MOOIE WOORDEN: Een spook waart door Europa

i-005-012.jpg i-005-013.jpg
Truke

Rinze Visser

“Een spook waart door Europa, het spook van het communisme”, zo begint het Communistisch Manifest, in 1848 geschreven door Karl Marx en Friedrich Engels. En dan volgt een opsomming van al diegenen die die voor het opkomend socialisme angst hebben en het verafschuwen. Anticommunisme is dus niet alleen van deze tijd, maar ook van alle andere tijden, zelfs al jaren voor het verschijnen van het Communistisch Manifest. De Commune van Parijs, toen de macht enige tijd in handen van het gewone volk was. En dat laatste is voor machthebbers het ergste wat er is. Een spook waart door Europa, daar moest ik aan denken toen enige jaren geleden tijdens een bijeenkomst iemand zich afvroeg waarom er zoveel weerstand tegen communisme en socialisme is en daarbij zelf het antwoord gaf door te wijzen naar praktijken in voormalige socialistische landen en dan met name in de Sovjet-Unie. Zo herinner ik mij nog dat ik verwees naar die beginregels uit het genoemde Manifest. Toen zelfs van het zaadje waardoor bijvoorbeeld Stalin verwekt kon worden nog geen sprake was, er nog van geen praktijken in socialistische landen - waar het grootkapitaal is onteigend of sterk aan banden is gelegd - sprake kon zijn, werd de standpunten van en het communisme zelf gehaat en bestreden.

Na de Oktoberrevolutie in het tsarenrijk Rusland bleek dat het in het Communistisch Manifest genoemde spook al geen spook meer was. Want ook elders in de wereld en zeker in Europa traden sterke communistische partijen op. De tegenstand werd nog heviger en veranderde deels ook van karakter. Zo vond ik een drietal in het begin van de jaren twintig van de twintigste eeuw uitgegeven brochures terug, welke ik jaren geleden door iemand toegespeeld had gekregen. Zeker ook omdat de geslaagde Oktoberrevolutie onder gelovige arbeiders sympathie had opgewekt werd een brochure uitgegeven met als titel ‘Was Jezus een socialist?’. Het boekwerkje neemt een beschouwing van Karl Kautsky, waarin het beginnende christendom als een voorloper van socialisme en communisme wordt gezien, als aanleiding. Waar Kautsky, tot reformist geworden, hiermee gelovige arbeiders naar de sociaaldemocratie toe probeert te halen, wil de schrijver van de brochure het tegenovergestelde bereiken. Een stellingname tegen klassenstrijd en voor samenwerking tussen arbeiders en bazen.

Zo ook de brochure met de veelzeggende titel ‘Zal de revolutie heil brengen?’ Interessant is om hier de beginregels te citeren: “Ontzaglijke omwentelingen hebben het leven van vele volken beroerd en beroeren het nog. Het bovenste is in menig opzicht naar onder, het onderste naar boven gekomen. Gekroonde machthebbers zijn ten val gebracht, gedood of verjaagd geworden. Anderen zijn op meer of minder gewelddadige wijze omhoog geklommen en beloven door geheel nieuw ordeningen de volkeren welvaart en heil te zullen brengen. Volgens hun beweren is een nieuwe tijd aangebroken”. Ook in dit geschrift is klassenstrijd het ergste dat kan bestaan. Zo volgt dan ergens in het slotgedeelte het volgende: “De Christen-arbeider desgelijks zal trouw en ijverig zijn in zijn werk, zelfs al zou het hem toegemeten loon te gering zijn, want hij weet dat hij geen dienaar van mensen is, doch een slaaf des Heeren(...)”. Commentaar lijkt mij hier overbodig.

De derde brochure heeft als titel ‘Socialisme zonder klassenstrijd’. Het economisch leven, zo wordt hier beschreven, zal pas tot gezondheid komen als tussen kapitaal en arbeid het evenwicht gevonden wordt dat voor een normale groei noodzakelijk is. “Dat is niet mogelijk door de overwinning te brengen aan een der twee, aan de arbeiders bijvoorbeeld in plaats van aan de kapitalisten. De economische nood van heden is juist ontstaan doordat een der twee heerst, zodat het evenwicht verbroken werd”. Klassenstrijd uit den boze dus. Ook hier. Ook toen. Toen was 1929, het begin van de grote crisis van het kapitalisme. De crisis die tot massawerkloosheid leidde, tot forse loon- en steunverklaringen, tot bittere armoede onder de arbeidersbevolking. De boodschap was dus toen: kom niet in verzet, samen met de kapitalisten uit de crisis proberen te komen... De grote crisis waarin het fascisme aan macht kon winnen...

Anticommunisme heeft veel gedaanten. Anticommunisme is zeker niet alleen gericht tegen communistische partijen of personen. Zelfs in een land als Nederland, waar nog maar een kleine communistische partij bestaat, is er anticommunisme op grote schaal. Onderschat niet de jarenlange indoctrinatie van de bevolking. De angst voor en de aanwakkering van afkeer van ‘het spook’ dat al vanaf de Parijse Commune bestaat, is nooit weggeweest. Ik durf op deze plaats te beweren dat de bereidheid bij inwoners van Nederland om vluchtelingen uit Oekraïne op te vangen deels te maken heeft met aanwezig anticommunisme. Dat jarenlang aangewakkerde anti-Ruslandgevoelens een anticommunistische lading hebben. Dat meer dan dertig jaar kapitalistisch bewind in Rusland bij grote delen van de bevolking naar communisme en socialisme ruikt.

Latent aanwezig anticommunisme is in de wereldpolitiek ook nodig om de wereldheerschappij van het grootkapitaal in stand te houden en in het belang van economische machtsblokken om markten te veroveren of te behouden’. Anticommunisme is noodzakelijk om de massa’s te laten denken dat er geen alternatieven voor kapitalisme zijn. En..., dat crisis net zoals natuurverschijnselen normaal zijn. Waarmee de mensheid maar mee moet leven. Opdat de komende nieuwe bezuinigingen als oplossingen van de zoveelste crisis aanvaard moeten worden. Of, zoals nu al in verband met de oorlog in Oekraïne en de gevolgen daarvan, gezegd wordt dat de mensen een verlaging van het levensniveau moeten accepteren voor het behoud van vrijheid, van Europese waarden en ‘onze manier van leven’. Onze manier van leven? Dat de dagelijkse boodschappen, de benzine en wat al niet veel duurder zijn geworden. Dat is voor heel veel mensen nu ‘onze manier van leven’. Maar dat bedoelen anticommunisten niet!


Haarlemmerweg 177, 1051 LB, Amsterdam, tel.: 020-6825019