Vakbeweging geleid door politieke opportunisten

i-004-012.jpg
ActieOV2018 (Foto: FNV)
i-004-011.jpg
FNV actie in Rotterdam van 'Kom over de brug-Voor14' op 26 juni jl. In het hele land kwamen lokaal actieve vakbondsleden in actie om aandacht te vragen voor de FNV-eis: verhoog het minimumloon naar 14 euro!. Op de foto leden van de CJB en NCPN. (Foto: CJB/Voorwaarts)

Jan Ilsink

De vakbeweging in Nederland wordt geleid vanuit politiek opportunisme. Was dat aanvankelijk vooral gericht op de sociaaldemocratie. Sinds de neergang van de PvdA is de politieke oriƫntatie noodgedwongen verbreed.

Veel slappe compromissen in afgesloten cao's onderstrepen het opportunisme. Zij werden gesloten over de hoofden van de actievoerders heen en waren fnuikend voor de actiebereidheid en strijdbaarheid van de leden.

De poging de 'corona-lasten' af te wentelen op de werkende bevolking zal de 'race naar beneden' in arbeids- en levensvoorwaarden, die in 1982 met het 'Akkoord van Wassenaar' werd ingezet, een extra impuls geven. Deze nieuwe aanval kan alleen worden afgeslagen met een strijdbare leiding die loyaal is aan de leden. Niet met politieke opportunisten!

Primaire arbeidsvoorwaarde: arbeidsloon

Het overgrote deel van de bevolking in Nederland voorziet in zijn bestaan met inkomen uit arbeid. Van hen verricht het grootste deel die arbeid in loondienst. De hoogte van het loon is de belangrijkste, de primaire arbeidsvoorwaarde voor het verrichten van arbeid, voor het leveren van arbeidskracht!

De kapitalistische ondernemer zal arbeidskracht inhuren als de opbrengst in de productie hoger is dan het uitbetaalde loon. De hoogte van het loon (de prijs/waarde van de arbeidskracht) 'beweegt' zich tussen het 'bestaansminimum' - de kosten van levensonderhoud, inclusief bijvoorbeeld sociale en culturele behoeften, de afbetaling van schuld voor het verwerven van kwalificaties door studie - en wat de kapitalist bereid is te betalen na 'veiligstellen' van zijn 'winstmarge' (die mede afhankelijk is van die van de concurrenten).

Loonhoogte

De hoogte van het loon is dus het resultaat van 'loonstrijd' die meestal de vorm aanneemt van onderhandelingen tussen vertegenwoordigers van de 'aanbieder' van arbeidskracht en van degene die de arbeidskracht wil inhuren: tussen werknemer en werkgever.

Onderhandelingen die aan de kant van de werknemer kracht kunnen worden bijgezet met vakbondsacties als werkonderbreking en staking. Voor degenen die arbeidskracht aanbieden, is de vakbond - ongeacht politieke, sociale of culturele verschillen - de 'natuurlijke' organisatie om voor hun belangen op te komen en die zo nodig met vakbondsmacht te ondersteunen.

Vakbondsmacht

Loonstrijd is onderdeel van klassenstrijd die uitdrukking is van de 'ingebakken' tegenstellingen in de kapitalistische samenleving tussen de belangen van werkgevers en die van werknemers. Tegenstellingen die politiek zichtbaar zijn in bijvoorbeeld het onvermogen of onwil van achtereenvolgende regeringen om de groeiende kloof tussen rijk en arm te dichten. De eisen van de arbeidersbeweging tot meer vaste banen en minder 'flex' en 'zzp' zijn eveneens uitdrukking van klassenstrijd. Maar ook de eisen van de heersende klasse 'sociale lasten' zoveel mogelijk bij de werkende bevolking neer te leggen zoals de huidige voorstellen tot verdere fiscalisering van de AOW en pensioen (belasting betalen over de AOW- en pensioenuitkering!).

Deze maatschappelijke tegenstellingen in het kapitalisme vormen de reden dat er naast de staatsmacht van de parlementaire democratie ook arbeidersmacht (zichtbaar in vakbondsmacht) wordt erkend. Dat is voor het zelfvertrouwen en zelfbewustzijn van de werkende bevolking van groot belang. Zij beschikt over een specifiek wapen om haar belangen te verdedigen en verbeteringen af te dwingen!

Eenheid

Deze vakbondsmacht is, zoals we wereldwijd zien, een uiterst belangrijk instrument om voor werkers schadelijke maatregelen tegen te houden. Het veronderstelt echter eenheid in optreden. Want de tegenstanders zullen er alles aan doen deze vakbondsmacht te verbrijzelen door verdeeldheid te zaaien.

Die eenheid vereist daarom een democratisch-centralistische organisatie: een besluit over actie-eisen moet steunen op een ruime meerderheid van de betreffende werkers en de actieleiding is gehouden aan die eisen vast te houden! Een tegenbod van de werkgever of overheid (politiek) moet opnieuw een meerderheidsbesluit krijgen van de actievoerders: acceptatie of voortzetting van de actie en vooralsnog vasthouden aan de eisen. Dat onderstreept het belang van leiding die de taak heeft om voor elk eisenpakket de krachtsverhoudingen te analyseren, de actiebereidheid van de achterban te peilen en over resultaten samen met de actievoerders besluiten te nemen.

Race naar beneden

De vakbondsgeschiedenis in Nederland kent vele successen en nederlagen die zich laten herleiden tot juiste of onjuiste inschatting van eisen en krachtsverhoudingen. Daarbij kan correcte toepassing van het democratisch centralisme zelfs een nederlaag omzetten in versterking van de vakbeweging: inzicht van de actievoerders in eisen en feitelijke krachtsverhoudingen en daarmee de motivatie tot versterking van vakbond en vakbondsmacht.

Op het FNV-congres van 2017 werd besloten de 'race naar beneden te keren'. De eisen in het daarna gelanceerde Offensief, dat uit dit besluit voortkwam, zijn inmiddels in de FNV vergeten en begraven zonder enige terugkoppeling op de leden. Het vertrouwen in de leiding is daardoor verder afgebrokkeld, het animo om in actie te komen eveneens. Vakbondsmacht, het belangrijkste wapen van de werkers voor hun belangen, wordt daarmee onklaar gemaakt en legt de weg verder open voor de 'race naar benden'.

Verdienmodel vakbeweging

Drie concrete voorbeelden van de FNV illustreren hoe actie eenzijdig door de leiding werd beƫindigd met een 'akkoord' zonder terugkoppeling naar de actievoerders en de eisen van de campagne/actie.

  1. De zeer succesvolle campagne van de volkspetitie 'Red de Zorg' in 2015 voor voldoende zorgpersoneel en echte banen (waarvan je kunt leven), geld naar zorg en niet naar bureaucratie, geen bezuinigingen. Een petitie die in enkele maanden bijna een miljoen handtekeningen opleverde.
  2. De staking voor onbepaalde tijd in het streekvervoer voor een cao met onder andere hoger loon en een 'plaspauze' in 2018.
  3. De campagne voor behoud van een collectief en solidair pensioenstelsel met indexatie, geen verhoging van de pensioenleeftijd en iedereen toegang tot het pensioenfonds, met als hoogtepunt de staking in het openbaar vervoer op 28 mei 2019.

In deze drie voorbeelden had de vakbond goud in handen: strijdbare eisen, grote publieke steun en ongekende actiebereidheid. De bond had enorm aan prestige kunnen winnen en ledenwinst boeken. Het omgekeerde is gebeurd:groot ledenverlies en afbreuk van gezag. Waarom? Is dit de prijs voor het sociaal partnerschap? Een derde van de personeelslasten van vakbonden wordt gedekt uit bijdragen van werkgevers en (pensioen)fondsen.

Barre tijden op komst

De door 'corona' versnelde herstructurering van de kapitalistische economie en samenleving en de kosten van de pandemie zullen ongetwijfeld worden afgewenteld op de verworvenheden van werknemers. Het straks gepresenteerde regeerakkoord zal dat ongetwijfeld weer laten zien. Want achtereenvolgende kabinetten en parlementen hebben immers getoond de politiek-economische kaders te volgen die worden aangegeven door de 'Malietoren' en de 'Zuidas'.

Om deze aanvallen af te slaan zal de vakbeweging zich moeten ontdoen van de politiek opportunistische leiding. De democratisch gekozen verenigingsstructuren in de vakbeweging zullen stappen moeten zetten naar een sterke, democratische op eenheid gebaseerde vakbond om daarmee serieus vakbondsmacht in te kunnen zetten! De verenigingsstructuren die dit inzien zullen zich los moeten weken uit de ideologisch verlokkende en bureaucratisch zuigende klei van de polder. De 'polder' is immers heel dichtbij en manifesteert zich in delen van de 'werkorganisatie' van de vakbonden die systematisch het democratisch functioneren van de vereniging belemmeren.

©MANIFEST KRANT van de NCPN
Haarlemmerweg 177, 1051 LB, Amsterdam, tel.: 020-6825019