Obama op Cuba

i-001-000.jpg
Obama op Cuba: Na afloop schreef Fidel Castro: 'We hebben niets nodig van imperialisten' (zie Kort Buitenlands Nieuws). De Cubaanse strijdkrachten blijven inmiddels paraat. (Foto: ZLV)

Cuba bevestigt opnieuw dat het de banden met de Verenigde Staten wil versterken, op basis van het respect voor de beginselen van het handvest van de VN en de verklaring van Latijns-Amerika en de Caraïbische staten als vredeszone.

De president van de VS, Barack Obama, bezocht Cuba van 20 tot 22 maart. Dit is het tweede bezoek van een Amerikaanse president aan onze archipel. De vorige was Calvin Coolidge, die in 1928 aan boord van een oorlogsschip aankwam om de 6e Pan-Amerikaanse Conferentie bij te wonen, die destijds door de beruchte Gerardo Machado georganiseerd werd.

Dit is de eerste keer dat een Amerikaanse president Cuba bezocht op een moment waarop het land volledige soevereiniteit geniet, met de revolutie aan de macht, en met haar historische leiding.

Dit is onderdeel van een proces dat op 17 december 2014 begon met het herstel van de diplomatieke banden die 54 jaar eerder door de VS werden verbroken. Dit herstel werd gelijktijdig aangekondigd door Raúl Castro Ruz en Barack Obama. Het is onderdeel van een ingewikkeld herstelproces van de bilaterale verbanden, een proces dat nog maar net begonnen is, en dat alleen mogelijk is op grond van respect, gelijkwaardigheid, wederkerigheid en erkenning van de legitimiteit van onze regering.

Dit punt is allereerst bereikt door het heldhaftige en principiële verzet van het Cubaanse volk, door de verdediging van de nationale onafhankelijkheid en soevereiniteit. Doordat over deze waarden vijftig jaar lang niet te onderhandelen viel, moesten de VS uiteindelijk erkennen dat de blokkade onze bevolking ernstig geschaad heeft, en dat de openlijke vijandschap tegenover de revolutie een mislukking was. Ze konden noch door geweld, noch door economische druk, noch door isolatiepolitiek hun voorwaarden aan Cuba opdringen, voorwaarden die niet overeenstemden met de idealen waar we 150 jaar lang heldhaftig voor hebben gestreden.

Het huidige proces met de Verenigde Staten werd verder mogelijk gemaakt door de onvoorwaardelijke internationale solidariteit, met name vanuit de regeringen en volkeren van Latijns-Amerika en de Caraïben, die ervoor zorgden dat de isolatiepolitiek van de VS niet meer houdbaar was. Zij eisten gezamenlijk een verandering van deze politiek, 'als zilver in de grondslagen van de Andes', in de woorden van onze nationale held Martí in 'Ons Amerika'. Deze regionaal gedragen eis werd duidelijk gemaakt tijdens de Summits of the Americas in Trinidad en Tobago in 2009 en in Colombia in 2012, waarop alle landen uit de regio unaniem en volledig de eis stelden dat de blokkade moest worden opgeheven, en tijdens de zevende editie van deze bijeenkomst in Panama in 2015, waar voor het eerst een Cubaanse delegatie onder leiding van Raúl aanwezig was.

Sinds de aankondiging in december 2014 hebben Cuba en de VS verschillende stappen gezet om de bilaterale situatie te verbeteren. Op 20 juli 2015 werden de diplomatieke banden officieel hersteld, met de bedoeling om deze op basis van respect, samenwerking en de principes van het internationaal recht te ontwikkelen.

Er vonden twee gesprekken plaats tussen de presidenten van beide landen en ontmoetingen tussen ministers en andere belangrijke personen. Op verschillende terreinen wordt de samenwerking versterkt en doen zich nieuwe kansen voor om de discussie over bilaterale en multilaterale zaken te voeren, ook die waar we verschillend over denken.

De Amerikaanse president kreeg in Cuba een welkom van de regering en de bevolking dat bij onze gastvrijheid past en werd behandeld met alle achting die bij een staatshoofd past. Voor de president was dit een kans om met eigen ogen te zien hoe een land zich economisch en sociaal aan het ontwikkelen is om de welvaart van de bevolking te verbeteren. Een volk dat rechten heeft en verworvenheden aan kan tonen waar veel landen alleen maar van kunnen dromen, ondanks dat we beperkt worden door het feit dat we een onderontwikkeld land zijn en met een blokkade te maken hebben. Hiervoor krijgen we veel internationale erkenning.

Belangrijke internationale figuren zoals Paus Franciscus en Patriarch Kirill omschreven dit eiland in een gezamenlijke verklaring als 'een symbool van hoop in de nieuwe wereld'. De Franse president Hollande bevestigde recent dat 'Cuba in heel Latijns-Amerika gerespecteerd en gehoord wordt' en hij prees het vermogen van het land om de zwaarste beproevingen te weerstaan. De Zuid-Afrikaanse leider Nelson Mandela sprak altijd woorden van dankbaarheid voor Cuba. Op 26 juli 1991 zei hij in Matanzas: 'In Afrika zijn we gewend slachtoffer te zijn van andere landen die ons gebied willen innemen of onze soevereiniteit willen ondermijnen. In de geschiedenis van Afrika zijn er geen andere voorbeelden van volkeren (zoals de Cubanen) die een van ons zo verdedigd hebben.'

Obama bezocht een land dat actief bijdraagt aan de vrede en stabiliteit in de regio en in de wereld, een land dat niet alleen de kruimels met andere landen deelt, maar alle bescheiden middelen die we hebben. Solidariteit is een kernbegrip in onze identiteit, het welzijn van de mensheid is een van de kerndoelen van onze internationale politiek, zoals we van Martí geleerd hebben. Obama heeft ook een trots, vriendelijk en waardig volk gezien, een volk met een sterk gevoel van patriottisme en nationale eenheid, een volk dat altijd voor een betere toekomst gestreden heeft, ondanks alle moeilijkheden.

De president werd welkom geheten door een revolutionaire bevolking met een diepgewortelde politieke cultuur, het resultaat van een lange strijd voor daadwerkelijke, definitieve onafhankelijkheid, eerst tegen het kolonialisme, later tegen de imperialistische overheersing door de VS. Een strijd waar onze beste zonen en dochters zich voor hebben opgeofferd en allerlei risico's voor hebben gelopen. Een volk dat nooit zijn beginselen en het grote werk van de revolutie zal verloochenen, dat zonder twijfel het voorbeeld van Carlos Manuel de Cèspedes, José Martí, Antonio Maceo, Julio Antonio Mella, Rubín Martínez Villena, Antonio Guiteras, Ernesto Che Guevara en vele anderen zal volgen.

Dit is ook een volk dat verenigd wordt door de warme historische en culturele banden met de VS. Zijn grootste symbool, Ernest Hemingway, ontving de Nobelprijs voor de Literatuur met een boek dat zich in Cuba afspeelt. Een volk dat zich dankbaar toont aan mensen uit de VS die meevochten met het bevrijdingsleger in de onafhankelijkheidsoorlogen tegen Spanje, zoals Thomas Jordan [1], Henry Reeve, Winchester Osgood [2] en Frederick Funston [3]. En degenen die recenter de agressie tegen Cuba hebben bestreden, die, zoals de dominee Lucius Walker, ondanks de blokkade solidariteit en hulp hebben gebracht, die de terugkeer van Elián González en de Cuban Five gesteund hebben. Van Martí hebben we geleerd het land van Lincoln te bewonderen en dat van Cutting [4] af te wijzen.

Het is goed om nog eens te verwijzen naar de woorden van Fidel Castro op 11september 2001, die toen zei: 'Dit is een tragische dag voor de Verenigde Staten. Jullie weten dat hier nooit haat voor de VS gezaaid wordt. Misschien is Cuba juist door haar cultuur, zonder complexen, volledig vrij, met een vaderland en zonder overheerser, een land waar Amerikaanse staatsburgers met meer respect behandeld worden. We hebben nooit nationale haat of fanatisme verspreid, daardoor zijn we juist zo sterk. Omdat we ons baseren op beginselen, op ideeën, en alle Amerikanen met respect behandelen. En dat merken zij ook op.'

Ditzelfde volk ontving president Obama. Ze zijn trots op hun geschiedenis, hun wortels, hun nationale cultuur, en ze hebben er vertrouwen in dat een betere toekomst mogelijk is. Een volk dat sereen en vastberaden de huidige fase van de banden met de VS aangaat, een volk dat zowel de mogelijkheden als de onopgeloste problemen tussen onze landen erkent.

Het bezoek van de president van de VS was een belangrijke stap om de banden te normaliseren. We moeten erop wijzen dat Obama, net als Jimmy Carter eerder, zijn uitvoerende macht ingezet heeft om richting normalisering te werken, en daar ook concrete actie op ondernomen heeft.

Toch ligt er nog een lange weg voor ons om normalisering te verwezenlijken. Daarvoor moeten een aantal kwesties die zich al meer dan een halve eeuw ophopen, opgelost worden. Zaken die ervoor gezorgd hebben dat de hakken in het zand zijn gegaan, problemen die niet binnen één dag, of door één presidentieel bezoek, opgelost kunnen worden.

Om de banden met de VS te herstellen is het van het grootste belang dat de economische, commerciële en financiële blokkade, die zoveel schade veroorzaakt en die ons land achterstelt, opgeheven wordt. We moeten erkennen dat Obama herhaaldelijk gezegd heeft dat dit moet gebeuren en dat hij het Congres daartoe heeft opgeroepen. Ook onder de Amerikaanse bevolking wordt de roep daarom steeds luider, terwijl de internationale gemeenschap daar bijna unaniem over is. Op 24 verschillende momenten heeft de Algemene Vergadering van de VN de Cubaanse resolutie over de noodzaak van het opheffen van de blokkade goedgekeurd.

De Amerikaanse president heeft een aantal positieve stappen gezet om de uitvoering van bepaalde onderdelen van de blokkade aan te passen. Verantwoordelijken in zijn regering zeggen dat ze verdere mogelijkheden onderzoeken. Toch is het nog niet mogelijk geweest om deze maatregelen goed uit te voeren, omdat ze te beperkt zijn, omdat andere regels blijven bestaan, en door de intimiderende werking die van de blokkade in zijn geheel uitgaat. Het is tegenstrijdig dat een regering enerzijds deze stappen zet terwijl ze tegelijkertijd zwaardere sancties tegen Cuba doorvoert, die het dagelijks leven van onze mensen beïnvloeden. De praktijk blijft uitwijzen dat de blokkade bestaat en hardhandig wordt doorgezet, zelfs tot ver buiten de grondgebieden van onze landen, wat een afschrikwekkende werking richting bedrijven en banken in de VS en andere landen heeft.

Een voorbeeld hiervan zijn de boetes van miljoenen dollars voor bedrijven en financiële instellingen in de VS en andere landen die banden met Cuba ontwikkelen; het weigeren van dienstverlening en het blokkeren van het financieel verkeer van internationale banken in ons land; en het tegenhouden van legitieme overschrijvingen van en naar Cuba, ook in andere valuta's dan de dollar.

De Cubaanse bevolking hoopt dat het bezoek van de Amerikaanse president hem sterkt in zijn overtuiging om actief deel te nemen aan het debat in het Congres om de blokkade op te heffen, en dat hij in de tussentijd zijn macht gebruikt om de toepassing ervan zoveel mogelijk bij te stellen op punten waar geen verandering in de wetgeving nodig is.

Ook andere kwesties moeten opgelost worden om normale banden mogelijk te maken. Het gebied in Guantánamo, dat tegen de wil van onze bevolking en regering door de Amerikaanse marine wordt bezet, moet worden teruggegeven aan Cuba, een verlangen dat al meer dan honderd jaar bestaat. Ingrepen die gericht zijn op destabilisering en verandering van onze politieke, economische en sociale rechtsorde moeten worden stopgezet. De politiek van 'regime change' moet voorgoed worden teruggedraaid.

Ook moeten de VS afstappen van het idee dat er met geld van de Amerikaanse belastingbetaler een oppositie in Cuba gevormd kan worden. Er moet een einde komen aan de agressieve radio- en tv-uitzendingen richting Cuba, die het internationaal recht schenden, en aan het onwettige politieke gebruik van telecommunicatie. De VS moeten erkennen dat het doel van die middelen niet is om de Cubaanse maatschappij op een bepaalde manier te beïnvloeden, maar dat de techniek in dienst moet staan van de ontwikkeling en het kennispeil.

Het voorkeursbeleid voor migranten uit Cuba, dat verwoord staat in de Cuban Adjustment Act en in het "wet foot, dry foot"-beleid, kost mensenlevens en leidt tot illegale emigratie, mensenhandel en verdere problemen voor andere landen. Deze toestand moet veranderen, net als het 'Parole'-programma dat medisch personeel weg moet lokken. Hierdoor worden mensen die van levensbelang zijn voor de gezondheid van onze bevolking aan ons land onttrokken, en aan de landen die anders van de Cubaanse ontwikkelingssamenwerking hadden kunnen profiteren. Ook het beleid om Cubaanse sporters te verplichten om hun banden met Cuba te verbreken om in de VS te kunnen spelen, moet veranderen.

Deze politiek uit het verleden past niet meer bij de nieuwe fase die de Amerikaanse regering met ons land is ingegaan. Deze zaken zijn allemaal voor het aantreden van Obama vastgesteld. Hij kan er echter een aantal bijstellen door middel van 'executive orders' en een aantal volledig opheffen.

Cuba heeft het op zich genomen om een nieuwe band met de VS aan te gaan, volledig gebaseerd op zijn soevereiniteit en de idealen van sociale rechtvaardigheid en solidariteit. Niemand kan verwachten dat we daarvoor onze principes opzij moeten zetten, dat we moeten wijken, of dat we moeten loslaten wat we in onze grondwet hebben gezet: 'Economische en diplomatieke banden met een andere staat kunnen nooit plaatsvinden door agressie, dreiging of druk van een buitenlandse mogendheid.'

Er kan geen twijfel bestaan over de onvoorwaardelijke revolutionaire en anti-imperialistische houding van Cuba en van zijn buitenlandse politiek, die steun verleent aan de goede zaken in de wereld, aan de verdediging van het zelfbeschikkingsrecht van volkeren, en aan onze zusterlanden.

Zoals we in onze laatste verklaring van de revolutionaire regering stelden, zijn en blijven we solidair met de Bolivariaanse Republiek Venezuela, met de regering van president Nicolás Maduro, en met het Bolivariaanse, Chavistische volk, dat strijdt om een eigen weg te vinden tegenover de stelselmatige destabilisering en de unilaterale sancties die het gevolg zijn van een onterecht presidentieel besluit van maart 2015, dat overal in Latijns-Amerika en de Caraïben veroordeeld is. De aankondiging van 3 maartjl., dat de zogenoemde 'nationale noodsituatie' en sancties worden voortgezet, is een onaanvaardbare ingreep in de binnenlandse aangelegenheden van Venezuela. Dit besluit moet worden teruggedraaid, en Cuba zal dit voortdurend eisen.

Zoals Raúl Castro zei: 'We zullen onze idealen van onafhankelijkheid en sociale rechtvaardigheid nooit verloochenen, we zullen niet één van deze principes loslaten, we zullen geen millimeter toegeven in de verdediging van onze nationale soevereiniteit. We laten onszelf niet onder druk zetten in onze binnenlandse aangelegenheden. Dit soevereine recht hebben we met grote offers verworven.' We herhalen nogmaals dat we de huidige situatie bereikt hebben door onze overtuiging, en omdat we het verstand en de gerechtigheid aan onze kant hebben.

Cuba bevestigt opnieuw dat het de banden met de Verenigde Staten wil versterken, op basis van het respect voor de beginselen van het handvest van de VN en de verklaring van Latijns-Amerika en de Caraïbische staten als vredeszone. Deze beginselen worden onderschreven door de staatshoofden uit onze regio. Ze omvatten het absolute respect voor de onafhankelijkheid, soevereiniteit en het recht van elk land om zijn eigen politieke, economische en culturele systeem te bepalen zonder enige vorm van inmenging, en gelijkwaardigheid en wederkerigheid. Cuba herhaalt dat het de dialoog met de VS op basis van respect wil aangaan en dat het een beschaafde co-existentie wil ontwikkelen. Dit betekent dat we niet verplicht zijn onze ideeën te verloochenen en die ons zover gebracht hebben, het socialisme, onze geschiedenis, onze cultuur. De diepgaande verschillen tussen Cuba en de VS over o.a. het te volgen politieke model, sociale rechtvaardigheid, internationale relaties, de wereldvrede en de stabiliteit, blijven bestaan.

Cuba verdedigt de ondeelbaarheid, de verwevenheid en de universaliteit van burger-, politieke, economische, sociale en culturele mensenrechten. We zijn ervan overtuigd dat overheden de taak hebben om het recht op gezondheid, onderwijs, sociale zekerheid, gelijk loon naar werken, kinderrechten en het recht op voedsel en ontwikkeling te verdedigen en garanderen. We weigeren de politieke manipulatie en hypocrisie omtrent mensenrechten. Cuba heeft hierover 44 internationale verdragen ondertekend, de VS heeft zich aan slechts 18 gecommitteerd. Cuba heeft op dit gebied veel te zeggen, te verdedigen en te laten zien. Onze banden met de VS moeten ertoe leiden dat beide landen elkaars verschillen respecteren en een band ontwikkelen waar beide bevolkingen beter van worden.

Hoe de banden met de VS zich verder ook ontwikkelen, het Cubaanse volk gaat verder. Op eigen kracht en met onze bewezen vaardigheden en creativiteit blijven we werken aan de ontwikkeling van het land en het welzijn van de Cubanen. We stappen niet af van onze eis dat de blokkade, die zoveel schade blijft veroorzaken, moet worden opgeheven. We gaan door met het vernieuwen van ons sociaaleconomisch model, en met het opbouwen van een welvarend, duurzaam socialisme om de verworvenheden van de revolutie te bestendigen.

Een weg waar we zelfstandig voor hebben gekozen, die ongetwijfeld zal worden bekrachtigd op het 7e Congres van de Communistische Partij van Cuba, met Fidel en Raúl als overwinnaars.

Dit Cuba heeft president Obama van harte welkom geheten.

Noten

  1. [1] Majoor-generaal, stafchef van het bevrijdingsleger (1869).
  2. [2] Comandante. Gesneuveld tijdens het beleg van Guáimaro op 28 oktober1896.
  3. [3] Kolonel onder bevel van Calixto García.
  4. [4] Propageerde in 1886 haat en agressie tegen Mexico.

Vertaling: Matthijs Dröge.

©MANIFEST KRANT van de NCPN
Haarlemmerweg 177, 1051 LB, Amsterdam, tel.: 020-6825019