Verslag van werkzaamheden voor het 7e Congres van de Cubaanse Communistische Partij, gepresenteerd door eerste-secretaris Raúl Castro Ruz.

We beginnen de zittingen van het 7e Congres van de Cubaanse Communistische Partij Cuba op de vijfenvijftigste verjaardag van de verklaring door commandant Fidel Castro Ruz over de socialistische aard van de Revolutie op 16 april 1961. We eren de gevallenen van een dag eerder, tijdens de bombardementen op Cubaanse vliegvelden. Deze bombardementen waren de opmaat tot de invasie in de Varkensbaai door huurlingen die gesteund werden door de Amerikaanse regering. Binnen 72 uur werden zij verslagen, dankzij snel optreden door acties van onze veiligheidsdiensten en de moedige strijders van het rebellenleger, politieofficieren en de milities. Voor het eerst vochten zij om het socialisme te behouden, onder direct commando van Fidel.

We ontmoeten elkaar hier precies vijf jaar na het vorige Congres, in overeenstemming met de 17e resolutie die tijdens de eerste partijconferentie werd aangenomen. Zoals in de partijstatuten is vastgelegd, organiseren we op regelmatige basis ons partijcongres, behalve in geval van oorlogsdreiging, natuurrampen of andere buitengewone omstandigheden.

Het 7e Congres, het opperste orgaan van de Cubaanse Communistische Partij brengt duizend vertegenwoordigers bijeen die democratisch genomineerd en verkozen werden. Zij representeren meer dan 670.000 partijleden uit ongeveer 54.500 partijafdelingen.

Zoals jullie zien is het aantal partijleden afgenomen. Dit is een gevolg van de negatieve demografische trend, het restrictiebeleid op het lidmaatschap dat we sinds 2004 hanteren en van tekortkomingen in het opleiden, behouden en motiveren van potentiële leden. Deze ontwikkeling is de afgelopen jaren echter afgeremd.

Sinds het laatste congres hebben we elk jaar op zijn minst twee plenaire sessies van het Centraal Comité gehouden om de vooruitgang in de uitvoering van de beleidsrichtlijnen te analyseren: de uitvoering van het economisch plan, de nationale begroting en verwante onderwerpen. Dit is in overeenstemming met de 18e resolutie van de eerste partijconferentie. De economische vooruitgang en de uitvoering van de richtlijnen zijn eveneens besproken tijdens de halfjaarlijkse vergaderingen van de Nationale Assemblee van de Volksmacht, het opperste orgaan van de staatsmacht.

Tijdens dit 7e partijcongres kunnen we vier belangrijke voorstellen presenteren over belangrijke onderwerpen waaraan al gewerkt werd onmiddellijk na afloop van het 6e partijcongres. Deze zijn:

Dit zijn uitvoerige en complexe documenten die de loop van het Cubaanse revolutionaire proces, de partij en de samenleving zullen bepalen. Ze zijn gericht op de toekomst en de opbouw van een welvarend en duurzaam socialisme. Ze zijn nauw aan elkaar verbonden en moeten niet als voltooide projecten worden beschouwd. Ook mogen ze niet met een starre en dogmatische blik bekeken worden. Na de discussies tijdens deze bijeenkomst zullen ze onderwerp zijn van een regelmatig verbeterproces waardoor de inhoudelijke dynamiek behouden blijft, net zoals wij deden na het 6e Congres.

Bij het vorige congres waren voorgestelde richtlijnen vooraf onderwerp van een uitgebreide consultatie door partijleden, de communistische jeugd en de gehele bevolking, waarna de richtlijnen vastgesteld werden door de Nationale Assemblee. Dit proces wordt nu niet herhaald. Het werk van dit Congres is gericht op het ratificeren en voortzetten van de beleidslijnen die vijf jaar geleden overeengekomen werden ter modernisering van ons sociaaleconomisch model.

De vier documenten die tijdens dit evenement gepresenteerd worden zijn het resultaat van gemeenschappelijke inspanningen, met deelname van universiteitsprofessoren, academici, economen en sociale wetenschappers, de regering en partijvertegenwoordigers. De eindversies van de voorstellen werden eerst elk door een eigen commissie geanalyseerd en werden vervolgens bediscussieerd tijdens twee plenaire sessies die het Centraal Comité van de partij afgelopen december en januari organiseerde. Tijdens dit proces werden meer dan 900 opmerkingen en suggesties verzameld. Dit leidde tot nieuwe versies van de voorstellen die onderzocht werden door congresvertegenwoordigers uit alle provincies begin maart. Het aantal opmerkingen en voorstellen van meer dan 3500 mensen uit verschillende sectoren van de Cubaanse samenleving, onder wie ook vertegenwoordigers uit de Nationale Assemblee leidde tot in totaal 8800 bijdragen.

Voor het eerst zullen we tijdens een congres een document voorleggen dat betrekking heeft op de vormgeving van Cuba's sociaaleconomisch model, waarin de theoretische basis en de essentiële kenmerken van het sociaaleconomisch model waarnaar we streven in dit moderniseringsproces uiteengezet wordt. In de afgelopen vijf jaar zijn acht versies van het document succesvol geanalyseerd, eerst door het Politiek Bureau voor de uitvoering van de besluiten van het 6e Congres en daarna tijdens gezamenlijke vergaderingen van dit Politiek Bureau en het Centraal Comité, met deelname van de ministerraad.

Het voorstel tot de fundamentele elementen van het Nationaal Ontwikkelingsplan 2030 is het resultaat van meer dan vier jaar werk door academici en deskundigen die verbonden zijn aan regeringsorganisaties en de Permanente Commissie voor Beleidsuitvoering en -Ontwikkeling. Het document richt zich op een nog wat abstracte kwestie. De technische complexiteit ervan bracht met zich mee dat we nog niet in staat waren om een complete versie van het Nationale Ontwikkelingsplan 2030 aan dit congres voor te leggen zoals aanvankelijk de bedoeling was. Het zal echter de basiselementen daarvan presenteren, de visie van het land, de prioriteiten en de strategische sectoren. Het zal een waardevol instrument blijken om te blijven werken aan een volledig voorstel dat we tegen 2017 hopen te voltooien.

Om deze documenten te verrijken en te perfectioneren stellen we voor de fundamentele uitgangspunten en de uitwerking van het Nationaal Ontwikkelingsplan na de beoordeling door het congres voor te leggen tijdens democratische discussies door leden van de partij en de Communistische Jeugdliga, vertegenwoordigers van massaorganisaties en brede sectoren van de Cubaanse samenleving. Daarom vragen we van het Congres de bevoegdheid waarmee het Centraal Comité de nodige wijzigingen kan doorvoeren die voortvloeien uit het consultatieproces, waaronder ook relevante aanpassingen aan richtlijnen die uit deze bijeenkomst naar voren komen, evenals de uiteindelijke goedkeuring van de documenten.

We wisten dat het uitvoeringsproces van de door het 6e Partijcongres goedgekeurde richtlijnen geen gemakkelijke taak zou zijn, dat we met veel obstakels en tegenstrijdigheden zouden worden geconfronteerd en dat de essentiële veranderingen die nodig zijn om ons sociaaleconomisch model te moderniseren meer tijd zouden vergen dan vijf jaar. Deze beoordeling bleek juist.

We hebben gestaag vooruitgang geboekt in dit proces, zonder haast maar zonder te pauzeren, kortom met de noodzakelijke snelheid en met het vooruitzicht van succes. Het belangrijkste obstakel was, precies zoals we hadden voorspeld, de verouderde mentaliteit die aanleiding gaf tot traagheid en gebrek aan vertrouwen in de toekomst. Er zijn, zoals te verwachten was, ook nog steeds nostalgische gevoelens voor de gemakkelijker tijden in het revolutionaire proces, toen de Sovjet-Unie en het socialistische kamp nog bestonden. Anderzijds waren er versluierde ambities om het kapitalisme te herstellen als oplossing voor onze problemen.

Desondanks hebben we systematisch en intensief gewerkt om de richtlijnen toe te passen. Van de 313 goedgekeurde richtlijnen is nu 21 procent volledig toegepast, 77 procent bevindt zich op dit moment nog in de uitvoeringsfase, met 2 procent is nog geen aanvang gemaakt. Deze cijfers weerspiegelen de omvang van de inspanningen en de aanzienlijke vooruitgang tot nu toe niet volledig, zoals blijkt uit de goedkeuring van 130 beleidsmaatregelen en de invoering van 344 nieuwe wettelijke voorschriften, de wijziging van 55 normen en de herroeping van 684. De uitvoering van goedgekeurd beleid werd echter vooral vertraagd door het langzame tempo waarmee wettelijke regelgeving in de praktijk toegepast werd.

Door de inspanningen tijdens de uitvoering van het beleidsproces en doordat er nieuwe taken werden ingebed in het moderniseringsproces van het economisch model van het land, wordt er een herzien voorstel voor de periode 2016-2021 aan het Congres voorgelegd, waarin een totaal van 268 richtlijnen zijn opgenomen, waarvan er 31 niet gewijzigd zijn en 193 wel, met 44 nieuwe toevoegingen.

Bij de beoordeling van het tempo van de huidige veranderingen, moeten we nooit vergeten dat we in Cuba nooit een zogenaamde 'shocktherapie' zullen toepassen, die met veel nadelen vaak gebruikt werd voor de armste sectoren van de samenleving. Dit uitgangspunt, dat overeenkomt met ons principe dat niemand aan zijn lot zal worden overgelaten, heeft grote invloed op de snelheid van de vooruitgang die geboekt wordt in het moderniseringsproces van het economisch model van het land. Tegelijkertijd spelen ook nog de impact van de wereldwijde financiële crisis en vooral de gevolgen van de economische blokkade tegen Cuba.

Neoliberaal beleid dat een versnelde privatisering van staatsbedrijven en sociale diensten, zoals gezondheidszorg, onderwijs en sociale zekerheid aanmoedigt, zal nooit worden toegepast in Cuba's socialistisch model. Zelfs met de huidige economische beperkingen heeft Cuba sociale voorzieningen voor de bevolking op het gebied van onderwijs, volksgezondheid, cultuur, sport en sociale zekerheid weten te handhaven en perfectioneren. Toch moeten we het belang van de kwaliteitsverbetering van deze diensten blijven benadrukken.

De transformaties die gemaakt werden in het kader van de reorganisatie in deze sectoren hebben ondanks de aanvankelijke klachten en misverstanden die met de benodigde aanpassingen werden verholpen, bijgedragen aan een verhoging van de kwaliteit van deze dienstverlening tegen minimale kosten, zoals onder meer blijkt uit de gezondheidsindicatoren. Om maar een voorbeeld te noemen: het kindersterftecijfer in ons land bedraagt slechts 4,2 per 1000 levendgeborenen. Dat is vergelijkbaar met het cijfer in zeer weinig van de meest ontwikkelde landen.

Het aantal onderwijsinstellingen is afgenomen. Er zijn bijna 250.000 kostschoolleerlingen minder, als gevolg van de reorganisatie van het scholennetwerk. Het hoger aantal inschrijvingen voor technisch- en beroepsonderwijs heeft geleid tot de succesvolle herstructurering van het opleidingssysteem voor handarbeiders en geschoolde werknemers. Er loopt momenteel een programma om de faciliteiten en de apparatuur in het onderwijs te vernieuwen.

In het nationaal volksgezondheidssysteem wordt een reeks maatregelen om diensten te reorganiseren, rationaliseren en regionaliseren uitgevoerd, met als doel de verbetering van de volksgezondheid, de kwaliteit van de patiëntenzorg en de tevredenheid. Ook de verdere ontwikkeling van efficiëntie en duurzaamheid van de sector blijven gewaarborgd. De verbeteringen in de managementstructuren en aanpassingen van werkroosters van het personeel heeft geleid tot een vermindering van 152.000 banen en het overplaatsen van meer dan 20.000 artsen. Deze beslissingen waren samen met andere gericht op een rationeler gebruik van de middelen waardoor het budget van het ministerie van Gezondheid omlaag kon met meer dan twee miljard peso's.

Inmiddels zijn er problemen vastgesteld met apotheekbenodigdheden, met geïmporteerde en in eigen land geproduceerde geneesmiddelen, terwijl de aanwezigheid van hygiënische en sanitaire omstandigheden die bijdragen tot de verspreiding van besmettelijke ziekten zoals cholera, dengue, chikungunya, het onlangs ontdekte zikavirus blijven aanhouden. Momenteel wordt er een actieplan ontworpen ter bestrijding van ziektes die worden overgebracht door de tijgermug. Dit plan mag niet gezien worden als een van de vele gezondheidscampagnes maar als een strategie voor de lange termijn.

Beslissingen die gemaakt worden voor de Cubaanse economie zullen nooit, onder geen enkele omstandigheid, een breuk betekenen met de idealen van gelijkheid en sociale rechtvaardigheid van de Revolutie. Ze zullen geen scheuren veroorzaken in de sterke eenheid tussen de meerderheid van de bevolking en de partij. We zullen nooit toestaan dat dergelijke maatregelen tot instabiliteit en onzekerheid onder de bevolking leiden. Daarom dring ik aan op veel gevoeligheid en een duidelijke politieke visie om vooruitgang te boeken in het uitvoeringsproces van de richtlijnen. Het is belangrijk om de bevolking goed te informeren, om met veel discipline en nauwgezetheid te werken, om goed toezicht te houden op de transformaties. Zoals we al hebben gezegd, moeten we onze ogen en oren goed de kost geven en met beide benen op de grond blijven staan.

Het meest sprekende voorbeeld van de complexiteit van het proces is het dubbele valutasysteem, een kwestie waaraan we de afgelopen vier jaar voortdurend gewerkt hebben. Een oplossing ervoor zal zo spoedig mogelijk worden gevonden. Hoewel dit geen wondermiddel zal zijn tegen de structurele verstoringen in onze economie, zal het samen met andere maatregelen ter verbetering van het Cubaans economisch model een positieve uitwerking hebben op onze ontwikkeling. De reorganisatie van het valutasysteem zal bijdragen tot het scheppen van de noodzakelijke voorwaarden om de schadelijke effecten van het egalitarisme te overwinnen en om het socialistische principe "van ieder volgens zijn vermogen, aan ieder volgens zijn werk" te vervullen.

Zodoende is het mogelijk om de zogenaamde 'omgekeerde piramide'-situatie die niet toelaat dat werkzaamheden op een eerlijke manier beloond worden te corrigeren, op basis van kwantiteit, kwaliteit en complexiteit. Zolang de levensstandaard niet gebaseerd is op het wettelijk inkomen genereren we ongemotiveerde werknemers en leidinggevenden en worden mensen ontmoedigd om te streven naar een positie met een grotere verantwoordelijkheid.

We herhalen dat we bankrekeningen in buitenlandse valuta's, in Cubaanse converteerbare peso's (CUC) en Cubaanse nationale peso's (CUP) zullen beschermen, evenals het contante geld van de bevolking en binnen- en buitenlandse bedrijven.

Het systeem van staatsbedrijven dat de belangrijkste wijze van beheer in de nationale economie vormt, bevindt zich in een nadelige positie ten opzichte van de groeiende niet-overheidssector, die kan werken in een monetair systeem met een wisselkoers van één CUC tot 25 CUP terwijl het overheidssysteem werkt op basis van één CUC tegen één CUP. Deze ernstige verstoring moet zo snel mogelijk worden opgelost. We moeten de gemeenschappelijke munt herstellen.

Deze anomalie heeft ons samen met de bescheiden prestaties van onze nationale economie belet om aanzienlijke vooruitgang te boeken bij de implementatie van beleidslijnen die gericht zijn op de geleidelijke afschaffing van onnodige fooien en overmatige subsidies. Een algemene salarisverhoging voor alle werknemers is nog steeds niet bereikt en een stabiele levering van bepaalde goederen in de ongereguleerde markt evenmin. Ondanks de verlaging of afschaffing van subsidie op basisbenodigdheden voor de gezinnen (volgens het beroemde rantsoenboek) die nu beschikbaar zijn op de ongereguleerde markt tegen niet-gesubsidieerde prijzen worden een groot aantal basisproducten en -diensten verder gesubsidieerd.

De toenemende vergrijzing in Cuba en het hoge aantal mensen dat van het platteland naar de steden trekt, als gevolg van een reeks van sociaaleconomische en culturele factoren die moeilijk terug te draaien zijn, vormen een strategisch probleem voor de ontwikkeling van het land. Beleid om deze situatie te verbeteren werd ingezet met 76 maatregelen en 252 acties, geleidelijk en in overeenstemming met de economische prestaties op de lange termijn.

Het Buitenlands Investeringsbeleid werd goedgekeurd en erkend als belangrijk en noodzakelijk voor de ontwikkeling van het land en een nieuwe wet is in werking getreden waardoor investeerders aangemoedigd en wettelijk beschermd worden, maar waarmee tegelijkertijd de nationale soevereiniteit, de milieubescherming en een rationeel gebruik van natuurlijke hulpbronnen gewaarborgd blijven.

De speciale ontwikkelingszone van Mariel werd gebouwd om extra prikkels aan nationale en buitenlandse investeerders te bieden. De zone profiteert van de speciale wetgeving en van de benodigde infrastructuur om de productie uit te breiden, de export te bevorderen en aard van de import te veranderen. Ook kunnen we zo beter technologie uitwisselen en ervaringen opdoen met beheerwijzen waar we praktisch niets van weten. Andere doelen zijn het creëren van banen, het aanboren van financiële bronnen voor de lange termijn en het opzetten van logistieke voorzieningen waarmee we een maximale efficiëntie kunnen bereiken.

Zonder de gevolgen van de Amerikaanse blokkade en gevolgen daarvan op internationaal handelsgebied te onderschatten, moeten we af van archaïsche vooroordelen ten opzichte van buitenlandse investeringen. We moeten doorgaan met het oprichten en aantrekken van bedrijven. De bestemming van investeringen is aanzienlijk veranderd. Vijf jaar geleden ontvingen de sectoren van de productie van de infrastructuur 45 procent van de investeringen. In 2015 was dit percentage gestegen tot 70 procent. Meer nauwkeurigheid en controle zijn toegepast om ervoor te zorgen dat de investeringsplannen met succes uitgevoerd worden. De relevante indicatoren gaven dan ook een algemene verbetering te zien. Echter, er blijven kwesties spelen met betrekking tot de kwaliteit en de beschikbaarheid van voldoende gekwalificeerde en gemotiveerde arbeidskrachten.

Er is nog steeds sprake van slechte planning en een gebrek aan grootschaligheid. Dit is het resultaat van onvoldoende scholing en het leidt tot deadlines die niet worden gehaald en problemen in de kwaliteit van het werk. In het streven naar de versterking van de socialistische staatsondernemingen en hun autonomie, hebben we vorderingen gemaakt in het scheiden van de rol van de staat en die van de ondernemingen. Geleidelijk zijn de verhoudingen tussen overheidsinstellingen en bedrijven veranderd waardoor directeuren meer gelegenheid kregen om hun verantwoordelijkheden succesvol tot uitvoering te brengen.

Niettemin zal dit proces geen kwestie zijn van dagen, weken of maanden. Het zal zich uitstrekken over de middellange en lange termijn met een snelheid waarbij organisatorische voorwaarden geconsolideerd kunnen worden. De werkers worden daarbij voldoende geschoold waardoor de gewoonte van het wachten op instructies van boven vervangen wordt door een houding die eigen initiatief en ondernemingszin stimuleert.

Tegelijkertijd schrijdt het proces om instellingen van de centrale overheid te perfectioneren voort, in eerste instantie in de grote organisaties en de productiesector. Bij vier instellingen is dit proces al voltooid: ze werden gesloten of samengevoegd. Vergelijkbare ingrepen worden voorbereid bij nog eens 13 instellingen. Organisaties die essentiële diensten aan de bevolking leveren zullen blijven bestaan. Ook het experimenteel project in de provincies Artemisa en Mayabeque is vol aan de gang, een project dat later uitgebreid moet worden. Het doel ervan is om de functies van de leiding van de Provinciale Assemblees van de Volksmacht te scheiden van die van de Regeringsraden waardoor de Assemblees hun aandacht kunnen richten op hun werk met afgevaardigden, volksraden en met commissies die verantwoordelijk zijn voor het toezicht en de fiscale controle.

De toepassing van nieuwe lokale bestuurlijke modellen heeft een aanzienlijke vermindering van de functies binnen deze organen op provinciaal en gemeentelijk niveau met zich meegebracht. Hun functioneren werd daardoor echter niet verstoord. Hun vermogen om de taken die de staat hen toebedeelde uit te voeren werd er alleen maar door versterkt. Zoals naar voren kwam in de conclusies van het gepresenteerde verslag over de resultaten van het uitvoeringsproces van de richtlijnen, blijven er tekortkomingen en gebreken bestaan in staatsorganisaties en hun onderdelen, ook bij de Permanente Commissie voor Beleidsontwikkeling en -uitvoering zelf. Gevolgen hiervan zijn vertraging bij de toepassing van bepaalde maatregelen en het opstellen van onvolledige of te bekrompen voorstellen, vooral met betrekking tot risico-evaluatie en een nauwkeurige kosten-batenanalyse voor bepaalde maatregelen.

Tegelijkertijd zijn er problemen met de uitvoering en het toezicht op het goedgekeurde beleid, en met de training op verschillende niveaus van leiderschap geconstateerd. Bij dit laatste aspect werd ontdekt dat bepaalde individuen aannamen dat het probleem zou worden opgelost door eenvoudigweg een document op te stellen en dit te verzenden van de ene kant van het land naar het andere, met het verzoek aan de kaders om dit te bestuderen. In de follow-up merkten we dat iedereen het beleid op zijn eigen manier had toegepast zoals in het geval van resolutie nr. 17 van het ministerie van Arbeid en Sociale Zekerheid waarover ik later kort zal spreken.

In sommige gevallen is er sprake van een totaal gebrek aan gevoel van urgentie om af te rekenen met ongewenste resultaten die in bepaalde gevallen zelfs tegen de geest van de aangenomen maatregelen ingingen. Deze dwalingen moeten bestreden worden wanneer ze nog klein zijn. Als ze toenemen wordt het vinden van een geschikte oplossing een politiek probleem. Een duidelijk voorbeeld hiervan is de stijging van de prijzen voor landbouwproducten, een fenomeen dat hand in hand ging met een heropleving van de trend tot speculatie en hamsteren met zich meebracht, ten gunste van weinigen en met negatieve gevolgen voor de meerderheid van de bevolking.

Hoewel we begrijpen dat de fundamentele oorzaak van de stijgende prijzen ligt in het te lage productieniveau dat niet in staat is om aan de vraag te voldoen, waarbij de geboekte vooruitgang werd getroffen door objectieve en subjectieve factoren, kunnen we niet blind zijn voor de frustraties van burgers tegenover de gewetenloze prijsmanipulatie door tussenpersonen die alleen maar meer geld willen verdienen. Het erkennen van de rol van de markt in onze socialistische economie betekent niet dat de partij, de overheid en de massaorganisaties hun rol in de samenleving niet langer vervullen. Die rol is de bestrijding van elke situatie die de bevolking zou kunnen schaden. We moeten geen houding aannemen van 'het is een zaak van de overheid, dus het gaat mij niet aan'. We moeten niet vergeten dat ik, de partij, ik, de overheid op elk niveau, ik als lid van een massaorganisatie betrokken ben bij het oplossen van alle problemen waarmee onze bevolking te kampen heeft (applaus).

Jullie, en vooral de hier aanwezige gedeputeerden zullen zich herinneren dat deze kwestie in het parlement nauwelijks besproken werd en we hadden veel tijd nodig om te reageren. Daarom heb ik onmiddellijk de tweede partijsecretaris, kameraad Machado Ventura, gesteund toen hij door het hele land reisde om dit probleem aan te pakken (applaus).

De conclusie die we uit deze bijeenkomst en vele andere moeten trekken, is dat het ergste dat kan gebeuren, het ergste wat een revolutionair of een eenvoudig eerlijk persoon, communist of niet, zou kunnen doen is om niet te reageren op een probleem. We hebben niet het recht om niet te reageren, vooral in de tijd waarin we leven en waarin veel veranderingen geïntroduceerd worden. Dit is een waardevolle ervaring, een van de honderden, zo niet duizenden in het enorme karwei dat we ondernemen om ons land en ons socialisme te verbeteren.

De invoering van de regels van vraag en aanbod is niet in strijd met het beginsel van de planning. Beide concepten kunnen naast elkaar bestaan en elkaar aanvullen in het belang van het land. Dit is met succes aangetoond door China's hervormingsproces en het vernieuwingsproces in Vietnam, zoals zij het noemen. We hebben de term 'bijstelling' gebruikt om ons proces te beschrijven omdat we de fundamentele doelstellingen van de revolutie niet zullen veranderen.

Positieve aspecten van dit proces zijn de ervaringen die diverse provincies te zien gaven met de recente goedkeuring van een reeks organisatorische maatregelen, waaronder een toename van de aangelegde voorraden waardoor het aanbod van producten op de straatmarkten gegarandeerd wordt en de prijzen minder door vraag en aanbod bepaald worden. Dit is een zaak die de voortdurende aandacht van alle betrokken instellingen vereist.

Onder de huidige omstandigheden zijn de lonen en pensioenen nog steeds niet in staat om in de basisbehoeften van de Cubaanse gezinnen te voorzien. Het gemiddelde loon nam in de periode 2010-2015 met 43 procent toe, maar deze toename deed zich vooral in de afgelopen twee jaar voor, als gevolg van beslissingen waarvan werkers in de gezondheidszorg, buitenlandse investeringen en de sportsector profiteerden en door de decentralisatie van betalingssystemen in de staatsondernemingen. Toch is het niet mogelijk gebleken om de loonsverhogingen veel verder uit te breiden zoals in de goedgekeurde beleidsmaatregelen omschreven staat.

De invoering van het nieuwe betalingssysteem waarbij lonen gekoppeld worden aan resultaten zoals vastgelegd in resolutie nr. 17 van het ministerie van Arbeid en Sociale Zekerheid waarnaar ik zojuist al verwees, heeft over het algemeen inderdaad bijgedragen aan een grotere motivatie onder de werkers en een verhoogde productiviteit. Ik heb dit persoonlijk kunnen waarnemen tijdens een bezoek aan verschillende fabrieken en gesprekken met de werkers. Ook is het waar dat er meerdere tekortkomingen werden geconstateerd. Deze zijn fundamenteel gekoppeld aan onvoldoende voorbereiding op de vereiste condities. De scholing van leidinggevenden schiet nog te kort en de follow-up is vooralsnog onvoldoende.

Daarnaast doet zich veel vertraging voor bij het corrigeren van inconsistenties die aan het licht kwamen nadat nieuwe systemen werden toegepast.

Deze ervaringen leren ons dat het opstellen van gedegen normatieve documenten niet volstaat, dat degenen die rechtstreeks verantwoordelijk zijn voor het uitvoeringsproces naar behoren moeten worden voorbereid en regelmatig bijgeschoold moeten worden om deze belangrijke acties uit te voeren. Ook moet hun kennis van de regelgeving gecontroleerd worden. Leidinggevenden moeten ervoor zorgen dat de normen in de praktijk systematisch toegepast worden. Ze moet in staat zijn om bijtijds te reageren op afwijkingen om te voorkomen dat ze escaleren tot een groter politiek probleem.

'Regeren is vooruitzien', stelde onze nationale held José Martí. Drie eenvoudige woorden. Is het mogelijk dat een aantal van onze ambtenaren het echt zo moeilijk vindt om lering te trekken uit deze drie woorden? Regeren is werkelijk vooruitzien. We moeten leren om te anticiperen, om een overvloed aan problemen te voorkomen. Ik moet erop wijzen dat we tijdens de uitvoering van de richtlijnen niet genoeg geanticipeerd hebben en te traag gereageerd hebben om tekortkomingen te verhelpen.

Nadat we te laat begonnen na te denken over hoe de problemen op te lossen hebben we niet de nodige flexibiliteit aan de dag gelegd om ze onmiddellijk aan te pakken. Ik spreek in alle eerlijkheid, zoals dat hoort tijdens een congres van onze Communistische Partij en in alle vergaderingen van communisten.

De uitbreiding van de private sector is voortgezet. De door de staat georganiseerde werkgelegenheid daalde van 81,2 procent in 2010 tot 70,8 procent in 2015. Iets meer dan een half miljoen Cubanen zijn geregistreerd als zelfstandige. Zij verlenen diensten en verzorgen de broodnodige productie. Er ontstaat een atmosfeer die zelfstandige arbeid niet discrimineert of stigmatiseert. Toch zijn er gevallen van corruptie en wetteloosheid. De bestrijding daarvan bleek eens te meer te slap en te laat zoals bleek bij de aanpak van belastingontduikers en mensen die verboden activiteiten uitoefenen.

Wij herbevestigen het socialistisch principe van de dominantie van het bezit door de hele bevolking van de fundamentele productiemiddelen evenals de noodzaak om de staat van andere activiteiten die niet doorslaggevend voor de ontwikkeling van het land zijn te verlichten. Net zoals we streven naar meer efficiëntie en kwaliteit in de productie en dienstverlening in de staatssectoren propageren we ook het succes van de private sector, op basis van een strikte naleving van de huidige wetgeving.

De oprichting en functionering van niet-agrarische coöperaties blijft in een experimentele fase, met name in de handel, de horeca, de technische dienstverlening, de kleine industrie en de bouw. In dit opzicht hebben we een aantal goede dingen gepresteerd maar er openbaarden zich tevens tekortkomingen, voortkomend uit onvoldoende voorbereiding en onvoldoende verspreiding van het goedgekeurde beleid en de regelgeving. We hebben in dit verslag vaker op de tekortkomingen gewezen: slechte organisatie, onvoldoende boekhoudkundige controles, prijsverhogingen en een te beperkte toegang tot leveringen en diensten van de groothandels.

Tegelijkertijd waren het beheer van en de controles op dit experiment door de bevoegde instanties onvoldoende. Daarom hebben we besloten om onze inspanningen te concentreren op het consolideren van al opgerichte coöperaties en deze geleidelijk uit te breiden.

In een ongunstige internationale situatie, gekenmerkt door de wereldwijde economische crisis die begon aan het eind van het afgelopen decennium groeit het bruto binnenlands product van ons land in de periode 2011-2015 jaarlijks gemiddeld met 2,8 procent. Dit is niet genoeg om de productiekrachten en de infrastructuur te garanderen die nodig zijn om de ontwikkeling en de binnenlandse consumptie te bevorderen.

In deze complexe context werden een reeks maatregelen voor de reorganisatie van de externe inkomsten van het land en vooral de herstructurering van de schuld doorgevoerd. Op dit gebied zijn significante resultaten geboekt. Deze dragen samen met de nakoming van financiële toezeggingen bij aan het herstel van de internationale geloofwaardigheid van de Cubaanse economie en leveren meer mogelijkheden op voor handel, investeringen en financiering voor onze ontwikkeling. We kunnen op dit gebied niet meer terug en daarom moeten we zorgen voor een goede balans in het aangaan van leningen, de betaling van geherstructureerde schulden, de huidige schuld en naleving van de afspraken. We mogen nooit meer in de schulden belanden.

Bovendien wordt er een reeks maatregelen geïntroduceerd om obstakels in de landbouwproductie weg te nemen. Deze zijn echter nog niet gerijpt en de groei van de landbouwproductie is nog steeds onvoldoende. Elk jaar moet het land ongeveer twee miljard dollar besteden aan de invoer van levensmiddelen. De helft daarvan zouden we op Cuba kunnen produceren en overschotten zouden we zelfs kunnen exporteren.

De export van medische dienstverlening en het toerisme blijven zich uitbreiden en dragen voor meer dan de helft bij aan de winst in harde valuta. De traditionele uitvoer wordt getroffen door dalende prijzen waardoor het aandeel daarvan verminderd is. Deze realiteit bevestigt de noodzaak om onze inkomstenbronnen te diversifiëren, om nooit meer afhankelijk te zijn van één markt of een product en om met alle landen evenwichtige en wederzijds gunstige handelsbetrekkingen aan te knopen.

Het onmiskenbaar hoog internationaal prestige van de Cubaanse geneeskunde, een echt product van de Revolutie en de niet aflatende inspanningen van kameraad Fidel, heeft een enorm potentieel dat nog steeds niet volledig benut wordt, bijvoorbeeld door het verstrekken van medische diensten aan buitenlandse patiënten op Cuba. Hiervoor worden investeringen gedaan die uiteindelijk ook ten goede zullen komen van de Cubaanse bevolking, die gratis toegang heeft tot de publieke gezondheidszorg.

Wat het toerisme betreft, sinds het 6e Congres werden er meer dan 10.900 nieuwe kamers in gebruik genomen en nog eens 7000 gerenoveerd. Daarnaast was er een stijging van ruim 14.000 kamers, in CUC verhuurd door zelfstandigen. De inrichting van extra hotelfaciliteiten en diensten stimuleren de aanhoudende opwaartse trend in deze belangrijke tak van de economie waardoor ook andere sectoren en de productie bevorderd worden. Het programma voor investeringen in hotels in de voornaamste trekpleisters van ons land verloopt vlot en de bouw van iconische luxe hotels in de hoofdstad is hervat om het tekort aan accommodatie aan te pakken. Elk nieuw geopend hotel is als het ware een nieuwe fabriek die ons van buitenaf de broodnodige inkomsten bezorgt. Vorig jaar werd voor het eerst het aantal van drie en een half miljoen bezoekers gepasseerd. Het concurrentievermogen van het Cubaans toerisme staat vast, al mogen we de tekortkomingen die ten koste van de kwaliteit van de dienstverlening kunnen gaan niet uit het oog verliezen.

De voorwaarden worden geschapen om ervoor te zorgen dat we in de periode 2016-2020 nog betere resultaten halen en dat de economische fundamenten gelegd worden voor een duurzame sociaaleconomische ontwikkeling.

In de inleiding van dit rapport legden we uit dat we voor het eerst een conceptontwerp voor een Cubaans economisch en maatschappelijk model voorleggen aan het voornaamste overlegorgaan van onze partij.

De hoofddoelstelling van dit document is om de belangrijkste kenmerken van dit model duidelijk te presenteren en vast te stellen zodat het kan dienen als een theoretische en conceptuele gids voor de opbouw van het socialisme op Cuba, in lijn met onze eigen kenmerken en inspanningen, op basis van de geschiedenis van het land en het revolutionaire proces, de nationale cultuur, de binnenlandse omstandigheden en de internationale situatie, en in lijn met ervaringen van processen van socialistische economische en sociale ontwikkelingen in andere landen. De beginselen ervan zijn gebaseerd op Martí's erfenis, het marxisme-leninisme, de ideeën van de historische leider van de Cubaanse Revolutie Fidel Castro Ruz, en de verworvenheden van de Revolutie.

Zoals ik heb uitgelegd maakt de theoretische en praktische complexiteit van dit ontwerpdocument en de zwaarwegende implicaties voor de toekomst dat het niet in het kader van dit congres kan worden goedgekeurd. In plaats daarvan stellen we voor dat de afgevaardigden het debat na afloop voortzetten en dat dit ontwerp voorlopig aangenomen wordt, als basis voor een diep en democratisch onderzoek door de partij, de Communistische Jeugdliga en brede lagen van onze samenleving. De resultaten daarvan zullen ter definitieve goedkeuring aan het Centraal Comité worden voorgelegd. Met andere woorden, om bovengenoemde redenen zal de discussie doorgaan in de steden en dorpen, met de democratische participatie van de gehele partij, jongeren, vertegenwoordigers van massaorganisaties enzovoort. Dit alles ter verbetering en uitbreiding van het document waarna het Centraal Comité het mag goedkeuren. Daarnaast zal het worden voorgelegd aan de Nationale Assemblee, het hoogste orgaan van de staatsmacht die verantwoordelijk is voor de rechtsgeldigheid ervan.

Een van de nieuwe aspecten die de meeste aandacht trekt en zelfs wat controverse wekt is de kwestie van de eigendomsverhoudingen, hetgeen logisch is. Het sociaal systeem van een land wordt immers bepaald door de overheersing van de ene vorm van eigendom over de andere. In het socialistisch en soeverein Cuba is en blijft het bezit van de elementaire productiemiddelenmiddelen door de gehele bevolking de basis van de nationale economie en het sociaaleconomisch systeem. Hierop is de feitelijke macht van de werkers gebaseerd.

De erkenning van het bestaan van particuliere eigendom heeft een aantal oprechte deelnemers aan discussies voorafgaand aan het congres zorgen gebaard. Op deze manier zouden we de eerste stappen zetten op weg naar het herstel van het kapitalisme op Cuba. In mijn rol als eerste-secretaris van het Centraal Comité van de partij heb ik de plicht om jullie ervan te verzekeren dat het herstel van het kapitalisme het laatste is dat we met dit conceptontwerp beogen.

Dit gaat, kameraden, over dingen bij hun naam noemen. We mogen ons niet verschuilen achter onlogische eufemismen om de werkelijkheid te verdoezelen. De toename van de zelfstandige arbeid en de toestemming om personeel in dienst te nemen heeft in de praktijk geleid tot het bestaan van particuliere middelgrote, kleine en micro-ondernemingen die nu functioneren zonder legale status en die gereguleerd worden door reglementen die ontworpen werden voor personen die in hun eigen gezinsbedrijfje werken.

In Richtlijn nr. 3 die goedgekeurd is door het 6e Congres en die we willen handhaven en versterken met het bijgewerkte conceptontwerp is categorisch bepaald dat "de concentratie van bezit in de privésector niet toegestaan zal worden". "Noch van rijkdom", werd daaraan toegevoegd. Daarom zullen privébedrijven blijven opereren binnen welomschreven grenzen en zullen ze een aanvulling vormen op het economisch kader van het land. Dit moet allemaal bij wet geregeld worden.

We zijn niet naïef en we negeren de aspiraties van sterke externe krachten niet. Deze streven naar wat zij noemen de 'emancipatie' van het privébeheer en willen met alle middelen een eind maken aan de revolutie en het socialisme op Cuba.

Coöperaties, zelfstandige middelgrote, kleine en micro-ondernemingen zijn in wezen niet antisocialistisch of contrarevolutionair en de overgrote meerderheid van de mensen die er werken zijn revolutionairen en patriotten die de principes van de Revolutie verdedigen en profiteren van haar verworvenheden.

De vierde ontwerptekst van bovengenoemde documenten die aan het 7e Congres wordt voorgelegd gaat over het werk van de partij aan van de doelstellingen die tijdens de Eerste Nationale Conferentie goedgekeurd werden. Op dit punt denk ik dat er vooruitgang geboekt is bij het overwinnen van methoden die inmenging door de partij bevorderden in het functioneren en de besluitvorming die de verantwoordelijkheid van de staat, de overheid en administratieve instellingen horen te zijn.

Het toezicht door de partijleiding op de uitvoering van de akkoorden van het 6e Congres is systematisch doorgevoerd. De partij werkt hierbij nauw samen met de autoriteiten om direct te kunnen reageren op situaties die invloed hebben op de bevolking zoals we al zeiden.

De morele autoriteit van de partij vereist van haar leden, vooral van hen die leiding geven en verantwoordelijkheid dragen, voorbeeldig gedrag, strijdlust, visie, aantoonbare ethische, politieke en ideologische kwaliteiten en nauwe en permanente banden met de massa.

De partij is de deelname van collectieven van werknemers, studenten en de bevolking aan de uitvoering van het beleid en de maatregelen voor het bijstellen van het economische model blijven bevorderen. Ze droeg bij aan een verandering in de werkwijze van actieve partijleden, afdelingen en leidinggevenden van de partij doordat ze goed luisterde naar de meningen en voorstellen vanuit de bevolking.

Ook heeft de partij meer aandacht besteed aan de Communistische Jeugdliga, studentenorganisaties en jeugdbewegingen om hun rol in de politiek-ideologische ontwikkeling met hun leden en de jeugd te versterken, waarbij zij hun organisatorische onafhankelijkheid behouden en hun eigen initiatieven aangemoedigd worden.

Tegelijkertijd heeft de partij meer prioriteit gegeven aan de massaorganisaties, die in deze periode aanzienlijke veranderingen in hun taken doorvoerden. Zij hielden hun eigen congressen en organiseerden een breed debat over hun eigen functioneren en over hun eigen politiek-ideologisch werk. We hebben ervaren dat de versterking van de banden tussen de partij en andere instellingen zoals religieuze organisaties en aanverwante verenigingen in de verschillende facetten van onze samenleving is voortgezet. Dit droeg bij aan de eenheid onder de Cubanen, gelovigen en ongelovigen.

Er moet terdege rekening mee worden gehouden dat naarmate de doorvoering van het nieuwe model vordert, zich een ander scenario voor de partijorganisatie zal ontwikkelen. Dit scenario wordt gekenmerkt door een toenemende heterogeniteit in sectoren en groepen binnen onze samenleving die voortkomt uit inkomstenverschillen.

Dit alles vormt een grote uitdaging voor het behoud en de versterking van de nationale eenheid in andere omstandigheden dan die waaraan we in eerdere stadia gewend waren geraakt.

Artikel nr. 5 van de Grondwet van de Republiek stelt dat de Communistische Partij van Cuba de voornaamste leidende kracht is van de samenleving en de staat. Zij organiseert en begeleidt de gezamenlijke inspanningen in de richting van de opbouw van het socialisme.

De statuten van de partij definiëren haar als de rechtmatige opvolger van de Cubaanse Revolutionaire Partij opgericht door Martí om leiding te geven aan de strijd voor onafhankelijkheid, en van de eerste Communistische Partij gesymboliseerd door Carlos Balino en Julio Antonio Mella. De partij is het resultaat van de vrijwillige vereniging van drie revolutionaire organisaties die leiding gaven aan strijd tegen de dictatuur van Batista.

Op Cuba hebben we een enkele partij waar wij trots op zijn. Ze vertegenwoordigt en garandeert de eenheid van het Cubaanse volk, de belangrijkste strategische basis die ons helpt om het werk van de revolutie op te bouwen en te verdedigen tegen alle vormen van bedreigingen en agressie. Het is dan ook geen toeval dat we worden aangevallen en dat bijna de hele planeet eisen stelt aan ons, om ons te verzwakken en te verdelen in een aantal partijen, alles in naam van de heilige bourgeoisiedemocratie. Dit mag ons niet in verwarring brengen. Niet vandaag, nooit. Als ze er op een dag in zouden slagen ons te verdelen zou dat het begin van het einde zijn, vergeet dat nooit! Als ze er op een dag in slagen om ons te verdelen, zou dat het begin van het einde betekenen voor ons vaderland, de Revolutie, het socialisme en de nationale onafhankelijkheid, opgebouwd dankzij het verzet en de offers van verschillende generaties Cubanen sinds 1868.

Ik hoop dat jullie me toestaan een kleine anekdote te vertellen. Een waargebeurd verhaaltje dat ik graag met jullie deel.

Natuurlijk heb ik veel te maken gekregen met vertegenwoordigers van allerlei niveaus uit de Verenigde Staten en andere landen. Er werd me gevraagd naar de mensenrechten. Zoals we gezegd hebben zijn we bereid om alle kwesties te bespreken. Men gaf me een briefje door met: "We zijn live". Ik denk dat wat we zijn is: in leven (Gelach en applaus) [Spaanse woordspeling: "en vivo" betekent (in goed Nederlands): "live", "ser vivo" betekent: "in leven zijn", ook: "zo slim zijn als een vos".]

Dat verheugt me en ik nodig iedereen, ook in het buitenland, uit om in die vreugde te delen. We hebben al gezegd dat we bereid zijn om over de mensenrechten te praten.

Uit een evaluatie van verdragen en conventies op dit gebied, waaraan overigens niemand volledig voldoet bleek onlangs dat wij er 44 ondertekend hebben en de Verenigde Staten slechts 18. Ik heb jullie gezegd dat het niet helpt als zij de mensenrechten blijven politiseren. Voor ons is gelijk loon voor gelijk werk, voor mannen of vrouwen een mensenrecht. In andere landen, waaronder de Verenigde Staten is dit niet het geval. Vrouwen verdienen er minder en daarbij kunnen tientallen vermeende mensenrechten worden aangehaald.

Gratis medische zorg is op Cuba een mensenrecht en hoeveel landen kunnen ons dat nazeggen? In veel landen is medische zorg geen mensenrecht maar pure business. In ons land is het onderwijs gratis. In hoeveel andere landen van de wereld is het onderwijs gratis? Ook dat is pure business. We willen de mensenrechten altijd en overal met iedereen bespreken en dan zullen we zien wie het bij het rechte eind heeft.

Wat ik het leukste vind, als we over politieke rechten spreken, is wanneer ze tegen mij zeggen dat er op Cuba slechts één partij is. Ik zeg dan: "Net zoals jullie. Jullie hebben er ook maar één". Waarop de Amerikanen antwoorden: "Nee, wij hebben er twee." En alsof ik dat niet weet vertellen ze me hun namen. "De Democraten en de Republikeinen." "Aha", zeg ik dan... "in de Cubaanse situatie zou dat betekenen dat we één partij zouden hebben die geleid werd door Fidel en de andere door mij." (gelach en applaus).

Natuurlijk zou Fidel zeggen: "Ik wil de communistische leiden." Daarop zou ik zeggen: "Dan leid ik die andere wel, hoe die ook mag heten." (gelach).

Zoals ik al zei waren er drie revolutionaire organisaties: de Beweging van de 26e juli, de Socialistische Volkspartij en het Revolutionair Directorium van de 23ste maart. We hadden drie partijen kunnen vormen maar we waren het alle drie eens over de noodzaak om ons te verenigen in één partij en om onze eigen kranten te laten fuseren. Alle leiders concludeerden dat we zo sterker zouden staan dus waarom zouden we ons nu verdelen? Het moet dan wel een democratische partij zijn waarbinnen elk probleem vrijelijk en diepgaand besproken kan worden.

In de westerse media wordt over de Cubaanse Arbeiders Vakcentrale (CTC) - de werkers moeten zich verenigen om sterker te staan - altijd tussen haakjes vermeld dat het "de enige" vakbond is op Cuba, alsof dat een misdaad is. Zij willen de wereld graag zelf vormgeven. Jullie weten al wie ik bedoel: de Verenigde Staten en al hun metgezellen. Ze willen de wereld in hun voordeel veranderen en daarom moeten we vandaag alerter zijn dan ooit. Zelf zeiden ze: "Een blokkade van 50 jaar werkte niet. We konden Cuba niet isoleren. Integendeel, we waren bezig onszelf te isoleren in Latijns-Amerika. Daar moeten we verandering in brengen." En hoe gaan ze dit veranderen? Met andere methoden, die moeilijker te bestrijden zijn. Vandaar het belang van deze kwesties die voldoende helder moeten zijn in onze hoofden en bij onze bevolking.

Het is de moeite waard te herhalen dat dit alles geen aanleiding mag geven tot verwarring, niet vandaag, nooit. Als ze er op een dag in slagen om ons te verdelen zou dat het begin van het einde zijn van ons vaderland, de Revolutie, het socialisme en de nationale onafhankelijkheid, opgebouwd dankzij het verzet en de offers van verschillende generaties Cubanen sinds 1868.

Het bestaan van een enkele partij brengt met zich mee dat er een zo breed mogelijke en eerlijke uitwisseling van standpunten moet zijn, zowel binnen de partijorganisatie in de verhouding tot de basis, de werkers en de bevolking. De partij is verplicht om onze democratie permanent te versterken en te perfectioneren. Daarom is het essentieel om valse unanimiteit, formalisme en huichelarij te overwinnen. De partij heeft de plicht om de toenemende participatie van burgers in fundamentele beslissingen over de samenleving te bevorderen en te garanderen. We zijn niet bang voor verschillende opvattingen of onenigheid omdat alleen openhartige en eerlijke discussies tussen revolutionairen zullen leiden tot de beste beslissingen.

We weten dat de partij en de Revolutie de steun van de meerderheid van de bevolking hebben. Niemand kan dit ontkennen maar we zijn ons ervan bewust dat er in bepaalde delen van de bevolking een gebrek aan inzet en belangstelling voor de gang van zaken in ons politiek leven bestaat. Er blijven negatieve meningen bestaan over de verdiensten van een aantal partijleden en kaders en over hun gebrek aan betrokkenheid bij de bevolking.

Recentelijk hebben we een toename waargenomen van acties die gericht zijn op het bevorderen van de waarden van een consumptiemaatschappij: tweedracht, apathie, moedeloosheid, vervreemding, en een gebrek aan vertrouwen in de leiding van de Revolutie en de partij. Er wordt met meningen gestrooid waarmee men probeert ons te presenteren als een maatschappij zonder toekomst.

Illegale en wanordelijke emigratie van jongeren en specialisten uit verschillende sectoren wordt aangemoedigd in het kader van de Cuban Adjustment Act, het 'natte-voeten/droge-voeten-beleid' en het Parool Programma, waarbij onze artsen die in het buitenland werken met topsnelheid toestemming krijgen om in de Verenigde Staten te verblijven. Ik zal hier later nog op terugkomen.

In deze omstandigheden is het nodig om op een intelligente, solide, systematische en krachtiger manier preventief te werk te gaan. Er moeten hogere eisen gesteld worden aan de instanties die verantwoordelijk zijn voor de aanpak van de politieke en ideologische subversie. De strijdbaarheid van de leden moet verhoogd worden, evenals de waakzaamheid op de werkvloer. Er moet een versterking komen van het ideologisch werk met jongere generaties en van de onvervangbare rol van het gezin en de school. Ik herhaal: versterking van de onvervangbare rol van het gezin en de school!

Er is vooruitgang geboekt met maatregelen die gericht zijn op het creëren van een cultuur van communicatie in het land en de geslotenheid is verminderd. Toch zullen tekortkomingen op het gebied van informatie en misinterpretaties zich blijven voordoen zolang de vooruitgang in de bijwerking en uitvoering van het aangenomen beleid nog niet voldoende bekend is.

De invloed van de complexiteit van de wereld waarin we leven op onze realiteit, de vijandige en intimiderende politiek, het ondersteunen van platforms voor neoliberaal denken en het herstel van het kapitalisme, gepaardgaand met een perverse strategie van politiek-ideologische subversie ondermijnen de essentie van de Revolutie en de Cubaanse cultuur, onze geschiedenis en onze waarden. Dit en de niet te ontkennen vele problemen in onze samenleving, het uitvoeringsproces van de richtsnoeren, de ingrijpende veranderingen die we doormaken en de nieuwe betrekkingen tussen Cuba en de Verenigde Staten zijn grote uitdagingen voor ons ideologisch werk. De vijand richt zijn pijlen op doelwitten die hij het meest kwetsbaar acht: jongeren, intellectuelen, werkers in de privésector en mensen met grote materiële en financiële moeilijkheden.

Terwijl we het historisch besef in ons land vergroten en het ideologisch werk perfectioneren met bijzondere aandacht voor de jongeren en de kinderen moeten we ook de antikapitalistische en anti-imperialistische cultuur versterken onder onszelf door vol overtuiging met argumenten te strijden tegen pogingen om een kleinburgerlijke ideologie te introduceren, een ideologie die gekenmerkt wordt door individualisme, egoïsme, winstbejag, banaliteit, en de intensivering van de consumptiemaatschappij. Het beste tegengif voor politieke subversie is het integer en zonder improvisatie werken, de dingen gewoon goed doen: het verbeteren van de kwaliteit van de dienstverlening aan de bevolking, ervoor zorgen dat problemen zich niet opstapelen, het verbeteren van de kennis van de geschiedenis, de nationale identiteit en de cultuur van Cuba, mensen trots laten zijn op ons land, het bevorderen van een sfeer van gerechtigheid, de verdediging van het publieke domein, respect kweken voor de waardigheid van de mensen, de waarden en sociale discipline in het hele land.

De ontwikkeling van de nationale economie vormt samen met de strijd voor vrede en ideologische vastberadenheid de belangrijkste missie van de partij. De economie blijft onze topprioriteit, maar het politiek-ideologische werk is hier nauw aan verbonden omdat deze zorgt voor een bewuste, actieve en geëngageerde deelname van de meerderheid van de bevolking aan het bijstellen van het sociaaleconomisch model. We zijn goed opgeschoten met de training van de leidinggevenden maar we zijn nog niet tevreden. Er zijn belangrijke stappen gezet in de bijscholing van het kader van de partij, de staat, de overheid en bedrijven maar dit moet nog specifieker voorbereid worden op de functie die het te vervullen krijgt.

We negeren de negatieve invloed van diverse objectieve en subjectieve factoren op dit gebied niet, zoals de eerder genoemde omgekeerde piramide dat een groot verloop in het kader veroorzaakt en het gebrek aan motivatie om zich te committeren aan een toegewezen missie. Er gaat enorm veel potentieel verloren als gevolg van onvoldoende investeringen in het reservekader en het gebrek aan invloed van degenen die verantwoordelijk zijn voor hun selectie- en opleidingsproces. Dit draagt ertoe bij dat mensen zonder toewijding en beroepsethiek worden gepromoveerd en verantwoordelijk worden voor het controleren van leveringen van materialen en budgetten. Zo wordt een gunstig klimaat voor corruptie, andere onregelmatigheden en een gebrek aan discipline gecreëerd.

Tegelijkertijd is het bevorderen van deelname van vrouwen, jongeren, en mensen uit zwarte en gemengde bevolkingsgroepen gestaag toegenomen. Deze promoties vonden plaats op basis van hun verdienste, hun toenemende verantwoordelijkheden en hun persoonlijke kwalificaties. We zijn echter nog niet tevreden met de behaalde resultaten. Oude gewoonten en vooroordelen die indruisen tegen ons kaderbeleid blijven bestaan.

De bestrijding van elk spoor van racisme bij de promotie van mensen uit zwarte of gemengde bevolkingsgroepen (die volgens de volkstellingen steeds groter worden) moet zonder onderbreking voortgezet worden. Om de resultaten in deze belangrijke en rechtvaardige politiek van de Revolutie te consolideren moeten we systematisch en doelgericht te werk gaan. We kunnen zo'n belangrijke kwestie niet spontaan en terloops aanpakken. Het aantal vrouwen in leidinggevende posities steeg een beetje. De cijfers komen nog niet overeen met het aanwezig potentieel; 49 procent van de beroepsbevolking in de civiele sector en 66,8 procent van de best geschoolde arbeidskrachten in de technieksector bestaat uit vrouwen. Echter, slechts 38 procent van de leidinggevende functies in overheidsinstanties, bestuursraden en organisaties voor ondernemingsbeheer wordt door vrouwen vervuld.

Met al mijn ervaring in de vele jaren van de Revolutie blijf ik ervan overtuigd dat vrouwen zich over het algemeen volwassener gedragen dan mannen en betere managers zijn. Hoewel ik de geboekte vooruitgang op waarde schat ben ik van mening dat de promotiekansen van onze strijdlustige vrouwen groter moeten worden en dat zij meer verantwoordelijkheden moeten krijgen in de besluitvorming.

In het Centraal Verslag aan het 6e Congres verwees ik naar de noodzaak om geleidelijk en zonder overhaasting of improvisatie een goed voorbereid reservekader te creëren, met voldoende ervaring en rijpheid om de complexe taak van de leiding in de partij, de staat en de regering over te nemen. Ik benadrukte ook het belang en de noodzaak om de uitoefening van de voornaamste functies in de politiek en de staat te beperken tot maximaal twee opeenvolgende termijnen van vijf jaar. Het Centraal Comité zal zich hierover uitspreken waar het de partij en de massaorganisaties betreft. Over de staat en de regering beslist ons parlement.

Ik ben van mening dat deze zaak van strategisch belang om voor de hand liggende redenen in de komende vijf jaar beklonken moet zijn. Vergelijkbare beperkingen moeten we invoeren in de samenstelling van de hoogste organen van de partij: het Centraal Comité, het Secretariaat en het Politiek Bureau. Het is de bedoeling om dit overgangsproces nu in te zetten zodat het tijdens het volgende congres afgesloten kan worden. We nemen hier vijf jaar de tijd voor zodat we ons niet hoeven te haasten. Het gaat hierbij niet om het wegwerken van de ene persoon om deze te vervangen door iemand die 10 jaar jonger is. Wij lopen gewoon achter en streven naar een natuurlijk verloop. Dit alles moet goed worden vastgelegd in nieuwe wet- en regelgeving.

Wij stellen een maximumleeftijd van 60 jaar voor om lid te kunnen worden van het Centraal Comité.

Het opnemen van de jongere plaatsvervangers in het Centraal Comité kan ook op een ander moment doorgevoerd worden. Het idee is om een werkwijze met een natuurlijke ontwikkeling te vinden waarbij we niet voor verrassingen komen te staan. In ieder geval moeten nieuwe leden in de toekomst jonger zijn dan 60 jaar. Niemand van de oude generatie moet denken dat je alleen maar iets kunt betekenen voor het land als je op een bepaald leidinggevend niveau functioneert. Bovendien heeft de ervaring van andere landen ons laten zien dat verjonging noodzakelijk is. Het is een goed bekend geheim dat tijdens de laatste fase van de Sovjet-Unie drie eerste-secretarissen van de partij in korte tijd overleden.

Daarom stellen we een maximumleeftijd van 60 jaar voor om lid te worden van het Centraal Comité en 70 jaar om een leidinggevende positie in de partij te bekleden. Samen met de limiet van twee opeenvolgende ambtstermijnen voor politieke functies zal dit een systematische verjonging van het gehele partijkader vanuit de basis teweegbrengen. Ik herhaal dat dat later nauwkeurig moet worden geregeld. Er zullen mensen zijn die met hun 75 of 80 jaar nuttige taken kunnen uitvoeren maar zij mogen geen belangrijke leidinggevende functies meer vervullen. We zeggen dit juist uit ervaring.

Als dit voorstel door het Congres wordt goedgekeurd zullen er natuurlijk de nodige wijzigingen aangebracht worden in de partijstatuten. Wij zijn van mening dat hetzelfde beleid moet worden ingevoerd in staats- en overheidsinstellingen en in massaorganisaties.

Wat mij betreft, het is geen geheim dat mijn tweede termijn als voorzitter van de Staats- en Ministerraad in 2018 eindigt. Ik zal mijn verantwoordelijkheden dan aan de nieuw verkozene overdragen, wie dit ook mag zijn. Deze wijzigingen op het gebied van posities, leeftijdsgrenzen en het toewijzen van leidinggevende functies moeten worden vastgelegd in de grondwet van de republiek. We stellen dan ook voor om die de komende jaren te hervormen, daarbij rekening houdend met de belangrijke veranderingen in ons sociaaleconomisch model en hun vormgeving. Eenmaal afgerond bovenal nadat ze bediscussieerd zijn door de bevolking moeten al onze activiteiten weerspiegeld worden in de grondwet.

De huidige grondwet die 40 jaar geleden in 1976 werd aangenomen is in 1992 en 2002 deels herzien. Ze weerspiegelt historische, sociale en economische omstandigheden die in de loop van de tijd veranderd zijn maar voorziet ook in de huidige invoering van de economische en sociale richtlijnen van de partij en de Revolutie. De nieuwe aanpassingen bieden een goede gelegenheid om ook andere zaken die een grondwettelijke verankering vereisen in onze Magna Carta vast te leggen. Het hervormingsproces dat volgens de constitutionele wetgeving eerst door de Nationale Assemblee moet worden goedgekeurd vraagt een grote participatie van de bevolking, vandaar dat er een constitutioneel referendum over gehouden wordt. Ik benadruk dat we tijdens de constitutionele veranderingen zullen voorstellen om het onomkeerbaar karakter van het politiek en sociaal stelsel zoals het in Artikel 5 van de huidige grondwet opgenomen is en waarin de leidende rol van de Communistische Partij van Cuba in onze maatschappij vastgelegd is te herbevestigen (applaus).

Ik zal een paar woorden wijden aan de kwestie van onze defensie. Daarbij is het passend om Fidels woorden in het Centraal Verslag van het Eerste Congres te herhalen. Hij zei: "Zolang het imperialisme bestaat zullen de partij, de staat en het volk maximale aandacht aan onze defensie besteden. De revolutionaire waakzaamheid zal nooit verwaarloosd worden. De geschiedenis leert dat zij die dit principe vergeten hun fout niet zullen overleven."

De doctrine van de volksoorlog vormt de strategische basis voor de verdediging van het land. Deze houdt in dat elke Cubaan moet beschikken over de middelen en de kennis om zich onder leiding van de partij tegen de vijand te verweren in een verenigde politiek-militaire en economische oorlogsinspanning. Als aanvallers proberen om Cuba te bezetten, zullen zij zich in een dodelijk wespennest steken en geconfronteerd worden met miljoenen Cubaanse mannen en vrouwen zonder front, zonder achterhoede of flanken, zonder adempauze.

Zoals elke vier jaar sinds 1980 zullen we ook in 2016 onze militaire oefening Bastion houden om officieren te trainen, commandostructuren up-to-date te houden en onze defensieve strategie te stroomlijnen. Ook nu zal de oefening weer afgesloten worden met een feestweekend, twee Nationale Defensiedagen waaraan de bevolking massaal zal deelnemen. Een paar dagen later, op 2 december beleven we de 60ste verjaardag van de landing van de Granma, de dag van de oprichting van onze Revolutionaire Strijdkrachten. We zullen deze dag vieren met een militaire parade ter ere van kameraad Fidels 90ste verjaardag (langdurig applaus) en onze moedige jongeren. Zij zullen de parade met een compact, indrukwekkend blok afsluiten. Zij zijn de erfgenamen en opvolgers van het Cubaanse volk in zijn lange geschiedenis van glorierijke strijd.

Kameraden,

Sinds het 6e Congres hebben zich op internationaal gebied tal van belangrijke gebeurtenissen en veranderingen voorgedaan. Vijftien maanden zijn er verstreken sinds we tegelijk met president Barack Obama aankondigden om de diplomatieke betrekkingen tussen Cuba en de Verenigde Staten te herstellen, op basis van soevereine gelijkwaardigheid, niet-inmenging in binnenlandse aangelegenheden en absoluut respect voor onze onafhankelijkheid. Enkele uren voor deze toespraak werd Fidels belofte aan het Cubaanse volk ingelost met de voltooiing van de terugkeer van de Cuban Five. (Applaus)

We konden dit bereiken dankzij het verzet en de offers van de Cubaanse bevolking die trouw bleef aan de idealen en beginselen van de Revolutie en met hulp van de indrukwekkende internationale solidariteit die tot uitdrukking kwam tijdens meerdere evenementen die ondersteund werden door allerlei internationale organisaties. Vooral de overweldigende meerderheid in de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties die zich uitsprak tegen de blokkade is een grote steun voor ons. De politieke kaart van 'Ons Amerika' is hertekend als gevolg van de opmars van linkse politieke krachten en volksbewegingen die bijdroegen aan de regionale integratie. De Gemeenschap van Latijns-Amerikaanse en Caraïbische Staten (CELAC), opgericht in december 2011 staat hier symbool voor.

Dit alles plaatste de Verenigde Staten in een onhoudbaar isolement op het westelijk halfrond waardoor het zogenaamde inter-Amerikaanse stelsel in een crisis belandde. Dit werd duidelijk aan het einde van de 6e Top van de Amerika's in 2012 toen er in Cartagena geëist werd dat er een eind zou komen aan de blokkade en aan het verzet tegen de uitsluiting van Cuba. Anderzijds hebben zich in de Amerikaanse samenleving en de Cubaanse emigrantengemeenschap ook veranderingen voorgedaan die het gewijzigde beleid van de Verenigde Staten ten opzichte van Cuba versterkten. In april vorig jaar woonden we met rechte rug de 7e Top van de Amerika's bij. De standpunten die wij toen naar voren brachten hoef ik hier niet te herhalen.

Sinds december 2014 zijn er concrete resultaten bereikt in de dialoog en de samenwerking tussen Cuba en de Verenigde Staten. Toch blijft de economische, handels- en financiële blokkade die meer dan een halve eeuw geleden opgelegd werd van kracht en die buiten enige twijfel intimiderende effecten heeft op het buitenland. Dat neemt niet weg dat we het standpunt van president Obama en hooggeplaatste regeringsfunctionarissen tegen de blokkade en hun herhaalde verzoeken aan het Congres om deze op te heffen waarderen.

Voorafgaand aan president Obama's bezoek aan Havana werd een aantal maatregelen in de uitvoering van de blokkade bekendgemaakt die hij nam op basis van zijn presidentiële bevoegdheden. Deze maatregelen vormen een positief signaal maar ze zijn niet voldoende. Zoals president Obama en ik tijdens de persconferentie lieten weten is het voor de normalisering van de betrekkingen absoluut noodzakelijk om de blokkade die bij onze bevolking ontberingen teweegbrengt en die de belangrijkste belemmering voor de economische ontwikkeling van ons land vormt op te heffen. Ook moet het grondgebied dat illegaal en tegen de wil van de Cubaanse regering en bevolking bezet wordt door de marinebasis Guantánamo teruggegeven worden.

Programma's die gericht zijn op het veranderen van ons politiek, economisch en maatschappelijk systeem waarvoor wij in alle vrijheid gekozen hebben moeten worden beëindigd, samen met ander schadelijk beleid dat nog steeds van kracht is. Het migratiebeleid wordt nog steeds gebruikt als wapen tegen de Revolutie. De Cuban Adjustment Act, het 'natte-voeten/droge-voeten-beleid' en het Parool Programma voor Cubaanse artsen is nog steeds van kracht om illegale en onveilige emigratie te bevorderen en om ons te beroven van gekwalificeerd personeel. Deze praktijken komen niet overeen met de officiële wijziging van het beleid ten opzichte van Cuba en ze veroorzaken moeilijkheden voor andere landen.

Verschillende Amerikaanse regeringsfunctionarissen erkennen het falen van hun Cuba-beleid maar doen geen moeite om te verhullen dat hun doelstellingen dezelfde blijven. Alleen de middelen worden aangepast. Wij zijn bereid tot een respectvolle dialoog en willen een nieuwe relatie met de Verenigde Staten opbouwen van een type dat nooit bestaan heeft tussen beide landen. We zijn ervan overtuigd dat dit alleen tot wederzijds voordeel kan leiden.

We herhalen opnieuw dat niemand ervan uit mag gaan dat Cuba om dit te bereiken de principes van de Revolutie moet afzweren, of concessies moet doen ten nadele van zijn soevereiniteit en onafhankelijkheid. Cuba zal doorgaan met de verdediging van zijn idealen en zijn buitenlandse politiek die gericht is op rechtvaardige kwesties, de verdediging van de soevereiniteit en de traditionele steun aan onze broederlanden.

Zoals de Grondwet van de Republiek stelt: "economische, diplomatieke of politieke betrekkingen met een andere staat kunnen nooit worden onderhandeld onder agressie, bedreiging of dwang door een vreemde mogendheid."

De weg naar de normalisering van de bilaterale betrekkingen is lang en complex. We zullen deze weg blijven vervolgen zolang als we in staat zijn om de kunst van het beschaafd samenleven in de praktijk te brengen. We moeten met andere woorden de wezenlijke onderlinge verschillen accepteren en respecteren. Ze moeten niet het middelpunt van onze relatie worden. We moeten ons concentreren op wat ons verbindt en niet op wat ons scheidt, inzetten op wat gunstig voor beide landen is.

De betrekkingen met de Verenigde Staten zijn in het verleden altijd een uitdaging voor Cuba geweest vanwege hun wil om ons land te overheersen en onze vastberadenheid om vrij en onafhankelijk te zijn, ongeacht de gevaren waarmee we geconfronteerd zouden worden en de te betalen prijs. (Applaus)

De eenheid tussen partij en bevolking, het diepe patriottisme en de politieke cultuur die ons in staat stelden om ons te verzetten tegen een beleid van agressie en vijandigheid zullen dienen als schild om elke poging ter ondermijning van de Cubaanse revolutionaire geest af te slaan. Dit zal een uitdaging zijn, vooral voor onze jongsten, die door de partij beschouwd worden als de opvolgers in het revolutionaire werk en erfgenamen van de patriottische overtuigingen van hun ouders en grootouders.

We zijn dankbaar voor de steun die we gedurende vele jaren hebben ontvangen van de internationale gemeenschap, van politieke partijen en bewegingen, maatschappelijke organisaties, intellectuelen, academici, religieuzen, kunstenaars, vakbondsleiders, boeren en studenten en vrienden in solidariteitsbewegingen die ons vanuit alle delen van de wereld in onze strijd vergezeld hebben. We weten dat we op hen kunnen blijven rekenen in de strijd voor een betere wereld. Tegenover jullie allemaal bevestigen we eens te meer dat jullie altijd de onvoorwaardelijke steun en solidariteit van een eeuwig revolutionair en internationalistisch Cuba zullen hebben.

Latijns-Amerika en het Caribisch gebied ervaren de gevolgen van een krachtig tegenoffensief dat het imperialisme en de oligarchieën hebben ingezet tegen revolutionaire en progressieve regeringen. Dit vindt plaats in een moeilijke tijd die gekenmerkt wordt door een vertragende economie. De continuïteit van het beleid dat gericht is op ontwikkeling en sociale integratie en de verworvenheden van de bevolking lijdt hieronder.

Deze reactionaire aanval maakt gebruik van methoden en technieken die specifiek zijn voor de nieuwe doctrine van onconventionele oorlogsvoering, in het bijzonder op het gebied van communicatie en cultuur waarbij pogingen tot destabilisatie en staatsgrepen geenszins worden uitgesloten. Dit beleid is vooral gericht tegen het broederland van de Bolivariaanse Republiek Venezuela en het werd de afgelopen maanden geïntensiveerd tegen Bolivia, Ecuador en Brazilië, Nicaragua en El Salvador.

Recente tegenslagen voor de linkse regeringen in dit werelddeel worden misbruikt om het einde van een progressieve historische cyclus aan te kondigen. De weg wordt bereid voor de terugkeer van het neoliberalisme en voor het demoraliseren van progressieve politieke krachten en partijen, sociale bewegingen en de werkende klasse. We moeten dit tegengaan met meer eenheid en met een verhoogde revolutionaire activiteit. We zijn ervan overtuigd dat het Venezolaanse volk de erfenis van onze geliefde kameraad Hugo Chávez Frías zal verdedigen en de ontmanteling van de behaalde prestaties zal voorkomen. Opnieuw drukken we onze solidariteit uit met de Bolivariaanse en Chavistische Revolutie, met president Maduro en zijn regering en met de burgerlijk-militaire eenheid van het Venezolaanse volk. We zullen ons daarvoor blijven inzetten. We zullen ons hevig blijven verzetten tegen het streven om Venezuela tijdens zijn toenadering tot Cuba te isoleren.

Wij eisen dat de soevereiniteit en de onafhankelijkheid van staten wordt gerespecteerd en dat er een einde komt aan de inmenging in binnenlandse aangelegenheden. Tegelijkertijd bevestigen we onze krachtige steun aan alle revolutionaire en progressieve regeringen met prestigieuze leiders waarvan het economisch en sociaal beleid heeft geleid tot rechtvaardigheid, waardigheid, soevereiniteit, en onbetwistbare voordelen voor de grote meerderheid in de meest ongelijkwaardige regio ter wereld.

Pogingen van de Verenigde Staten en hun bondgenoten om de eenheid en het proces van regionale integratie te ondermijnen en om de opmars van CELAC, ALBA, UNASUR en andere samenwerkingsverbanden te frustreren wordt nieuw leven ingeblazen. Met een zogenaamde hervorming van het inter-Amerikaans stelsel en met name de OAS proberen zij om de leidende rol van andere instituties die meer in hun hegemonistische belangen handelen te vergroten.

We zullen nooit vergeten dat de OAS - de Organisatie van Amerikaanse Staten - door de Verenigde Staten opgericht aan het begin van de Koude Oorlog in de tweede helft van de vorige eeuw, alleen maar belangen gediend heeft die in strijd zijn met Ons Amerika. De OAS, door de toenmalige minister van Buitenlandse Zaken, kameraad Raúl Roa García, terecht omschreven als het 'ministerie van Kolonieën' van de VS, was de organisatie die Cuba sancties oplegde. Ze stond klaar met steun en erkenning voor een marionettenregering als de huurlingeninvasie in de Varkensbaai zou slagen. De lijst van de maatregelen die de OAS nam tegen de ontluikende Cubaanse Revolutie en andere revolutionaire en progressieve regeringen is eindeloos.

Hoewel we andere landen nooit hebben aangemoedigd deze organisatie te verlaten moet ik herhalen wat enkele jaren geleden in Brazilië gezegd werd. Vrij naar José Martí: Voordat Cuba opnieuw toetreedt tot de OAS "zal de Noordelijke Oceaan zich bij de Zuidelijke voegen en zal er een slang geboren worden uit het ei van een adelaar."

Het is noodzakelijk om vooruitgang te blijven boeken in de consolidatie van CELAC als werktuig voor daadwerkelijke gezamenlijke Latijns-Amerikaanse en Caribische politieke activiteiten, gebaseerd op het idee van eenheid in verscheidenheid. De Proclamatie van Latijns-Amerika en het Caribisch gebied als vredeszone die tijdens de tweede top in Havana door staats- en regeringsleiders ondertekend werd blijft onverminderd van kracht. De beginselen van deze Proclamatie moeten de betrekkingen tussen onze landen en tevens de verhoudingen in een ruimer internationaal verband bepalen. We zullen onze toewijding om het vredesproces in Colombia te stimuleren voortzetten.

Cuba's traditionele steun aan het streven van de Republiek Argentinië om soevereiniteit over de Malvinas, Zuid-Georgië en Zuid-Sandwicheilanden te herstellen blijft.

We spreken opnieuw onze solidariteit uit met de bevolking van Puerto Rico en met haar streven naar zelfbeschikking en onafhankelijkheid. We verwerpen elke vorm van kolonialisme. We blijven pleiten, op dit moment vanuit ons voorzitterschap van de Associatie van Caribische Staten, voor een volledige regionale integratie. We zullen de legitieme belangen van de Caribische landen betreffende economische en ecologische kwesties verdedigen en ondersteunen de rechtvaardige eis tot vergoeding van de verschrikkelijke gevolgen van slavernij en kolonialisme. We blijven bijzondere prioriteit geven aan de samenwerking met Haïti.

De broedervolkeren van de derde wereld die een transformatie doormaken na eeuwen van koloniale overheersing weten dat ze altijd kunnen rekenen op Cuba's steun en solidariteit. We zullen onze belofte tot samenwerking vervullen en delen wat we hebben, niet wat we overhebben. Een bewijs hiervan was de heldhaftige deelname van Cubaans medisch personeel aan de strijd tegen Ebola, die internationale erkenning kreeg. We blijven prioriteit geven aan de veelzijdige ontwikkeling van de betrekkingen met alle vrienden en partners die ons vele jaren vergezeld hebben en zullen het uitwisselen van ervaringen met partijen en regeringen in socialistische landen voortzetten. Tegelijkertijd bevestigen we het beleid van onze partij om betrekkingen met alle legitieme politieke krachten en bewegingen te ontwikkelen, ongeacht hun ideologie.

De aanstaande ondertekening van de Overeenkomst tot Politieke Dialoog en Samenwerking tussen Cuba en de Europese Unie die de afschaffing van het interventionistisch Gemeenschappelijk Standpunt inhoudt, en de positieve ontwikkeling van de bilaterale banden met EU-lidstaten zijn factoren die bijdragen tot het scheppen van een gunstig klimaat voor de ontwikkeling van wederzijds voordelige relaties met dit belangrijk blok van landen. Daarbij komt nog de recente overeenkomst met de Club van Parijs die zal zorgen voor de normalisering van onze verhouding met de internationale financiële gemeenschap.

Het bezoek van paus Franciscus aan Cuba vorig jaar, zijn preken ter ondersteuning van vrede en rechtvaardigheid, over de uitroeiing van armoede, over milieubescherming en zijn analyse van de oorzaken van de belangrijkste problemen van de mensheid hebben bijgedragen aan de bevordering van de banden tussen de Heilige Stoel en Cuba, 80 jaar nadat deze aangegaan werden. De historische ontmoeting in Havana tussen paus Franciscus en patriarch Kirill afgelopen februari was een grote eer. Opnieuw gaf Cuba blijk van zijn inzet voor het behoud van de vrede en de bevordering van de dialoog op internationaal niveau.

De bedreigingen voor de internationale vrede en veiligheid worden steeds ernstiger, als gevolg van pogingen van het VS-imperialisme om de wereld zijn hegemonie op te leggen nu de mondiale machtsverhoudingen verschuiven. De bedreigingen zijn ook het gevolg van een filosofie van inbezitneming en controle van strategische natuurlijke hulpbronnen. Dit blijkt duidelijk uit de steeds offensievere en agressievere militaire doctrine van de NAVO, de verbreiding van niet-conventionele oorlogen onder het mom van de strijd tegen het 'internationaal terrorisme', de aanscherping van de meningsverschillen met Rusland en China en het gevaar van een oorlog met een onvoorspelbare omvang in het Midden-Oosten. Al eerder waarschuwden we ervoor dat de uitbreiding van de NAVO tot aan de grenzen van Rusland een ernstige bedreiging voor de vrede en stabiliteit zou zijn. Het opleggen van willekeurige, onrechtvaardige en eenzijdige sancties tegen dit land heeft de situatie nog verergerd.

De situatie in Syrië, veroorzaakt door buitenlandse interventies, heeft honderdduizenden doden en een enorme verwoesting veroorzaakt. Wij hebben vertrouwen in de capaciteit van het Syrische volk en de regering om een vreedzame oplossing te vinden waarmee de onafhankelijkheid en de territoriale integriteit van het land intact blijft. De vluchtelingenstromen die Europa bereiken doen een beroep op het geweten van de mensheid. Ze zijn het gevolg van buitenlandse interventies, van buitenaf uitgelokte oorlogen en onderontwikkeling. Ze onthullen de dubbele moraal en de hypocrisie ten opzichte van de mensenrechten. Er is sprake van toenemende vreemdelingenhaat, racisme, discriminatie van immigranten en van een versterking van de neofascistische krachten. Wij volharden in ons hardnekkig verzet tegen alle vormen en uitingen van terrorisme, ook omdat wij daarvan zelf het slachtoffer zijn geweest sinds de triomf van de Revolutie.

Wij veroordelen de Israëlische bezetting van de Palestijnse gebieden en die van andere Arabische landen. Hiervoor is een oplossing dringend geboden als we een duurzame vrede in de regio willen bereiken. Wij betuigen opnieuw onze solidariteit met de Arabische Democratische Republiek Sahara in haar strijd tegen de bezetting van haar grondgebied.

De ongunstige internationale economische situatie die gekenmerkt wordt door de verdieping van de wereldwijde systeemcrisis en de recessies in de belangrijkste economieën maakt de situatie van de derdewereldlanden nog kwetsbaarder en onzekerder. Dit bevestigt dat de internationale economische orde die dit onrecht en deze irrationaliteit met zich meebrengt vervangen moet worden. De noodzaak om een nieuwe internationale financiële structuur op te bouwen blijkt steeds duidelijker. Wij zijn van mening dat de doelstellingen voor duurzame ontwikkeling en armoedebestrijding, die zijn opgetekend in de Agenda 2030 voor Duurzame Ontwikkeling van de Verenigde Naties, niet haalbaar zijn zolang de huidige situatie voortduurt.

Ook zijn we van mening dat de gevolgen van het verdrag dat tijdens de Klimaatconferentie in Parijs gesloten werd beperkt zullen blijven als gevolg van de hardnekkigheid van de opgelegde irrationele consumptie- en productiepatronen. Deze zijn onverenigbaar met het overleven van de menselijke soort. Het gebrek aan politieke wil bij de geïndustrialiseerde landen belemmert effectieve toezeggingen op het gebied van financiering en overdracht van technologieën die voldoen aan het idee van een gemeenschappelijke maar gedifferentieerde verantwoordelijkheid.

Met het oog op de complexe situatie in onze regio en de wereld zal het buitenlands beleid van de Cubaanse Revolutie trouw blijven aan haar oorspronkelijke principes; principes die we ook in moeilijker tijden, met nog ernstigere bedreigingen en uitdagingen wisten te verdedigen.

Tot slot, kameraden...

Er liggen intensieve dagen voor ons. We zijn ervan overtuigd dat dit Congres een historische en productieve bijeenkomst zal zijn dat de hoofdlijnen van ons werk zal bepalen. Dit werk zal gericht zijn op de totstandkoming van een soevereine, onafhankelijke, socialistische, welvarende en duurzame natie.

Ik dank jullie hartelijk. (ovatie)

Vertaling Frans Willems

©MANIFEST KRANT van de NCPN
Haarlemmerweg 177, 1051 LB, Amsterdam, tel.: 020-6825019