Het geweld in Venezuela wordt gepleegd door de oppositie

venezuela.jpg
De chavistische massabeweging met, op deze foto, afbeeldingen van (vlnr) Simón Bolívar, Che Guevara, José Martí en Fidel Castro.

Steve Ellner

De kijk van de Venezolaanse private media en de internationale media op de gebeurtenissen in Venezuela is duidelijk: De regering is verantwoordelijk voor het geweld. Eerst werd er door gewapende ordediensten van de regering op vreedzame demonstranten geschoten, en het geweld dat door aanhangers van de oppositie gepleegd werd, was een reactie op het brute optreden van politie en leger. Maar er zijn heel wat bewijzen die aantonen dat het geweld voor rekening komt van de oppostitie, ook dat van niet geïdentificeerde motorrijders tegen de demonstranten.

Lees de volgende punten:

  1. De oppositie heeft al sinds de staatsgreep van 2002 gewelddadige acties uitgevoerd. In 2003-2004 werd door leiders van de oppositie publiekelijk opgeroepen tot 'guarimba' (of 'foquismo'), gewelddadige acties in de steden, omdat ze dit als enige mogelijkheid zagen om te verhinderen dat het establishment onder een 'dictatoriale regering' zou moeten leven.
  2. Op 11 april 2002, de dag dat Hugo Chávez werd afgezet, gebruikten de Venezolaanse en de internationale media en het Witte Huis naast elkaar geplaatste beelden, met aan de ene zijde Chávez-aanhangers die met pistolen schoten, en aan de andere zijde vreedzaam demonstrerende antiregeringsdemonstranten, om aan te tonen dat de staatsgreep gerechtvaardigd was. In de Ierse documentaire 'The Revolution Will Not Be Televised', en ook wel in andere documentaires, wordt echter via een lopende camera getoond, dat de demonstranten op dat moment ver van de Chávez-aanhangers vandaan waren en dat deze laatsten schoten als reactie, nadat ze zelf door sluipschutters onder vuur waren genomen. Sluipschutters waren verantwoordelijk voor de 15-20 doden (aan de zijde van zowel de demonstranten als de Chávez-aanhangers). We weten dat deze feiten in april 2002 een rechtvaardiging voor de staatsgreep waren. Is er nu niet genoeg reden om beweringen te betwijfelen dat de niet opgespoorde personen die de demonstranten aanvielen, niet ook door kringen van de oppositie aangestuurd werden?
  3. Het geweld dat de laatste twee weken Venezuela teisterde was gericht tegen overheidsgebouwen zoals het hoofdkantoor van de Procureur-Generaal, het gebouw van de publieke televisiezender, de staatsbank Banco de Venezuela, de woning van Chavista-gouverneur van Tachira, vrachtwagens van de overheidssupermarktketen PDVAL en tientallen metro-stellen in Caracas.
  4. Geen enkele oppositieleider heeft een expliciete veroordeling uitgesproken tegen het geweld, opgeroepen door de oppositie. Burgemeesters, die tot de oppositie behoren in Caracas en ook in andere plaatsen, hebben hun politiemacht niet tegen het geweld ingezet, met de bedoeling het te laten voortduren.
  5. De zgn. "vreedzame" demonstranten hebben deelgenomen aan de ontwrichtingen door de belangrijkste verkeersaders te blokkeren, om te proberen het transport stil te leggen. Waar ik woon, aan de belangrijkste verbindingsweg tussen de tweeling-steden Barcleona en Puerto La Cruz, bezetten de demonstranten twee van de drie rijbanen in beide richtingen, waarna kilometerslange files ontstonden. Er werd melding gemaakt van een aantal tragische gebeurtenissen waarbij mensen die met spoed medische hulp nodig hadden, niet op tijd een ziekenhuis konden bereiken.
  6. De term 'salida', wat de belangrijkste slogan van de betogers werd, betekent zoveel als 'machtswisseling'. Het is duidelijk dat de oppositie niet oproept tot een grondwettige oplossing, waarbij Maduro aftreedt en opgevolgd wordt door parlementsvoorzitter Diosdado Cabello, zoals de grondwet dat voorschrijft. Machtswisseling is een radicale leus, die een radicale tactiek nodig maakt.
  7. Politicoloog en Venezuela-kenner David Smilde van de universiteit van Georgia, die geen Chávez-aanhanger is, maar tamelijk onpartijdig in zijn analyses, verklaarde dat de Venezolaanse regering geen enkel voordeel zou hebben bij het gebruik van geweld.
  8. De regering heeft niets te winnen bij gebruikmaking van geweld, omdat de media over het algemeen aan de kant van de oppositie staan, en de bevolking een beeld voorspiegelen van het geweld, waarvan direct en indirect de regering beschuldigd wordt. Kijk eens naar het volgende voorpagina-artikel met de kop: "De hoofdstad zucht onder nachtelijk geweld", van El Universal (20-2-2014), één van de grote kranten van Venezuela: "Afgelopen nacht hebben de Nationale Garde en de Nationale Politie bijna simultane charges uitgevoerd tegen verschillende demonstraties die plaatsvonden in verschillende wijken van de hoofdstad (...) Bij de confrontaties werd geschoten en traangas gebruikt, terwijl de mensen voor hun ramen op potten en pannen sloegen (als protest tegen de regering)."
  9. De Venezolaanse regering heeft grote terughoudendheid betoond gezien het geweld en ontwrichtingen, waartoe door de oppositie werd opgeroepen. In bijna elk ander land ter wereld zou de ontwrichting van het verkeer in belangrijke steden door het hele land geleid hebben tot massa-arrestaties.
  10. Regeringen, en dan vooral de ondemocratische, die geen actieve steun onder de bevolking hebben en de media volledig onder controle hebben, gebruiken effectief repressiemiddelen tegen dissidenten. Dit is in Venezuela niet het geval. Geen van de private zenders en kranten (waar het overgrote deel van de Venezolanen hun nieuws vandaan krijgen) steunt de regering en de meeste zijn uitgesproken antiregering. Bovendien heeft de Chavista-regering en -beweging, en dat is geheel anders dan bij regeringen die harde repressie uitoefenen (zoals Egypte onder Mubarak), een groter mobiliserend vermogen onder de bevolking dan de oppositie, en dan vooral in de volkswijken. Het is zoals Smilde zegt: beweren dat de regering geweld gebruikt is absoluut onzinnig.

Bron: http://venezuelanalysis.com, vertaald uit het Engels: Ardengo Persijn.

©MANIFEST KRANT van de NCPN
Haarlemmerweg 177, 1051 LB, Amsterdam, tel.: 020-6825019