Venezuela: de machtskwestie staat op de agenda

i-010-022.jpg
Carolus Wimmer. (Foto: CPV)
i-010-021.jpg
Protest tegen de pogingen van de rechtse oppositie om de regering van Maduro ten val te brengen. Op 7 september jl. kwamen duizenden in Caracas hun steun betuigen aan de linkse politiek van Maduro. (Foto: ZLV)
i-011-024.jpg
Protest tegen de regering van Temer in Rio de Janeiro op 5 augustus jl. Temer heeft via een coup de linkse politiek een halt toegeroepen, maar een belangrijk deel van de bevolking blijft in verzet. (Foto: IdeasGraves/Flickr/cc/by)

Interview met Carolus Wimmer door Lena Kreymann

De VS en de EU proberen een eind te maken aan de Bolivariaanse revolutie in Venezuela. Ondanks de economische moeilijkheden blijft de bevolking achter de regering staan. Een gesprek met Carolus Wimmer, internationaal secretaris van de Communistische Partij van Venezuela (PCV). Alhoewel al een paar maanden oud nog steeds actueel.

Het nieuws dat ons bereikt vanuit Venezuela is verontrustend: gewapende winkelovervallen, voedselbedeling door de overheid, bijna dagelijks gaat de oppositie de straat op. Hoe ernstig is de situatie?
CW
Het fascistisch gevaar ligt daadwerkelijk op de loer. Voor het eerst is er sprake van politieke partijen met een openlijk fascistische ideologie, zoals de 'Voluntad Popular' (Volkswil) waarvan de leider Leopoldo Lopez wegens het aanzetten tot geweld gevangen zit. Deze groeperingen worden vooral getraind en gefinancierd door de Verenigde Staten, bijvoorbeeld door de overheidsinstelling USAID. Deze betaalt bedragen van 40 tot 50.000 dollar aan jonge tegenstanders van de regering als cursusgeld voor 'trainingen in democratie' en andere 'goede doelen'. Ook de Europese sociaaldemocratie probeert weer een voet tussen de deur te krijgen. De afgelopen jaren liet die zich nauwelijks gelden maar nu wil ze opnieuw invloed verwerven. De VS voeren een politiek om de regering met geweld omver te werpen en ontkennen dit niet eens. De Europese sociaaldemocraten zetten in op dialoog. Deze strategie wordt belichaamd door de voormalige Spaanse premier José Rodríguez Zapatero die maar naar Venezuela blijft komen.
Is dit dan niet in lijn met het beleid van de regering die de oppositie altijd heeft uitgenodigd om het gesprek aan te gaan?
CW
Deze uitnodiging staat al zeventien jaar. Hugo Chávez (president in de periode 1999-2013, red jW.) nodigde de oppositie al uit voor besprekingen maar dit werd telkens afgewezen. Het is noodzakelijk en hopelijk ook mogelijk om op politiek, economisch en maatschappelijk gebied tot bepaalde overeenkomsten met de oppositie te komen. We moeten er echter voor waken dat deze dialoog niet ertoe leidt dat de verworvenheden van de afgelopen twee decennia in gevaar komen. Onderhandelingen aan de hand van de Europeanen kunnen grote voordelen voor de oppositie opleveren omdat die altijd al tegen het Bolivariaanse proces gekant waren. Een dergelijke dialoog zou daarom het risico op een ontwikkeling zoals in Portugal, Spanje en Griekenland met zich meebrengen. De rust in deze landen moest en zou daar hersteld worden, ook al ging dit ten koste van de werkende bevolking. Een dergelijke aanpak gaat in Venezuela altijd gepaard met een brutale repressie. De dictators hebben hier minder doden en gevangenen op hun geweten dan de sociaaldemocratische regeringen.
Welk belang hebben de Europese regeringen om zich hierin te mengen?
CW
Die vraag is met twee woorden te beantwoorden: natuurlijke hulpbronnen en markten. Sommige mineralen komen slechts op een paar plekken ter wereld voor. De VS en de EU willen hier allebei zakendoen. Ik kwam in 1970 naar Venezuela. Destijds stond hier nog een Volkswagenfabriek. Een jaar later hadden de VS bereikt dat VW het land moest verlaten waarna er nog maar drie autofabrikanten waren: General Motors, Ford en Chrysler.

Nadat ze de afgelopen jaren veel terrein verloor wil de EU opnieuw een eigen beleid ten aanzien van Latijns-Amerika ontwikkelen. Met het oog op de herverdeling van de wereld wil Europa invloed herwinnen. Onbewust koesteren velen in Venezuela de hoop dat Europa ons zal helpen als de Verenigde Staten ingrijpen. De Europeanen zullen echter nooit openlijk opstaan tegen de Verenigde Staten. Hoogstens zullen zij niet deelnemen aan een interventie. Dit zijn tegenstellingen die we moeten benutten. De EU is overigens zelf ook militair aanwezig in de regio, zoals op het eiland Curaçao dat deel uitmaakt van Nederland.

Hoe staat de bevolking tegenover deze pogingen om een koers- en regeringswisseling af te dwingen?
CW
Ondanks de moeilijkheden hebben president Maduro en zijn kabinet nog steeds de steun van de bevolking. Men zou zich kunnen afvragen waarom de mensen niet meer klagen. De voedselvoorziening is inderdaad moeilijk maar er heerst geen honger. Huishoudelijke artikelen zijn moeilijk te krijgen maar de bevolking beseft dat de problemen waarmee vooral gewone gezinnen kampen vooral veroorzaakt worden door de aanval van het imperialisme. De mensen geven de VS de schuld. Dit anti-imperialistisch denken maakt deel uit van de kracht van het politiek proces.
Niettemin heeft de regeringspartij bij de verkiezingen in december vorig jaar een groot aantal stemmen verloren waardoor het parlement nu in handen van de oppositie is.
CW
De verkiezingsnederlaag in december heeft aangetoond dat de mensen de buik vol hebben van een bepaalde manier van politiek bedrijven. Veel politici blijken moeite te hebben met het beginsel van de participerende democratie zoals dat in de grondwet staat. Een burgemeester wordt bijvoorbeeld verkozen en denkt daarna: "Dit en dat is nu van mij." Hij valt terug in het oude feodale denken. "Ik zal de armen helpen, steun een aantal projecten en eigen me daarvoor een beloning toe." Dit is vriendjespolitiek van de vorige eeuw waarbij de partijkliek alles besloot.

Al onder Chávez werd de kritiek op deze verschijnselen sterker, maar hij beschikte over een bijzondere autoriteit. Een dergelijk prestige heeft president Nicolás Maduro niet. Voeg daar de zichtbare corruptie aan toe die zich uitstrekt tot de overheid. Veel van de corrupte ambtenaren zitten niet in de gevangenis. Daarnaast vinden er te weinig ideologische discussies plaats. We hebben talloze brieven naar Chávez en Maduro geschreven met voorstellen om dit als Patriottische Pool, de alliantie van partijen en bewegingen die de revolutie ondersteunen, achter gesloten deuren te bespreken. Dat is nog nooit gebeurd.

Hoe kan het verweer tegen een mogelijke poging tot staatsgreep georganiseerd worden?
CW
Als PCV werken wij in twee richtingen. Op de eerste plaats werken wij binnen de arbeidersklasse. Dit houdt in dat we opkomen voor haar rechten en eisen. Maar het omvat ook de opbouw van partijafdelingen in de ondernemingen, vooral de staatsbedrijven. Dit werk vond allang ondergronds plaats. Hoewel we leven in de tijd van de Bolivariaanse revolutie worden revolutionaire krachten en georganiseerde arbeiders ook nu nog onderdrukt. De tweede focus van ons werk is om met andere groepen een brede alliantie, het Revolutionair Volksblok op te zetten.
Maar er is toch al een verbond van pro-regeringskrachten, de Patriottische Pool? Wat houdt die nieuwe structuur dan in?
CW
We blijven de Patriottische Pool ondersteunen. Tegelijkertijd is echter gebleken dat van de belofte om tot een echt blok te komen, een blok dat de revolutie verdiept en de deelname van de werkende bevolking in het Bolivariaans garandeert, weinig terechtgekomen is. De regeringspartij PSUV (Verenigde Socialistische Partij van Venezuela) riep de Patriottische Pool alleen bijeen als er verkiezingen voor de deur stonden of als er politieke problemen waren, als ze andere partijen en organisaties nodig had, kortom.
Dat is een hard verwijt...
CW
Ik zal een voorbeeld noemen: in 2006 diende de PCV in het parlement een wetsvoorstel in voor het oprichten van socialistische arbeidersraden. Hierdoor moest de arbeidersklasse in ondernemingen, met name in de staatsbedrijven, maar ook in de privésector betrokken worden bij beslissingen over de productie en bij de financiële, economische en politieke besluitvorming. Hoewel de PSUV en haar bondgenoten bijna alle parlementszetels in handen hadden werd dit nooit in het parlement besproken.
Waaraan ligt dat?
CW
Dit voorbeeld toont aan dat kleinburgerlijke krachten binnen de regering de beslissingen nemen. Buiten de president maakt daar geen enkele echte arbeider deel van uit. Andere krachten zijn niet per se slecht, maar de uitsluiting van de arbeidersklasse is veelzeggend. De economische, politieke en sociale keuzes die gemaakt worden bevoordelen vooral de kleine bourgeoisie. Bewust of onbewust heerst er angst voor de arbeidersklasse. Deze krachten in de regering roepen natuurlijk 'Viva Che Guevara' en 'Viva la Revolución', maar als het erop aankomt proberen ze vakbondsleiders uit te schakelen. Dat is een kapitalistische tegenstelling. We leven hier niet in een socialistische samenleving ook al is dat volgens de regeringspropaganda wel het geval. Dit jaar is de situatie verslechterd. In het kabinet zitten nu ook uitgesproken vertegenwoordigers van het kapitaal, bijvoorbeeld op het ministerie van Economische Zaken. Zij zijn exponenten van de nationale bourgeoisie maar ook van de buitenlandse monopolies. Daarom hebben we een structuur als het Revolutionair Volksblok nodig, al zullen wij de Patriottische Pool niet verlaten.
Een gemeenschappelijk kenmerk van krachten die werken aan het Bolivariaans proces is het anti-imperialisme. Wat houdt dit precies in?
CW
In de kern betekent het anti-imperialisme voor Venezuela soevereiniteit; territoriale, economische en sociale onafhankelijkheid. In dit opzicht is onder Chávez al veel bereikt. Vroeger hadden de Verenigde Staten bijvoorbeeld een kantoor in ons ministerie van Defensie. Dit werd zeer snel gesloten. Onder de bevolking heerst een anti-imperialistisch bewustzijn dat voortbouwt op het denken van onze bevrijder Simón Bolívar in de 19e eeuw. We streven ernaar om met het Revolutionaire Volksblok de grote meerderheid achter ons te krijgen. Daarvoor moeten we meer dan 15 miljoen mensen voor ons zien te winnen.
Hoe perspectiefvol is dat?
CW
Er is nog een lange weg te gaan. Het voordeel van Venezuela is echter dat brede lagen van onze bevolking mede dankzij Chávez een hoog politiek bewustzijn hebben. Ook het leger is anti-imperialistisch ingesteld. De strijdkrachten vormen een belangrijke kracht in het politieke werk. In het Revolutionair Volksblok richten we ons op samenwerking met de wijkraden, met de basisorganisaties van de bevolking dus. De kwestie van de politieke macht staat op de agenda. Naast het fascistisch gevaar of het terugdringen van de tot dusver behaalde resultaten is er nog een derde mogelijkheid: de eenmaal ingezette revolutie die vooral anti-imperialistisch van aard was stap voor stap verdiepen tot een antikapitalistische strijd zodat we van een waarachtige politieke en sociale revolutie kunnen spreken. Deze mogelijkheid zien ook onze tegenstanders. Daarom richten zij hun pijlen op Venezuela. In Argentinië of Brazilië is dit revolutionaire moment nog niet zo zichtbaar hoewel er door het regeringsbeleid wel vooruitgang geboekt is.

We schieten aardig op met de opbouw van het Revolutionair Volksblok maar staan onder enorme tijdsdruk, wetende dat de Verenigde Staten opnieuw de controle over Latijns-Amerika willen overnemen. Zij weten al voor wanneer 'dag X' gepland is, wanneer het plan voor de aanval op Venezuela uitgevoerd wordt. Wij weten dat niet.

U hebt het over een 'dag X'. Acht u een buitenlandse interventie waarschijnlijker dan een burgeroorlog?
CW
Beide scenario's zijn mogelijk. Welke vorm ze kiezen hangt mede af van het machtsevenwicht in de Verenigde Staten. De Vierde Vloot van de Amerikaanse marine is direct inzetbaar in Latijns-Amerika. De nieuwe admiraal Kurt Tidd heeft een reputatie in 'zachte staatsgrepen', coups zonder directe interventie van de Verenigde Staten. In veel Arabische landen hebben ze dit al klaargespeeld. Ook hier is iets dergelijks mogelijk, maar niet gemakkelijk.
Waarom is een 'zachte staatsgreep' in Venezuela moeilijker?
CM
Omdat er ondanks alle moeilijkheden sprake is van een Latijns-Amerikaanse eenheid. Half juni vond er in de Organisatie van Amerikaanse Staten een stemming plaats waardoor Luis Almagro, de secretaris-generaal van de OAS, op het matje geroepen werd en geen maatregelen tegen ons kon nemen. Veel regeringen verzetten zich tegen de Verenigde Staten. In het Midden-Oosten zou zoiets onmogelijk zijn. Vooral de Caribische landen zetten zich gezamenlijk fel af tegen de VS, hoewel Obama hen vorig jaar aan de vooravond van de Top van de Amerika's in Panama allerlei beloften deed als zij met Venezuela zouden breken. Ze blijven verbonden aan het door Venezuela geleide solidariteitsverbond Petrocaribe.

Bron: junge Welt, 20 mei 2016, vertaling Frans Willems.

©MANIFEST KRANT van de NCPN
Haarlemmerweg 177, 1051 LB, Amsterdam, tel.: 020-6825019