschouwen of tot theorie te maken ver van de verhouding economie en politiek in het kapitalistische stelsel.

Vandaag de dag hebben we een historische kans om op de basis van een onophoudelijke klassenstrijd denken en handelen van de strijdende volkeren te richten op de macht van de werkende klassen met de arbeidersklasse aan het hoofd. Het moet duidelijk worden, dat zelfs als in een land de meerderheid van de bevolking een parlement kiest, dat in meerderheid de werknemer welgezind is - en dus ook de regering - die regering geen stap voorbij de fundamentele wet van het kapitalisme zal kunnen doen, als zij niet de volgende kwesties oplost: socialisering van de productiemiddelen, uittreding uit de EU en de NAVO, landelijke planning en arbeiderscontrole van onderaf naar boven.

Van meet af aan constateerden wij al - en dat geldt des te meer voor vandaag - hetgeen vanzelfsprekend is, nl. dat een abrupte toename van alle economische en sociale problemen, de stijgende werkloosheid en armoede niet voldoende zijn voor de ontwikkeling van de klassenstrijd, als actie niet gecombineerd wordt met een verscherping van de ideologisch-politieke strijd zowel door de partij als door de klassengerichte arbeidersbeweging en in het algemeen door de radicale organisaties.

Antwoord moet gegeven worden op de diverse pogingen tot verdoezeling van de oorzaak van de crisis, die opzettelijk als een schuldencrisis wordt gepresenteerd, als een crisis van tekorten, van slecht beheer, van een overdreven grote overheidssector, van partijen enz.

Een alliantie van onderaf

Uiteraard hebben we ons niet beperkt tot enkel en alleen een propagandistische tegenaanval. We hebben de samenstelling van een Panhelleens maatschappelijk bondgenootschap gestimuleerd met een gemeenschappelijk strijddoel, nadat we natuurlijk eerst de basis daarvoor hadden voorbereid in samenwerking met andere radicale krachten. Op deze manier was dat voor het eerst in Griekenland. Het PAME nam het initiatief en het Panhelleense Samenwerkingsverband van Landbouwers plus het Panhelleense Samenwerkingsverband van Kleine en Middelgrote Zelfstandigen gingen erop in. De samenwerking breidde zich daarna uit met het Strijdfront van Studerenden en de Federatie van Vrouwen van Griekenland.

Het is geen samenwerking van partijgroeperingen, maar een maatschappelijk bondgenootschap, dat op klassengerichte en radicale organisaties steunt, maar ook doen groeperingen mee die een minderheid vormen in de structuur van de beweging. Van meet af aan werd de nadruk gelegd op de oprichting van volkscomités in de buurten, strijdcomités op de werkplek en vakcomités.

We hebben de klassenstrijd, de strijd van de bevolking van onderaf specifieker ingericht gepaard gaande met een georganiseerde poging aan dit alles een regionaal en landelijk karakter te geven.

Tegelijkertijd hebben we aan het parlement en aan de beweging zelf concrete voorstellen en strijddoelstellingen voorgelegd inzake de werkloosheid en de bescherming van werklozen, werknemers met flexibele werkrelaties, arme ondernemers en boeren, pensioenen en verzekeringsstelsel, gezondheidszorg en onderwijs, de problemen met de arbeiderswoningen, de ernstige vertragingen in beschermende maatregelen tegen aardbevingen, de volksschulden bij de banken enz.

De volkscomités moeten goed voorbereid worden via bredere massale processen. Ze moeten geen naambordjes worden, maar zich richten tot bredere lagen onder de bevolking, die actief worden rond een concreet probleem of pakket van problemen. Elk bestanddeel van deze alliantie gaat door met haar actie elk op haar eigen gebied en werkplek, in de industriezones, in de buurten, op de universiteit, in de scholen. Het is geen conjuncturele optelsom, maar een pool, die werknemers en andere arme bevolkingslagen in de georganiseerde strijd trekt in antimonopolistische, antiimperialistische richting tegen de macht van de monopolies.

De kracht van het bondgenootschap wordt beoordeeld in de fabriek, op de werkplek, daar waar de tegenstelling kapitaal-werk zich rechtstreeks en duidelijk manifesteert. Er zijn al een paar positieve resultaten, bijvoorbeeld ontslagen werknemers die weer aangenomen zijn, het uitbetalen van lonen en schadevergoedingen, het weer aansluiten op het elektriciteitsnet van gezinnen die te arm waren om de rekening te betalen. De belangrijke acties voor de afschaffing van de tolposten op snelwegen, tegen het betalen van toegangsgeld in openbare ziekenhuizen, tegen de stijging van de kosten voor medisch onderzoek, tegen het sluiten van scholen en de vermindering van ziekenhuisbedden blijven doorgaan.

We hebben de besluiten bestudeerd van de vergadering van de Partij van Europees Links, die in Athene plaatsvond. We zien duidelijk dat achter verbaal scherpe uitdrukkingen een standpunt schuilgaat inzake een crisisbeheer, dat het burgerlijk beleid in wezen intact laat. Haar voorstellen koppelen de politiek los van de economie, onderscheiden kapitalisten in leninggevers en leningontvangers en zien de oorzaken los van de gevolgen. In dit kader past ook het zogenaamd radicale voorstel bankkartels of algemeen het stelsel van geldkredieten te socialiseren of het karakter van de kredieten te veranderen. Als dat geen utopie is uit onwetendheid inzake de rol van het krediet in het kapitalisme, dan is het volksbedrog. Helaas gaat het om het tweede. Door de schuld van gevolg tot oorzaak te maken kweken ze een stemming onder de bevolking van opofferingsgezindheid, want schuld is immers een nationaal probleem en de kwestie nationale economie staat boven alles.

Voorstellen tot gemeenschappelijke actie

  1. Gecoördineerd ideologisch-politiek interveniëren, zodat het duidelijker wordt waarom de strijd gaat

    1. Wij schatten in dat de communistische partijen in Europa, hetzij in de lidstaten van de EU, hetzij daarbuiten, systematisch aan de slag moeten en wel gemeenschappelijk, als we het eens kunnen worden, om duidelijk te laten zien dat het uitgangspunt van de crisis in de productie ligt en dat in de circulatie van het geld zich de tegenstrijdigheden en de tegenstellingen, het slecht functioneren van de kapitalistische productiewijze manifesteren. Hieruit vloeit de grote waarheid voort, dat de werkende klasse en haar beweging de voorhoede en de meest op verandering gerichte kracht in de samenleving is. De kracht die de andere lagen van de bevolking kan verenigen tot een dynamisch massaal bondgenootschap.

      Wij vinden het absoluut nodig een echte ideologische tegenaanval te ontwikkelen aan de basis van de strijd om de toegenomen problemen heen, zodat de verhouding tussen economie en politiek zo goed mogelijk begrepen wordt, vooral door de arbeidersklasse.

      Onze opvattingen over de kapitalistische economie, haar fundamentele wetmatigheid, de ontwikkeling van de interne tegenstrijdigheden van het systeem, de (marxistische, nvdr) wet van de tendens tot daling van het winstpercentage, de productie- en verdeelverhoudingen, de rol van het krediet in de kapitalistische productie moeten wijdverbreid worden.

      Het is van vitaal belang met argumenten en gegevens onthullingen te doen omtrent de intra-imperialistische concurrentie. Omtrent wat er gaande is binnen de regionale of wereldwijde unies tussen imperialistische staten. De ervaring van de massa's wordt niet spontaan gevormd zonder de ideologische en politieke strijd te verhevigen, ook al nemen de problemen nog zo toe.

      Dit is een gelegenheid, een serieuze kans de historische grenzen van het kapitalisme, de anarchie van zijn productie, zijn ongelijkmatige ontwikkeling, de grote vermindering van de verhouding tussen eigen industrieel kapitaal tot het bankkapitaal, de mate en het tempo waarin eigendomsrechten worden gekocht en verkocht en de circulatie van het financiële kapitaal te doorzien. De politieke instabiliteit die objectief zal ontstaan moet door en voor de beweging benut worden om scenario's van regeringscoalities te verhinderen, die hun aanval op de bevolking zullen verhevigen met diverse zogenaamd linkse, vernieuwende of centrale alibi's.

      Dat de socialistische revolutie niet op de agenda staat betekent nog niet dat objectief gesproken de arbeidersbeweging niet kan komen met de noodzaak van het socialisme als antwoord op de achterhaalde weg van de kapitalistische ontwikkeling.

    2. Het is onze mening dat een burgerlijke regering in welke samenstelling dan ook slechts in bepaalde richting de crisis het hoofd probeert te bieden en dat dit een bepaald karakter draagt. Er worden maatregelen genomen die leiden tot verheviging van de klassenuitbuiting, de arbeidskracht wordt steeds goedkoper. Crisis betekent ontwaarding - vernietiging van een deel van het kapitaal, hetzij financieel, hetzij reëel kapitaal. De burgerlijke staat echter, dus de macht van het kapitaal, neemt maatregelen om die ontwaarding zo min mogelijk tot verlies van winst te laten leiden of om zo snel mogelijk dit verlies weer aan te vullen.
    3. Het burgerlijk beheer (van de crisis) zal vergezeld gaan van politieke instabiliteit, lokale militaire conflicten en interventies, waarachter zich de botsing tussen krachten van het internationale imperialistische systeem manifesteren.

      De oorlog tegen Libië, de imperialistische interventies in Egypte en Tunesië, in Syrië, in Bahrein, in Jemen van vandaag zijn een vervolg op de imperialistische interventies en oorlogen in Joegoslavië, Irak, Afghanistan, Somalië en Soedan met als doel: er nog zekerder van zijn olie, aardgas en mineralen onder controle te hebben, volksoproeren te verhinderen en vooral ervoor zorgen dat de arbeidersklasse niet wakker wordt, regeringen veranderen in regeringen die worden opgelegd de een of andere imperialist welgezind te zijn.

      Dus de strijd tegen de imperialistische oorlog moet ook een antikapitalistisch karakter krijgen. Dat geldt voor de beweging in het land dat aanvalt, maar ook in het kapitalistische land dat aangevallen wordt. De strijd tegen de vreemde bezetter moet niet haar klassenkenmerken verliezen, want de bourgeoisie verliest haar hoofddoel niet uit het oog of ze nu wint of verliest en dat is de vernietiging, de nederlaag van de arbeidersbeweging, van de volksbeweging in het algemeen.

  2. Een gemeenschappelijke strategie tegenover de EU

    Welke vorm de EU ook gaat aannemen, op één gebied zal zij eensgezind zijn zonder onderlinge tegenstellingen en verschillen van mening: in haar barbaarse strategie tegenover de arbeidersklasse, tegenover de werkende bevolking van alle lidstaten, in haar deelname aan de imperialistische oorlog, aan de 'imperialistische vrede'. Deze politiek tegen de volkeren zal gediend worden door welk EU-apparaat en gemeenschappelijk beleid dan ook. Dat is de klasseninhoud van het Europese federaliseringsproces, dat sommige lidstaten en bepaalde krachten voorstaan. De nationale staat als orgaan, dat de concentratie en centralisatie van kapitaal veiligstelt in harde concurrentie tussen de lidstaten zal niet opzijgeschoven of uitgewist worden.

    De beleidslijn van breken met en zich loskoppelen van de EU is een voorwaarde, als we willen dat de strijd beslecht wordt in het voordeel van de arbeidersklasse, voor het socialistisch perspectief, voor een verenigd socialistisch Europa. Dit perspectief komt niet zomaar automatisch en tegelijkertijd in heel Europa, maar als resultaat van opeenvolgende gecoördineerde acties op nationaal niveau.

De volkeren moeten van hun kant een strijd leveren tegen de burgerlijke staten, de monopolies, zowel op nationaal, als op Europees-internationaal niveau. Er is geen enkele mogelijkheid de EU-besluiten te "corrigeren", je kunt enkel en alleen voorlopig op de rem trappen via een agressieve politiek van breken met de Unie. Uiteindelijk kan de weg naar een socialistisch Europa, naar een Europa van samenwerking op gelijke voet tussen de volkeren alleen bereikt worden als elk land zich loskoppelt en de macht van de bourgeoisie omvergeworpen wordt.

Vertaling Anna Ioannatou.


Haarlemmerweg 177, 1051 LB, Amsterdam, tel.: 020-6825019