Biden zet Koude Oorlog voort

i-009-026.jpg
De handen van Joe Biden bij zijn inauguratie. (Foto: ZLV)

Greg Godels (*)

Joe Bidens eerste week in het Witte Huis voorliep voorspoedig. Bijzonder fanatiek begon hij veel ongedaan te maken van wat Trump ongedaan maakte van Obama's presidentschap. Feitelijk keert hij terug naar de Amerikaanse politiek van 2016. Voor mensen die alleen maar verlangden naar het vertrek van Trump en naar een terugkeer naar wat zij zagen als een geruststellend verleden was Bidens overwinning reden voor een feestje.

Voor hen die een antwoord willen op de voortrazende pandemie die al meer levens heeft gekost dan de Tweede Wereldoorlog, voor hen die vrezen voor de toekomst van de miljoenen nieuwe werklozen als gevolg van de pandemie, voor de miljoenen die een huurachterstand hebben en hun huis uitgezet dreigen te worden, en voor de bijna drie miljoen huiseigenaren die hun hypotheek niet meer kunnen betalen, valt er voorlopig nog weinig te vieren.

Ondanks de officiële wisseling van de wacht, blijft de afstand tussen arm en rijk groeien. En steeds meer werkende mensen worden ingelijfd in de gelederen van de armen. Het rampzalige pandemiejaar heeft de onzekerheid en de angst vergroot, waardoor de consumentenbestedingen de afgelopen drie maanden sterk zijn teruggelopen. Of de oplossingen uit 2016 de problemen van 2021 kunnen oplossen is twijfelachtig.

Bidens beleid is echter geen één-op-één kopie van dat van Obama. De nieuwe regering is van plan om een aantal elementen van Trumps beleid - en misschien wel de slechtste - voort te zetten. Zo zal Biden onder meer doorgaan met Trumps xenofobische campagne onder het devies 'Koop Amerikaanse waar'. Ook ontbreekt het Biden aan moed om in te gaan tegen de Israëlische apartheid en agressie.

Bovendien lijkt Bidens team net zoals dat van Trump de nadruk te leggen op oorlogsvoering door middel van sancties. Obama besteedde zijn oorlogen vooral uit aan anderen, of hij gebruikte drones. Trump dwong het Amerikaanse beleid af door middel van economische en politieke sancties. Het lijkt er sterk op dat Biden deze even verwoestende, maar schijnbaar minder verderfelijke manier van oorlogsvoering zal overnemen. Biden heeft nog niet laten doorschemeren dat hij de economische strop om de hals van Venezuela, Nicaragua, Iran, Cuba en andere landen die onze leiders trotseren, losser zal maken.

Wél moet gezegd worden dat Biden het START-verdrag met Rusland wil verlengen, een verdrag dat het aantal nucleaire wapens beperkt. Dat is bepaald niet niks.

Daarentegen is Bidens groeiende agressieve houding ten opzichte van de Volksrepubliek China verontrustend te noemen. De vijandigheid ten opzichte van China was in het tijdperk van Obama al fors toegenomen met zijn 'draai naar Azië', een eufemistische benaming voor een beleid waarbij de militaire aandacht naar China werd verlegd.

Op zijn eigen, onnavolgbare wijze wakkerde Trump deze vijandigheid nog verder aan, door middel van torenhoge invoertarieven en strenge sancties. Mede dankzij de volgzame media in de VS kwam China in een nog kwader daglicht te staan. Biden heeft beloofd om China nog harder aan te pakken. Hiermee uit hij een onheilspellend en levensgevaarlijk dreigement aan het adres van de tweede of derde militaire macht in de wereld.

Een vluchtige blik op de recente geschiedenis en de relevante economische gegevens volstaat om de hysterische reactie van de heersende klasse in de VS ten opzichte van China te verklaren. De economische ineenstorting van 2007-2009 bracht de Amerikaanse en Europese economieën aan de rand van de afgrond, terwijl de Chinese economie amper haperingen vertoonde. Snelle stimuleringsmaatregelen zorgden ervoor dat de vitale Chinese economie zich snel kon herstellen. Men zou zelfs kunnen stellen dat de opvering van China voldoende was voor een wereldwijd herstel, of zelfs een noodzakelijke voorwaarde.

Iets meer dan tien jaar later, midden in de voortwoekerende pandemie, bevindt de wereldeconomie zich wederom in de penarie. De Chinese economie vertoont echter veerkracht en groei. In beide situaties en in de tussenliggende periode heeft de Chinese economie opmerkelijke winsten geboekt in vergelijking met haar westerse rivalen. Sinds 2010 zijn de consumentenbestedingen in China met 171,2 procent gestegen, tegen 35,2 procent in de VS.

Het aandeel van China in het wereldwijde bbp is sinds 2016 van 14,2 procent naar 16,8 procent gestegen. Het aandeel van de VS daalde lichtjes, tot 22,2 procent. In het pandemiejaar steeg het Chinese bbp met 2,3 procent terwijl de wereldwijde economische activiteit naar schatting met 4,3 procent zal krimpen en het Amerikaanse bbp met 3,6 procent zal afnemen. Gezien de groei van de Chinese economie is de frustratie in de heersende kringen van de VS te begrijpen. Ze zijn getuige van de groeiende kracht en toenemende wereldwijde invloed van een rivaal.

Ondanks de agressieve tarievenpolitiek van de regering Trump groeide de Chinese export (en import) eind 2020 spectaculair. Ten opzichte van het voorafgaande jaar steeg de export in november 2020 met 21,1 procent en met 18,1 procent in december.

De meest alarmerende statistiek voor de Amerikaanse beleidsmakers is wellicht dat China de Verenigde Staten voor het eerst gepasseerd heeft in nieuwe directe buitenlandse investeringen. Hoewel de VS veel meer inkomende directe buitenlandse investeringen heeft, tonen nieuwe cijfers aan dat investeerders China tegenwoordig als een lucratiever toevluchtsoord beschouwen. Dit veroorzaakt ongetwijfeld een schokgolf door de Amerikaanse kapitalistische klasse.

Het zijn niet de vermeende mensenrechtenschendingen of de inkomensongelijkheid in China die de Amerikaanse vijandigheid uitlokken, en evenmin de Chinese oorlogszucht of agressie. Wél het feit dat China een bedreiging vormt voor de Amerikaanse economische en politieke hegemonie. Nu de economieën van alle landen zo verweven zijn, en de afhankelijkheid van de Chinese voorraden en de Chinese binnenlandse vraag toeneemt, wordt de onderworpenheid aan het Amerikaanse kapitalisme aan het wankelen gebracht. De VS kan het buitenlands beleid van andere landen niet meer zo gemakkelijk dicteren, of hun deuren openbreken voor het Amerikaanse kapitalisme. Simpel gezegd: China wordt een steeds groter probleem voor het VS-imperialisme.

De geschiedenis heeft aangetoond dat wrijving en rivaliteit tussen imperialistische machten de voorwaarden voor oorlog scheppen. Alle grote oorlogen in het tijdperk van het monopoliekapitalisme begonnen als oorlogen over de markten, grondstoffen, kapitaalvermeerdering en de penetratie van kapitaal. Van de oorlogen in het laatste kwart van de negentiende eeuw, via twee wereldoorlogen en nationale bevrijdingsoorlogen tot de omsingeling van Rusland door de NAVO en de Amerikaanse 'draai naar Azië': alle grote oorlogen en oorlogszuchtige confrontaties zijn imperialistische oorlogen.

Het feit dat beide Amerikaanse politieke partijen het eens zijn over het beleid ten aanzien van China (en Rusland) bevestigt het gevaar van de Amerikaanse agressie. Deze consensus strekt zich ook uit over de media die er in de verkiezingstijd niet in slaagden ook maar de geringste discussie over de VS-politiek ten opzichte van China aan te zwengelen.

Helaas zal een groot deel van links en het aan de New York Times verslaafde progressieve gezelschap indommelen en het buitenlands beleid blindelings toevertrouwen aan hun verkozen leiders, net zoals zij deden toen Obama hun president was.

Dit zal een tragische vergissing blijken. Wat we dringend nodig hebben is een massale, waakzame en onafhankelijke vredesbeweging, om de gevaarlijke intriges van het VS-imperialisme en zijn dodelijke oorlogsmachine tegen te gaan.

(*) Bron: ZZ's blog, 28 januari 2021, vertaling Frans Willems.

©MANIFEST KRANT van de NCPN
Haarlemmerweg 177, 1051 LB, Amsterdam, tel.: 020-6825019